Alweer juni. Ongelofelijk hoe al die maanden als zandkorrels door je vingers glippen. Nog even en we zitten weer aan de oliebollen. (Nu niet gaan overdrijven Els)
Juni, de zomer schijnt nu toch echt op reis te zijn naar onze contreien. De tuin heb ik nog niet echt hoeven sproeien dankzij alle 'zegen komt van boven'.
Nu kan ik wel een hele klaagzang gaan houden over de niet zo zonnige meimaand maar van die uurtjes zon heb ik wel optimaal genoten hoor, Met een boek in de tuin, met een schoffel in de tuin, snoeischaar en andere hoognodig tuinzaken. Ik heb me prima vermaakt.
Ik heb zo'n donkerbruin vermoeden dat het komend weekend de geur van vers gemaaid gras vermengt wordt met opstijgende bbq-geuren.
Voor jullie heb ik een heerlijke, kleverige, kruidige Aziatische bbq-saus. Niet om op je bord te mikken en daar je vlees of vis doorheen te halen. Het is bedoeld om vlees en vis mee te bestrijken terwijl het zachtjes ligt te garen boven de gloeiende houtskooltjes. Of in je grillpan.
Maak het een dezer dagen al, schenk in een pot, sluit af en zet het lekker in de koelkast. Heb je dat alvast klaar. Het blijft ook nog eens weken goed.
Zoals je in de ingrediëntenlijst ziet gebruik ik sriracha. Wij beginnen een verslaving aan dat spul te ontwikkelen. Sriracha is een pittige chilisaus. Veel pepers dus, maar ook suiker, knoflook, water en azijn. En met pittig bedoel ik echt pittig. Hot, vlammend. Maar niet vervelend heet. Heerlijk op een spiegelei, doe wat druppels door de mayonaise, gebruik het in marinades en sauzen, Het is te koop in diverse smaken en gradaties van pittigheid bij de toko, online en ik denk ook wel bij de meeste supermarkten. De Jumbo heeft het in ieder geval.
Zelf maken is ook niet zo moeilijk. Zodra over een paar maanden mijn pepers weer vrolijk bungelen ga ik er mee aan de slag. Nog even geduld dus :-)
Je hebt nodig:
150 ml sojasaus (geen ketjap dus) - 50 ml water - 120 gram lichtbruine basterdsuiker - 50 ml mirin - 2 el rijstwijn azijn (andere azijn mag ook) - 2 el sesamolie - 3 gedroogde pepers - 5 cm gember - 3 teentjes knoflook - 2 el sriracha - 1 el gembersiroop - 1/4 tl gemalen zwarte peper - 2 lenteuitjes - 2 el maïzena - 2 el water.
Zo maak je het:
Giet sojasaus, mirin, rijstwijnazijn, 50 ml water, sesamolie, sriracha en gembersiroop in een pan.
Hak de lenteui heel fijn en voeg toe.
Rasp de gember en knoflook. Mik het erbij samen met zwarte peper en verkruimelde pepers.
Zoals je weet zit het mond verbrandende gedeelte van de pepers in de zaden en zaadlijsten. Ben je niet zo pittig ingesteld, schudt dan de zaadjes eruit. Scheelt een hoop. Of pak 1 peper met zaadjes en 2 zonder. Gewoon even aanpassen aan je eigen smaak.
Roer alles door elkaar en breng het aan de kook. Laat 5 minuten zachtjes sudderen.
Maak van de maïzena en de twee eetlepels water een papje.
Giet het erbij en roer tot een gebonden saus ontstaat. Zodra de saus op de achterkant van een lepel blijft plakken is het goed.
Vuur uit en af laten koelen om het vervolgens over te schenken in een pot.
Dat is het. Lekker simpel he. Waarom gebruik ik in dit geval maïzena en laat ik de saus niet al sudderend indikken tot de gewenste dikte?
De smaak wordt dan veel te heftig en het zout gaat overheersen. Door de suiker krijg je dan eerder een stroop in plaats van een saus. Vandaar dus.
Gebruik de saus zoals gezegd om vlees, vis of groente mee te bestrijken tijdens het grillen, bakken, braden.
Spareribliefhebbers, jullie moeten ja echt moeten dit proberen met die heerlijk malse ribbetjes!
Posts tonen met het label Aziatisch. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Aziatisch. Alle posts tonen
maandag 1 juni 2015
Aziatische Barbecuesaus
Labels:
Aziatisch,
BBQ,
Dip,
Dressing,
Recept,
Saus,
Spicy,
Vegetarisch,
Wereldkeuken
maandag 20 april 2015
Salade met kip en Aziatische dressing
Salades in alle soorten en maten kunnen wat mij betreft in elk seizoen. Maar vooral in de lente en de zomer wanneer het zonnetje heerlijk schijnt, de temperatuur aangenaam is lijkt het of we er dubbel van genieten.
Daarnaast kun je met niet al te ingewikkelde ingrediënten in een wip een schaal vol op tafel toveren.
Vorige week woensdag was de eerste zomerse dag van het jaar. Het kwik haalde hier volgens mij de 25 graden wel. Heerlijk!
Omdat ik wat later thuis zou zijn bakte ik 's ochtends vroeg de kip al om het daarna veilig in de koelkast te stoppen.
Hoefde ik 's avonds alleen nog maar een dressing te kloppen en de rest van het spul in een schaal met elkaar te vermengen.
Op een dressing met een Aziatisch tintje ben ik behoorlijk dol. De combinatie zoet, zuur, zout en spicy vind ik tongstrelend. Het past geweldig bij wat hardere groente zoals koolsoorten, wortel.
Maak er eventueel nog wat noedels bij, schep dat er ook door en voilá er is een heerlijke noedelsalade geboren.
Je kunt het trouwens ook prima mee naar je werk of school nemen. Doe de dressing dan wel even apart in een potje en hussel het ter plekke erdoor.
Je hebt nodig voor 2 personen:
1/3 Chinese kool - 2 winterwortels - 150 gram fijngesneden rode kool ( ik deed gemakkelijk en pakte een zakje) - 3 lenteuitjes - flinke handvol gemengde scheuten (alfalfa, preischeuten, china rose oid) - 2 kippenbouten - zout en peper - scheutje zonnebloem-of arachideolie - 2 el gebakken uitjes - paar ringetjes rode peper - partje limoen
Voor de dressing:
3 el chinese sojasaus - 3 el rijstazijn - sap van een halve limoen - 3 el arachideolie - 1 el suiker - 1 teentje knoflook - 2 tl vissaus - 1 rode peper.
Zo maak je het:
Verdeel de bouten even in dij en drumstick. Dat is heel eenvoudig. Voel met je vinger waar het scharnier zit tussen beide delen, zet er een scherp mes op en snijd het door.
Wrijf de kip in met zout en peper en bak ze in een scheutje olie om en om bruin. Zet het vuur laag, leg een deksel op de pan en laat ze in ongeveer 35 minuten rustig gaar worden. Draai af en toe om.
Laat ze vervolgens afkoelen en stop tot gebruik in de koelkast als je het pas 's avonds of de volgende dag gebruikt.
Haal het er wel op tijd uit zodat de koelkastkou er af is of doe zoals ik en laat het in een koekenpan zachtjes warm worden terwijl je met de rest van de salade bezig bent.
Verwerk je het wel meteen laat het dan afkoelen tot lauw.
Snijd de chinese kool in smalle repen, de wortel julienne en de lenteui in ringetjes. Vermeng dit in een kom of schaal met de rode kool
Klop een dressing van de sojasaus, rijstazijn, limoen, arachideolie, suiker en vissaus.
Snipper de knoflook en snijd een halve rode peper of meer in dunne ringetjes. Schep dat door de dressing.
Gebruik ongeveer de helft van de dressing om de salade op smaak te brengen. Geef de rest er apart bij.
Strooi de scheutjes over de salade. Trek de kip in stukjes, leg op de salade en maak af met gebakken uitjes en wat partjes limoen. Eventueel nog een paar ringetjes rode peper maar dat moet je zelf maar bepalen.
Zo heb je dus een lichte zomerse maaltijd en zoals gezegd door wat noedels toe te voegen is het perfect voor mensen met wat meer trek.
Daarnaast kun je met niet al te ingewikkelde ingrediënten in een wip een schaal vol op tafel toveren.
Vorige week woensdag was de eerste zomerse dag van het jaar. Het kwik haalde hier volgens mij de 25 graden wel. Heerlijk!
Omdat ik wat later thuis zou zijn bakte ik 's ochtends vroeg de kip al om het daarna veilig in de koelkast te stoppen.
Hoefde ik 's avonds alleen nog maar een dressing te kloppen en de rest van het spul in een schaal met elkaar te vermengen.
Op een dressing met een Aziatisch tintje ben ik behoorlijk dol. De combinatie zoet, zuur, zout en spicy vind ik tongstrelend. Het past geweldig bij wat hardere groente zoals koolsoorten, wortel.
Maak er eventueel nog wat noedels bij, schep dat er ook door en voilá er is een heerlijke noedelsalade geboren.
Je kunt het trouwens ook prima mee naar je werk of school nemen. Doe de dressing dan wel even apart in een potje en hussel het ter plekke erdoor.
Je hebt nodig voor 2 personen:
1/3 Chinese kool - 2 winterwortels - 150 gram fijngesneden rode kool ( ik deed gemakkelijk en pakte een zakje) - 3 lenteuitjes - flinke handvol gemengde scheuten (alfalfa, preischeuten, china rose oid) - 2 kippenbouten - zout en peper - scheutje zonnebloem-of arachideolie - 2 el gebakken uitjes - paar ringetjes rode peper - partje limoen
Voor de dressing:
3 el chinese sojasaus - 3 el rijstazijn - sap van een halve limoen - 3 el arachideolie - 1 el suiker - 1 teentje knoflook - 2 tl vissaus - 1 rode peper.
Zo maak je het:
Verdeel de bouten even in dij en drumstick. Dat is heel eenvoudig. Voel met je vinger waar het scharnier zit tussen beide delen, zet er een scherp mes op en snijd het door.
Wrijf de kip in met zout en peper en bak ze in een scheutje olie om en om bruin. Zet het vuur laag, leg een deksel op de pan en laat ze in ongeveer 35 minuten rustig gaar worden. Draai af en toe om.
Laat ze vervolgens afkoelen en stop tot gebruik in de koelkast als je het pas 's avonds of de volgende dag gebruikt.
Haal het er wel op tijd uit zodat de koelkastkou er af is of doe zoals ik en laat het in een koekenpan zachtjes warm worden terwijl je met de rest van de salade bezig bent.
Verwerk je het wel meteen laat het dan afkoelen tot lauw.
Snijd de chinese kool in smalle repen, de wortel julienne en de lenteui in ringetjes. Vermeng dit in een kom of schaal met de rode kool
Klop een dressing van de sojasaus, rijstazijn, limoen, arachideolie, suiker en vissaus.
Snipper de knoflook en snijd een halve rode peper of meer in dunne ringetjes. Schep dat door de dressing.
Gebruik ongeveer de helft van de dressing om de salade op smaak te brengen. Geef de rest er apart bij.
Strooi de scheutjes over de salade. Trek de kip in stukjes, leg op de salade en maak af met gebakken uitjes en wat partjes limoen. Eventueel nog een paar ringetjes rode peper maar dat moet je zelf maar bepalen.
Zo heb je dus een lichte zomerse maaltijd en zoals gezegd door wat noedels toe te voegen is het perfect voor mensen met wat meer trek.
Labels:
Aziatisch,
Dressing,
Kip,
Koken voor 2,
Lunch,
Recept,
Salade,
Spicy,
Wereldkeuken
woensdag 4 maart 2015
Salade met rijstnoedels, rundvlees en nuoc cham
Zodra het maart is begint het bij mij te kriebelen.
Net of ik weer wakker word na een lange winterslaap. Mijn innerlijke batterijen laden zich op en ik krijg weer zin. Zin om van alles te ondernemen.
Lekker naar buiten, die tuin in. De borders ontdoen van hun winterdekje en ontdekken dat van alles voorzichtig de kopjes boven de grond uitsteekt, zoekend naar licht.
Stiekem kijk ik nog wat verder naar voren. De zwaardere winterkost, hoe lekker ook, wuif ik een vrolijk tot ziens toe en wentel me in het vooruitzicht van de asperges. Goed, ik moet nog even geduld hebben maar de voorpret doet ook al veel niet waar.
Om het voorjaar feestelijk af te trappen deze heerlijke lichte salade met een beetje pit en wat vrolijke krakers.
Rijstnoedels met gemarineerde rundvleesreepjes, pinda's, krokante uitjes en de Vietnamese dipper nuóc chãm.
Heel simpel om te maken en ook nog eens zo klaar!
Je hebt nodig voor 3 personen:
220 gram rijstnoedels (te koop bij de toko maar ook in de meeste supermarkten) - 350 gram bieflappen - 2 stengels citroengras - 2 knoflookteentjes - 2 el vissaus - 2 el arachide- of zonnebloemolie - 1 flinke ui - peper en zout - gemengde sla naar keuze - ongezouten pinda's - gebakken uitjes (potje/bakje toko of supermarkt of zelf maken ;-)) - blaadjes basilicum - voor de liefhebbers wat ringetjes rode peper.
Voor de dressing:
1 Spaanse peper zonder zaadjes - 1 teentje knoflook - 3 el suiker - 5 el vissaus -1 el rijstazijn -125 ml water - 1 limoen - vijzel
We maken eerst de dressing:
De Spaanse peper is relatief mild, je kunt natuurlijk ook de veel vlammendere Thaise gebruiken, een Santaka of andere soort.
Hak de peper grof evenals het teentje knoflook. Vijzel het tot een smeuïge pasta. Bij gebrek aan vijzel kun je ook de staafmixer gebruiken.
Voeg de suiker toe en stamp door tot de suiker helemaal rood is.
Breng het water aan de kook, voeg de pasta , vissaus en rijstazijn toe en roer het lekker door. Laat nu een paar minuten zachtjes inkoken. Pas op dat het niet te stroperig wordt.
Voeg het sap van een halve tot driekwart limoen toe. Even proeven wat je zelf het lekkerste vindt. Zet op zij en laat afkoelen.
Verder met de salade.
Snijd de bieflappen in dunne reepjes. Hak het wit van 1 citroengrasstengel fijn plus het andere knoflookteentje. Hevel de stukjes vlees over in een kom samen met citroengras en knoflook. Giet er 2 eetlepels vissaus bij en hussel de boel goed door. dek het af en laat een half uurtje staan.
Vul een flinke pan met water, breng aan de kook. Mik de rijstnoedels erin, roer door en zet het vuur meteen uit. Een paar minuten later zijn de noedels zacht. Giet ze in een vergiet en spoel meteen af met koud water om te voorkomen dat het een papperige toestand wordt.
Laat ze uitlekken in het vergiet.
Snijd de ui in dunne ringen, hak het wit van de andere stengel citroengras en snipper een teentje knoflook.
Verhit 2 el olie en roerbak hierin de ui, citroengras en knoflook een seconde of tien. Dan het gemarineerde vlees erbij. Bak op hoog vuur al omscheppend een minuut of vijf tot het vlees rondom bruin is Doordat het vlees dun is gesneden is het nu ook meteen klaar en nog lekker sappig. Bestrooi met peper en zout.
Pak een paar kommen of diepe borden. Verdeel er sla over, leg dan de rijstnoedels erop. Besprenkel met wat dressing. Top af met de reepjes rundvlees. Vergeet de meegebakken ui en citroengras niet.
Strooi er pinda's en de krokante uitjes over, wat in stukjes gescheurde blaadjes basilicum, ringetjes rode peper of wat ook lekker is stukjes lenteui.
Zet de rest van de dressing op tafel samen met nog wat pinda's en gebakken uitjes.
Eet smakelijk.
Bron: Hanoi Street Food/ Tom Vandenberghe en Luk Thys
Net of ik weer wakker word na een lange winterslaap. Mijn innerlijke batterijen laden zich op en ik krijg weer zin. Zin om van alles te ondernemen.
Lekker naar buiten, die tuin in. De borders ontdoen van hun winterdekje en ontdekken dat van alles voorzichtig de kopjes boven de grond uitsteekt, zoekend naar licht.
Stiekem kijk ik nog wat verder naar voren. De zwaardere winterkost, hoe lekker ook, wuif ik een vrolijk tot ziens toe en wentel me in het vooruitzicht van de asperges. Goed, ik moet nog even geduld hebben maar de voorpret doet ook al veel niet waar.
Om het voorjaar feestelijk af te trappen deze heerlijke lichte salade met een beetje pit en wat vrolijke krakers.
Rijstnoedels met gemarineerde rundvleesreepjes, pinda's, krokante uitjes en de Vietnamese dipper nuóc chãm.
Heel simpel om te maken en ook nog eens zo klaar!
Je hebt nodig voor 3 personen:
220 gram rijstnoedels (te koop bij de toko maar ook in de meeste supermarkten) - 350 gram bieflappen - 2 stengels citroengras - 2 knoflookteentjes - 2 el vissaus - 2 el arachide- of zonnebloemolie - 1 flinke ui - peper en zout - gemengde sla naar keuze - ongezouten pinda's - gebakken uitjes (potje/bakje toko of supermarkt of zelf maken ;-)) - blaadjes basilicum - voor de liefhebbers wat ringetjes rode peper.
Voor de dressing:
1 Spaanse peper zonder zaadjes - 1 teentje knoflook - 3 el suiker - 5 el vissaus -1 el rijstazijn -125 ml water - 1 limoen - vijzel
We maken eerst de dressing:
De Spaanse peper is relatief mild, je kunt natuurlijk ook de veel vlammendere Thaise gebruiken, een Santaka of andere soort.
Hak de peper grof evenals het teentje knoflook. Vijzel het tot een smeuïge pasta. Bij gebrek aan vijzel kun je ook de staafmixer gebruiken.
Voeg de suiker toe en stamp door tot de suiker helemaal rood is.
Breng het water aan de kook, voeg de pasta , vissaus en rijstazijn toe en roer het lekker door. Laat nu een paar minuten zachtjes inkoken. Pas op dat het niet te stroperig wordt.
Voeg het sap van een halve tot driekwart limoen toe. Even proeven wat je zelf het lekkerste vindt. Zet op zij en laat afkoelen.
Verder met de salade.
Snijd de bieflappen in dunne reepjes. Hak het wit van 1 citroengrasstengel fijn plus het andere knoflookteentje. Hevel de stukjes vlees over in een kom samen met citroengras en knoflook. Giet er 2 eetlepels vissaus bij en hussel de boel goed door. dek het af en laat een half uurtje staan.
Vul een flinke pan met water, breng aan de kook. Mik de rijstnoedels erin, roer door en zet het vuur meteen uit. Een paar minuten later zijn de noedels zacht. Giet ze in een vergiet en spoel meteen af met koud water om te voorkomen dat het een papperige toestand wordt.
Laat ze uitlekken in het vergiet.
Snijd de ui in dunne ringen, hak het wit van de andere stengel citroengras en snipper een teentje knoflook.
Verhit 2 el olie en roerbak hierin de ui, citroengras en knoflook een seconde of tien. Dan het gemarineerde vlees erbij. Bak op hoog vuur al omscheppend een minuut of vijf tot het vlees rondom bruin is Doordat het vlees dun is gesneden is het nu ook meteen klaar en nog lekker sappig. Bestrooi met peper en zout.
Pak een paar kommen of diepe borden. Verdeel er sla over, leg dan de rijstnoedels erop. Besprenkel met wat dressing. Top af met de reepjes rundvlees. Vergeet de meegebakken ui en citroengras niet.
Strooi er pinda's en de krokante uitjes over, wat in stukjes gescheurde blaadjes basilicum, ringetjes rode peper of wat ook lekker is stukjes lenteui.
Zet de rest van de dressing op tafel samen met nog wat pinda's en gebakken uitjes.
Eet smakelijk.
Bron: Hanoi Street Food/ Tom Vandenberghe en Luk Thys
Labels:
Aziatisch,
Boekenkast,
Dip,
Dressing,
Kookboek,
Limoen,
Recept,
Rijst,
Rundvlees,
Salade,
Wereldkeuken
maandag 12 januari 2015
Gebakken rijst met snijbonen
Snijbonen zijn op bonengebied stiekem onze favoriet. Daarmee wil ik de sperzieboon, de sugar snap, de haricot vert en de peul echt niks tekort doen, zij sieren óók frequent onze dis.
Was het vroeger in het ouderlijk huis de vaste begeleider van de pieper en gehaktbal, ik serveer ze regelmatig bij Aziatisch aandoende maaltijden. Samen met wat sambal of een rode peper, een scheutje ketjap en wat gebakken uitjes bijvoorbeeld, gesnipperd sjalotje erdoor en klaar is je onhollandse snijboon. Dit doe ik overigens ook met de sperzieboon.
Maar wat ook niet te versmaden is om de kort voorgekookte snijboon door de gebakken rijst te husselen.
Kijk, het is geen recept van ohlalala wat zijn we heerlijk vernieuwend bezig. Nee, het is gewoon een ideetje, iets anders dan anders. Want wie van jullie schept wel eens snijbonen door zijn rijst? Nou?
Dat dacht ik al :-)
Het geheim van goede gebakken rijst is niet zo bijzonder ingewikkeld. Je moet er gewoon voor zorgen dat je de rijst ruim van tevoren kookt en af laat koelen. Gebakken rijst is in veel landen immers niks meer of minder dan een restjesverwerker. Wij eten niet iedere dag rijst dus moeten we wat eerder aan de bak.
Zelf gebruik ik hiervoor altijd Surinaamse rijst, een langkorrelige soort. Die wordt mooi droog, in ieder geval via de absorptiemethode . Ook dat is een fluitje van een cent.
1 kopje rijst = 1 1/2 kopje water. Je brengt rijst en water samen langzaam aan de kook, vijf minuutjes pruttelen, uitzetten. De deksel vooral op de pan laten zitten, niet stiekem koekeloeren, dat mag na een minuut of 20. Met een vork losroeren en opscheppen maar. Behalve als je nasi goreng wil maken, gebakken rijst dus. Dan laat je het helemaal afkoelen tot koud.
Je hebt nodig voor 3 personen:
200 gram rijst - 400 gram snijbonen - 2 eieren - 1 banaansjalot - 1 flinke teen knoflook, anders 2 - stukje verse gember, ongeveer 1/2 cm - 1 tl sambal manis - 1 el ketjap manis - 1 el ketjap asin - 1/2 tl sriracha ( saus op basis van pepers en knoflook, te koop bij supermarkt en toko) - zonnebloem- of arachideolie
Zo maak je het:
Kook de rijst gaar via bovenstaande methode en laat koud worden.
Snijd de snijbonen in smalle stukjes, kook ze een minuut of 8 in weinig water. Laat uitlekken.
Snipper de sjalot, knoflook en gember.
Roer de eieren los met een snufje zout en wat zwarte peper. Bak hier in een scheutje olie op niet al te hoog vuur een omelet van. Je hoeft het maar aan 1 kant te bakken. Zodra de bovenkant gestold is, laat je de omelet op een bord glijden en rol je het op.
Verhit in een wok een scheutje olie, fruit hierin de sjalot en gember. Voeg dan pas de knoflook toe om aanbranden te voorkomen. Sambal erbij en weer goed omscheppen. Kieper de rijst erbij en scheppen maar weer. Ketjap manis, ketjap asin, sriracha toevoegen, husselen met die hap.
Nu mogen de snijbonen de wok in, vermeng alles goed.
De omelet in smalle reepjes snijden en toevoegen. Nog even lekker doorwarmen en klaar is Kees.
Geef er gebakken uitjes bij en/of seroendeng
Was het vroeger in het ouderlijk huis de vaste begeleider van de pieper en gehaktbal, ik serveer ze regelmatig bij Aziatisch aandoende maaltijden. Samen met wat sambal of een rode peper, een scheutje ketjap en wat gebakken uitjes bijvoorbeeld, gesnipperd sjalotje erdoor en klaar is je onhollandse snijboon. Dit doe ik overigens ook met de sperzieboon.
Maar wat ook niet te versmaden is om de kort voorgekookte snijboon door de gebakken rijst te husselen.
Kijk, het is geen recept van ohlalala wat zijn we heerlijk vernieuwend bezig. Nee, het is gewoon een ideetje, iets anders dan anders. Want wie van jullie schept wel eens snijbonen door zijn rijst? Nou?
Dat dacht ik al :-)
Het geheim van goede gebakken rijst is niet zo bijzonder ingewikkeld. Je moet er gewoon voor zorgen dat je de rijst ruim van tevoren kookt en af laat koelen. Gebakken rijst is in veel landen immers niks meer of minder dan een restjesverwerker. Wij eten niet iedere dag rijst dus moeten we wat eerder aan de bak.
Zelf gebruik ik hiervoor altijd Surinaamse rijst, een langkorrelige soort. Die wordt mooi droog, in ieder geval via de absorptiemethode . Ook dat is een fluitje van een cent.
1 kopje rijst = 1 1/2 kopje water. Je brengt rijst en water samen langzaam aan de kook, vijf minuutjes pruttelen, uitzetten. De deksel vooral op de pan laten zitten, niet stiekem koekeloeren, dat mag na een minuut of 20. Met een vork losroeren en opscheppen maar. Behalve als je nasi goreng wil maken, gebakken rijst dus. Dan laat je het helemaal afkoelen tot koud.
Je hebt nodig voor 3 personen:
200 gram rijst - 400 gram snijbonen - 2 eieren - 1 banaansjalot - 1 flinke teen knoflook, anders 2 - stukje verse gember, ongeveer 1/2 cm - 1 tl sambal manis - 1 el ketjap manis - 1 el ketjap asin - 1/2 tl sriracha ( saus op basis van pepers en knoflook, te koop bij supermarkt en toko) - zonnebloem- of arachideolie
Zo maak je het:
Kook de rijst gaar via bovenstaande methode en laat koud worden.
Snijd de snijbonen in smalle stukjes, kook ze een minuut of 8 in weinig water. Laat uitlekken.
Snipper de sjalot, knoflook en gember.
Roer de eieren los met een snufje zout en wat zwarte peper. Bak hier in een scheutje olie op niet al te hoog vuur een omelet van. Je hoeft het maar aan 1 kant te bakken. Zodra de bovenkant gestold is, laat je de omelet op een bord glijden en rol je het op.
Verhit in een wok een scheutje olie, fruit hierin de sjalot en gember. Voeg dan pas de knoflook toe om aanbranden te voorkomen. Sambal erbij en weer goed omscheppen. Kieper de rijst erbij en scheppen maar weer. Ketjap manis, ketjap asin, sriracha toevoegen, husselen met die hap.
Nu mogen de snijbonen de wok in, vermeng alles goed.
De omelet in smalle reepjes snijden en toevoegen. Nog even lekker doorwarmen en klaar is Kees.
Geef er gebakken uitjes bij en/of seroendeng
Labels:
Aziatisch,
ei,
Peulvruchten,
Recept,
Rijst,
Rijsttafel,
Snijbonen,
Spicy,
Vegetarisch,
Wereldkeuken
zondag 5 oktober 2014
Kruidige Druivenchutney
Wat een week! Bomvol energie stuiterde ik van de ene activiteit in de andere. Alleen het bloggen schoot er genadeloos bij in. Na een paar dagen begon het te kriebelen en te kriebelen maar helaas het kwam er niet van om eens rustig een recept met jullie te delen.
En dat ga ik op deze wat herfstige zondag even inhalen.
Een chutney met druiven uit mijn favoriete Indiase kookboek 'De Currybijbel'. Het boek is in het Nederlands niet meer verkrijgbaar, ik schreef het al eerder.
Een kruidige chutney met een vlammetje. Hoe pittig het wordt is afhankelijk van de pepersoort die je gebruikt. Zoals jullie weten heb ik een aardige assortiment in mijn tuin staan. Dat is fijn voor mij maar jullie hebben er niet zoveel aan aangezien veel soorten niet zomaar 1,2,3 verkrijgbaar zijn.
Rawits gelukkig wel en die horen oorspronkelijk in dit recept. Zelf gebruikte ik een cayennepeper.
Gebruik gerust Spaanse pepers als je rawits too much vindt.
Bij het checken van de ingrediëntenlijst scanden mijn ogen 'Heb ik, heb ik, heb ik.' Opgewekt dook ik na het boodschappen doen de keuken in. He lekker weer even frutselen. De dozen met kruiden en specerijen gingen open, mijn bruine kijkers flitsten door die ene doos met bakjes hele zaden. Fenegriekzaad, komijnzaad... fenegriekzaad... komijnzaad... waar? Op? Kan niet! Waar zijn die bakjes? Ze bleven onvindbaar in tegenstelling tot 2x kardemom, 3x kurkuma, 2x mosterdzaad en nog zo wat. Grmmbbbl und jetzt? Brouwen we er zelf maar wat van.
En het kwam helemaal goed. Druivenchutney à la Els geïnspireerd door de Currybijbel.
Je hebt nodig voor 1 potje:
300 gram pitloze witte druiven - 1 rode peper - 1 tl gemalen venkelzaad - 1 1/2 tl gemalen komijn - 1 tl maanzaad - 1 tl bruin mosterdzaad - 1/2 el suiker - 1 tl zout - 1 tl gemberpoeder - 1/2 el citroensap - 1/2 el arachideolie.
Was de druiven en halveer ze.
Meng in een kommetje het venkelzaad, de komijn, gember, fijngesneden rode peper zonder zaadjes, citroensap, suiker en zout met 250 milliliter water
Verwarm in een pannetje de olie. Roer het mosterdzaad erdoor. Op het moment dat het mosterdzaad gaat springen, je hoort het vanzelf, mag het maanzaad erbij. Schep het goed om en voeg de inhoud van het kommetje toe.
Breng alles aan de kook en laat het een minuut of 8 zachtjes pruttelen. De vlam eronder en een minuut op hoog.
Mik de druiven erbij, schep het goed door elkaar en kook het in 10 ã 15 minuten zachtjes voor 2/3 in tot een stroperig geheel.
Zodra het bubbelt en bruist in de pan, niet alleen in het midden maar ook langs de zijkant, is het goed.
Schep over in een kommetje of potje en laat afkoelen. Deze chutney is beperkt houdbaar.
Wij aten het gisteren bij Indiase kipkebab. Verrukkelijke combinatie. Past ook prima bij gegrild vlees
En dat ga ik op deze wat herfstige zondag even inhalen.
Een chutney met druiven uit mijn favoriete Indiase kookboek 'De Currybijbel'. Het boek is in het Nederlands niet meer verkrijgbaar, ik schreef het al eerder.
Een kruidige chutney met een vlammetje. Hoe pittig het wordt is afhankelijk van de pepersoort die je gebruikt. Zoals jullie weten heb ik een aardige assortiment in mijn tuin staan. Dat is fijn voor mij maar jullie hebben er niet zoveel aan aangezien veel soorten niet zomaar 1,2,3 verkrijgbaar zijn.
Rawits gelukkig wel en die horen oorspronkelijk in dit recept. Zelf gebruikte ik een cayennepeper.
Gebruik gerust Spaanse pepers als je rawits too much vindt.
Bij het checken van de ingrediëntenlijst scanden mijn ogen 'Heb ik, heb ik, heb ik.' Opgewekt dook ik na het boodschappen doen de keuken in. He lekker weer even frutselen. De dozen met kruiden en specerijen gingen open, mijn bruine kijkers flitsten door die ene doos met bakjes hele zaden. Fenegriekzaad, komijnzaad... fenegriekzaad... komijnzaad... waar? Op? Kan niet! Waar zijn die bakjes? Ze bleven onvindbaar in tegenstelling tot 2x kardemom, 3x kurkuma, 2x mosterdzaad en nog zo wat. Grmmbbbl und jetzt? Brouwen we er zelf maar wat van.
En het kwam helemaal goed. Druivenchutney à la Els geïnspireerd door de Currybijbel.
Je hebt nodig voor 1 potje:
300 gram pitloze witte druiven - 1 rode peper - 1 tl gemalen venkelzaad - 1 1/2 tl gemalen komijn - 1 tl maanzaad - 1 tl bruin mosterdzaad - 1/2 el suiker - 1 tl zout - 1 tl gemberpoeder - 1/2 el citroensap - 1/2 el arachideolie.
Was de druiven en halveer ze.
Meng in een kommetje het venkelzaad, de komijn, gember, fijngesneden rode peper zonder zaadjes, citroensap, suiker en zout met 250 milliliter water
Verwarm in een pannetje de olie. Roer het mosterdzaad erdoor. Op het moment dat het mosterdzaad gaat springen, je hoort het vanzelf, mag het maanzaad erbij. Schep het goed om en voeg de inhoud van het kommetje toe.
Breng alles aan de kook en laat het een minuut of 8 zachtjes pruttelen. De vlam eronder en een minuut op hoog.
Mik de druiven erbij, schep het goed door elkaar en kook het in 10 ã 15 minuten zachtjes voor 2/3 in tot een stroperig geheel.
Zodra het bubbelt en bruist in de pan, niet alleen in het midden maar ook langs de zijkant, is het goed.
Schep over in een kommetje of potje en laat afkoelen. Deze chutney is beperkt houdbaar.
Wij aten het gisteren bij Indiase kipkebab. Verrukkelijke combinatie. Past ook prima bij gegrild vlees
Labels:
Aziatisch,
Bijgerecht,
Chutney,
Druiven,
fruit,
Kookboek,
Recept,
Spicy,
Wereldkeuken
dinsdag 8 juli 2014
Garnalen in luchtig beslag met prei en rode peper
Zin in garnalen. Daar heb ik regelmatig last van. Zeker zo in de zomer wanneer je lekker buiten kunt eten. Gebakken of gegrild met flink wat knoflook, rode peper, een gulle scheut olijfolie en kruidige limoen. Brood erbij, bak sla, je krijgt me zo snel tevreden.
Nu is het dan wel zomer maar om gisteren ons maaltje in de buitenlucht op te peuzelen was niet zo uitnodigend. Maar die garnalen moesten er komen.
Dus maakte ik een beslag zo licht als een veertje. Pelde garnalen en sneed geurige prei in hupse repen.
Greep wat vrolijke pepers uit de mand om ze fluitend fijn te hakken. Als je nu niet zo dol bent op dit pittige gedoe, vervang de rode peper dan gerust door een rode (punt)paprika.
Smaakt er niet minder om alleen anders. En trouwens, de hitte van de Spaanse peper zit voornamelijk in het zaad, verder valt het best mee. Neigt zelfs naar wat zoet. Of we zijn inmiddels immuun dat kan ook.
Voor 2 à 3 personen heb je nodig:
18 grote rauwe garnalen - 3 prei - 3 Spaanse rode pepers - 1 teentje knoflook - stukje gember van ongeveer een cm - 2 el sojasaus - 1 el azijn - 1 eiwit - 1 el plus een beetje maizena - 1 el witte wijn of water - arachide of zonnebloemolie
Zo maak je het:
Pel de garnalen en maak een inkeping over de lengte van de rug. Trek de darmkanaaltjes eruit. Gaat heel gemakkelijk door er even de punt van je mes onder te zetten.
Dep de garnalen goed droog. Helemaal als je garnalen uit de diepvries hebt gebruikt. Leg ze afgedekt tussen twee laagjes keukenpapier op een bord in de koelkast tot gebruik.
Maak de prei schoon. Verwijder een beetje afhankelijk van de dikte de buitenste twee lagen. Snijd iedere stengel in 4 stukken. Halveer ze overlangs. Spoel onder koud water om zandresten te verwijderen en laat uitlekken in een vergiet. Dep ook de prei daarna goed droog.
De pepers mogen ook gehalveerd worden. Zaad eruit halen. Eventueel wat laten liggen voor extra pit.
Teentje knoflook snipperen. Stukje gember even schillen en vervolgens fijnhakken.
Klop het eiwit goed schuimig met de maizena en de witte wijn cq het water.
Verhit in een niet te grote pan een centimeter of twee olie tot 180 graden. Haal de garnalen met chopsticks of een vork door het beslag en bak ze goudbruin. Als je een vork gebruikt, niet in de garnalen prikken maar de vork als een lepel gebruiken. Het overtollige beslag kan er zo ook gemakkelijk af lopen.
Laat ze uitlekken op wat keukenpapier.
Voor de prei een wok of koekenpan goed heet laten worden en dan pas een scheutje olie toevoegen. Roerbak hierin de prei, pepers, knoflook en gember. Blus af met sojasaus en azijn. Garnalen erbij, nog even snel door elkaar husselen en tot slot in een schaal laten glijden.
Serveren met rijst.
Nu is het dan wel zomer maar om gisteren ons maaltje in de buitenlucht op te peuzelen was niet zo uitnodigend. Maar die garnalen moesten er komen.
Dus maakte ik een beslag zo licht als een veertje. Pelde garnalen en sneed geurige prei in hupse repen.
Greep wat vrolijke pepers uit de mand om ze fluitend fijn te hakken. Als je nu niet zo dol bent op dit pittige gedoe, vervang de rode peper dan gerust door een rode (punt)paprika.
Smaakt er niet minder om alleen anders. En trouwens, de hitte van de Spaanse peper zit voornamelijk in het zaad, verder valt het best mee. Neigt zelfs naar wat zoet. Of we zijn inmiddels immuun dat kan ook.
Voor 2 à 3 personen heb je nodig:
18 grote rauwe garnalen - 3 prei - 3 Spaanse rode pepers - 1 teentje knoflook - stukje gember van ongeveer een cm - 2 el sojasaus - 1 el azijn - 1 eiwit - 1 el plus een beetje maizena - 1 el witte wijn of water - arachide of zonnebloemolie
Zo maak je het:
Pel de garnalen en maak een inkeping over de lengte van de rug. Trek de darmkanaaltjes eruit. Gaat heel gemakkelijk door er even de punt van je mes onder te zetten.
Dep de garnalen goed droog. Helemaal als je garnalen uit de diepvries hebt gebruikt. Leg ze afgedekt tussen twee laagjes keukenpapier op een bord in de koelkast tot gebruik.
Maak de prei schoon. Verwijder een beetje afhankelijk van de dikte de buitenste twee lagen. Snijd iedere stengel in 4 stukken. Halveer ze overlangs. Spoel onder koud water om zandresten te verwijderen en laat uitlekken in een vergiet. Dep ook de prei daarna goed droog.
De pepers mogen ook gehalveerd worden. Zaad eruit halen. Eventueel wat laten liggen voor extra pit.
Teentje knoflook snipperen. Stukje gember even schillen en vervolgens fijnhakken.
Klop het eiwit goed schuimig met de maizena en de witte wijn cq het water.
Verhit in een niet te grote pan een centimeter of twee olie tot 180 graden. Haal de garnalen met chopsticks of een vork door het beslag en bak ze goudbruin. Als je een vork gebruikt, niet in de garnalen prikken maar de vork als een lepel gebruiken. Het overtollige beslag kan er zo ook gemakkelijk af lopen.
Laat ze uitlekken op wat keukenpapier.
Voor de prei een wok of koekenpan goed heet laten worden en dan pas een scheutje olie toevoegen. Roerbak hierin de prei, pepers, knoflook en gember. Blus af met sojasaus en azijn. Garnalen erbij, nog even snel door elkaar husselen en tot slot in een schaal laten glijden.
Serveren met rijst.
vrijdag 28 februari 2014
Kip in kruidige kokossaus
We blijven in huize Eetlust een beetje in Aziatische sferen hangen. Het zijn zo van die fases, hebben jullie daar ook last van? Dan hang je weer weken rond in Zuid-Amerika, je ontdekt dat de VS veel meer te bieden heeft dan de hamburger en hotdog of je struint ineens rond door Oost-Europa dankzij een gekozen thema van je eetclub. Ik houd van die wereldreisjes.
Deze week waande ik me ook even in Italië dankzij Wilma die een waanzinnig lekkere pollo al pepe e limone op haar blog had gezet. Zodra ik citroen en limoen hoor ben ik meestal al meteen verkocht.Haar lentefrisse gerecht moet je echt eens maken!
In de kokossaus zit ook een beetje citroen. Het geeft de smaak net dat beetje extra, licht er lekker van op vind ik. Ondanks dat er flink wat rode peper in gaat hoef je niet bang te zijn dat er stoom uit je oren komt, het bloed naar je hoofd stijgt en je je wil onderdompelen in een teil met water. En verder blijft het altijd eenvoudig, minder pepers kan altijd evenals meer. Up to you!
Je hebt nodig voor 4 personen:
4 kippenbouten - 3 rode pepers - 1 ui - 1 1/4 koffielepel ketoembar (gemalen koriander) - 1 koffielepel kurkuma (koenjit) -1 koffielepel kaneel - 2 el citroensap - 1/2 tl trassi - 1 el bruine suiker - zwarte peper - 4 dl kokosmelk - 3 el arachideolie of zonnebloemolie
Zo maak je het:
Halveer de pepers en haal de zaadlijsten eruit. Snijd de pepers in kleine stukjes. Snipper de ui.
Verhit 2 el olie en fruit hierin de ui en rode peper gedurende 5 minuten. Voeg de kruiden toe plus citroensap. Heel eventjes, zeg een halve minuut meebakken. Overhevelen in een bakje en de staafmixer erop zetten. Eventueel een scheutje water toevoegen om de boel wat smeuïger te maken. Maak er een puree van, het hoeft niet helemaal glad te worden.
Verdeel de kippenbouten met en scherp mes in dij en drumstick. Als je op het gedeelte drukt waar drumstick overgaat in dij voel je een gewricht zitten. Als je daar je mes opzet kun je het gemakkelijk en netjes doormidden snijden..
Bak de stukken kip in 1 eetlepel olie in dezelfde pan als waarin het kruidenmengsel is gebakken rondom lichtbruin.
Voeg de kruidenpasta toe en wentel de kip er door. Kokosmelk plus bruine suiker erbij, even roeren en langzaam aan de kook laten komen. Dan mag het vuur laag. Deksel op de pan en in ongeveer 40 minuten gaar en mals stoven.
De kip op een bord of schaal leggen en warm houden. De saus in de pan nu op hoog vuur voor de helft in laten koken. Af en toe roeren. Proeven en eventueel een ietsje pietsje zout toevoegen.
De kip nog even terug in de pan leggen terwijl je het vuur weer laag hebt gezet.
Alles overscheppen in een schaal, en tot slot nog een beetje citroen erover druppelen.
Erbij aten we een eenvoudige nasi goreng. Gebakken rijst met ui, een klein pepertje en op smaak gebracht met een scheutje sojasaus en een klein snufje zout. Omelet bakken, in reepjes snijden en op de nasi goreng leggen. Wat boontjes met tomaat erbij of je roerbakt wat restjes groente, is dat ook weer op.
Eet smakelijk!
Deze week waande ik me ook even in Italië dankzij Wilma die een waanzinnig lekkere pollo al pepe e limone op haar blog had gezet. Zodra ik citroen en limoen hoor ben ik meestal al meteen verkocht.Haar lentefrisse gerecht moet je echt eens maken!
In de kokossaus zit ook een beetje citroen. Het geeft de smaak net dat beetje extra, licht er lekker van op vind ik. Ondanks dat er flink wat rode peper in gaat hoef je niet bang te zijn dat er stoom uit je oren komt, het bloed naar je hoofd stijgt en je je wil onderdompelen in een teil met water. En verder blijft het altijd eenvoudig, minder pepers kan altijd evenals meer. Up to you!
Je hebt nodig voor 4 personen:
4 kippenbouten - 3 rode pepers - 1 ui - 1 1/4 koffielepel ketoembar (gemalen koriander) - 1 koffielepel kurkuma (koenjit) -1 koffielepel kaneel - 2 el citroensap - 1/2 tl trassi - 1 el bruine suiker - zwarte peper - 4 dl kokosmelk - 3 el arachideolie of zonnebloemolie
Zo maak je het:
Halveer de pepers en haal de zaadlijsten eruit. Snijd de pepers in kleine stukjes. Snipper de ui.
Verhit 2 el olie en fruit hierin de ui en rode peper gedurende 5 minuten. Voeg de kruiden toe plus citroensap. Heel eventjes, zeg een halve minuut meebakken. Overhevelen in een bakje en de staafmixer erop zetten. Eventueel een scheutje water toevoegen om de boel wat smeuïger te maken. Maak er een puree van, het hoeft niet helemaal glad te worden.
Verdeel de kippenbouten met en scherp mes in dij en drumstick. Als je op het gedeelte drukt waar drumstick overgaat in dij voel je een gewricht zitten. Als je daar je mes opzet kun je het gemakkelijk en netjes doormidden snijden..
Bak de stukken kip in 1 eetlepel olie in dezelfde pan als waarin het kruidenmengsel is gebakken rondom lichtbruin.
Voeg de kruidenpasta toe en wentel de kip er door. Kokosmelk plus bruine suiker erbij, even roeren en langzaam aan de kook laten komen. Dan mag het vuur laag. Deksel op de pan en in ongeveer 40 minuten gaar en mals stoven.
De kip op een bord of schaal leggen en warm houden. De saus in de pan nu op hoog vuur voor de helft in laten koken. Af en toe roeren. Proeven en eventueel een ietsje pietsje zout toevoegen.
De kip nog even terug in de pan leggen terwijl je het vuur weer laag hebt gezet.
Alles overscheppen in een schaal, en tot slot nog een beetje citroen erover druppelen.
Erbij aten we een eenvoudige nasi goreng. Gebakken rijst met ui, een klein pepertje en op smaak gebracht met een scheutje sojasaus en een klein snufje zout. Omelet bakken, in reepjes snijden en op de nasi goreng leggen. Wat boontjes met tomaat erbij of je roerbakt wat restjes groente, is dat ook weer op.
Eet smakelijk!
Labels:
Aziatisch,
Kip,
Recept,
Rijsttafel,
Stoofpotje,
Wereldkeuken
maandag 24 februari 2014
Wortel en daikon in zoetzuur van rijstazijn uit Hanoi Streetfood
Een tijd geleden kreeg ik van de husband het boek 'Hanoi Streetfood. Koken & Reizen in Vietnam'. Een boek van Tom Vandenberghe en Luk Thys. Vandenberghe is gegrepen door Vietnam en de Aziatische keuken in het algemeen. Verschillende keren reisde hij af naar dit boeiende land waar hij inmiddels ook culinaire rondreizen organiseert.. Al deze reizen resulteerden in deze uitgave waarin hij je mee op pad neemt door de bruisende hoofdstad van Vietnam; Hanoi. Hanoi wordt ook wel het Parijs van Azië genoemd vanwege onder meer haar rijke verleden. Het bestaat inmiddels al meer dan duizend jaar.
Langs authentieke eettentjes, op bezoek bij mensen die hij daar heeft leren kennen en hem wegwijs maakten in deze bijzondere keuken met zijn vaak eeuwen- en eeuwenoude recepten en even zo lange tradities.
De persoonlijke verhalen en de achtergrondinformatie over de cultuur geven het boek dat stukje extra waar ik zo van houd.
Foto's ontbreken niet, niet alleen van de gerechten, ook sfeerfoto's die je een beetje een indruk geven van het (straat)leven aldaar.
Zoals de titel al verraadt heeft het een levendige streetfoodcultuur. Stalletjes en kraampjes al dan niet op een vaste plek in de stad om aldaar te genieten van bijvoorbeeld een kom pho bo, de beroemde noedelsoep.
Rijstpannenkoekjes gevuld met padddenstoelen, stoofpotje van tofoe en shiitake, gefrituurde scampikoekjes, rijstsoep met kip, het zijn zo van die gerechten die hier nog wel eens de keuken uit gaan rollen.
Achterin het boek staan allerlei adresjes voor de beste streetfood. Adresjes waarvan hij overtuigd is dat ze een lang leven beschoren zijn. Dat is handig als je toch eens in de buurt bent.
Tom Vandenberghe verdeelt de Vietnamese keuken in twee regio's. Het Noorden met zijn Chinese invloeden. Minder sterk gekruid maar daarentegen wordt er volop gebruik gemaakt van verse kruiden.
Het zonnige Zuiden profiteert door zijn klimaat van een groter aanbod aan producten. Heeft invloeden uit India en kan beschikken over veel tropische fruitsoorten. Tevens is dit de rijstschuur van Vietnam.
Vissaus is een vaak terugkerende smaakmaker. Iedereen die regelmatig deze saus gebruikt weet dat de reuk niet bepaald aangenaam is of onze westerse neuzen zijn er niet aan gewend dat kan ook. De Romeinen maakten het overigens ook al en noemden het garum of liquamen. Een zoutvervanger is het en in combinatie met andere ingrediënten is het bijna altijd heel verfijnd. Niet overheersend, helemaal goed en in balans. Laat je dus niet weerhouden! Voor meer informatie over vissaus kun je het beste even op Aziatische- Ingrediënten.nl kijken. Sowieso de site waar je moet zijn bij vragen over de Aziatische keuken.
Vissaus komt in deze salade niet voor. Wel in de stoofpot die ik maakte. Met steranijs, rijstwijn, kaneel en tomaten. Ik ben echt een beetje verliefd geworden op de tintelende Vietnamese keuken. De rijke, volle welhaast ontploffende smaken met daar tegenover vederlichte ingelegde zoetzure groente maakt van de maaltijd een heus feest. Zo genoten hebben we van die stoofpot dat het op is. Geen foto dus voorlopig geen recept...sorry. Heb je het boek ook? Maak dan de stoofpot van rundvlees. Het staat op bladzijde 64.
Wel heb ik voor jullie de ingelegde wortel en daikon. Hier meestal te vinden onder de naam rettich. Een eenvoudig receptje waarbij het wel belangrijk is om de dunne reepjes wortel en rettich goed uit te laten lekken voor ze in een pot gaan met de vloeistof erover. Zo blijven ze namelijk lekker knapperig.
Doe dit door iedere keer een handvol van beide in een theedoek te stoppen, dicht te draaien en zo uit te knijpen. Of leg alles in een doek, vouw dicht, leg in een vergiet en zet er een zwaar gewicht op. Laat het zo een half uurtje staan.
Je hebt nodig:
250 gram winterwortels - 250 gram rettich - 200 ml rijstazijn - 4 el suiker - 1 1/2 tl grof zout
Rasp de wortels en schil de rettich. Snijd beide julienne, in heel dunne reepjes dus. Dit kan met de hand, met je keukenmachine of met een speciale juliennesnijder. Net wat voor jou het gemakkelijkste is. Een beetje met de hand snijden is net als met de handen kneden wel zen. Niet te zen, dan snij je in je vingers.
De reepjes wortel en rettich in een kom doen en bestrooien met het zout. Laat het zo een half uurtje staan.
Daarna goed afspoelen en even uit laten lekken in een zeef of vergiet.
Nu pak je een schone keukendoek, legt er een haffeltje groente in, dichtdraaien en knijpen maar tot het zo droog mogelijk is. Of gebruik de methode die ik hierboven al beschreef.
Breng de rijstazijn met de suiker zachtjes aan de kook. Roeren tot de suiker is opgelost. Nu nog even voor 1/3 in laten koken . Af laten koelen.
Stop de uitgeknepen wortel en daikon in een gesteriliseerde pot, giet de vloeistof erover, deksel erop en hupsakee de koelkast in. Het blijft zo zeker twee weken goed.
Past bij bbqgerechten, verrukkelijk op een sandwich of eet het gewoon zo. In Vietnam gaat het onder andere op Bánh My wat niets anders betekent dan belegd broodje en net als bij ons zijn de variaties eindeloos.
Voor Aziëliefhebbers is dit boek zeker een aanwinst. Ben je net als ik niet zo bekend met de Vietnamese keuken dan is het een mooie kennismaking.
Bron: Tom Vandenberghe & Luk Thys, Hanoi Streetfood - koken & reizen in Vietnam, 2011, Lannoo, paperback, 207 blz, isbn: 9789020997835
Langs authentieke eettentjes, op bezoek bij mensen die hij daar heeft leren kennen en hem wegwijs maakten in deze bijzondere keuken met zijn vaak eeuwen- en eeuwenoude recepten en even zo lange tradities.
De persoonlijke verhalen en de achtergrondinformatie over de cultuur geven het boek dat stukje extra waar ik zo van houd.
Foto's ontbreken niet, niet alleen van de gerechten, ook sfeerfoto's die je een beetje een indruk geven van het (straat)leven aldaar.
Zoals de titel al verraadt heeft het een levendige streetfoodcultuur. Stalletjes en kraampjes al dan niet op een vaste plek in de stad om aldaar te genieten van bijvoorbeeld een kom pho bo, de beroemde noedelsoep.
Rijstpannenkoekjes gevuld met padddenstoelen, stoofpotje van tofoe en shiitake, gefrituurde scampikoekjes, rijstsoep met kip, het zijn zo van die gerechten die hier nog wel eens de keuken uit gaan rollen.
Achterin het boek staan allerlei adresjes voor de beste streetfood. Adresjes waarvan hij overtuigd is dat ze een lang leven beschoren zijn. Dat is handig als je toch eens in de buurt bent.
Tom Vandenberghe verdeelt de Vietnamese keuken in twee regio's. Het Noorden met zijn Chinese invloeden. Minder sterk gekruid maar daarentegen wordt er volop gebruik gemaakt van verse kruiden.
Het zonnige Zuiden profiteert door zijn klimaat van een groter aanbod aan producten. Heeft invloeden uit India en kan beschikken over veel tropische fruitsoorten. Tevens is dit de rijstschuur van Vietnam.
Vissaus is een vaak terugkerende smaakmaker. Iedereen die regelmatig deze saus gebruikt weet dat de reuk niet bepaald aangenaam is of onze westerse neuzen zijn er niet aan gewend dat kan ook. De Romeinen maakten het overigens ook al en noemden het garum of liquamen. Een zoutvervanger is het en in combinatie met andere ingrediënten is het bijna altijd heel verfijnd. Niet overheersend, helemaal goed en in balans. Laat je dus niet weerhouden! Voor meer informatie over vissaus kun je het beste even op Aziatische- Ingrediënten.nl kijken. Sowieso de site waar je moet zijn bij vragen over de Aziatische keuken.
Vissaus komt in deze salade niet voor. Wel in de stoofpot die ik maakte. Met steranijs, rijstwijn, kaneel en tomaten. Ik ben echt een beetje verliefd geworden op de tintelende Vietnamese keuken. De rijke, volle welhaast ontploffende smaken met daar tegenover vederlichte ingelegde zoetzure groente maakt van de maaltijd een heus feest. Zo genoten hebben we van die stoofpot dat het op is. Geen foto dus voorlopig geen recept...sorry. Heb je het boek ook? Maak dan de stoofpot van rundvlees. Het staat op bladzijde 64.
Wel heb ik voor jullie de ingelegde wortel en daikon. Hier meestal te vinden onder de naam rettich. Een eenvoudig receptje waarbij het wel belangrijk is om de dunne reepjes wortel en rettich goed uit te laten lekken voor ze in een pot gaan met de vloeistof erover. Zo blijven ze namelijk lekker knapperig.
Doe dit door iedere keer een handvol van beide in een theedoek te stoppen, dicht te draaien en zo uit te knijpen. Of leg alles in een doek, vouw dicht, leg in een vergiet en zet er een zwaar gewicht op. Laat het zo een half uurtje staan.
Je hebt nodig:
250 gram winterwortels - 250 gram rettich - 200 ml rijstazijn - 4 el suiker - 1 1/2 tl grof zout
Rasp de wortels en schil de rettich. Snijd beide julienne, in heel dunne reepjes dus. Dit kan met de hand, met je keukenmachine of met een speciale juliennesnijder. Net wat voor jou het gemakkelijkste is. Een beetje met de hand snijden is net als met de handen kneden wel zen. Niet te zen, dan snij je in je vingers.
De reepjes wortel en rettich in een kom doen en bestrooien met het zout. Laat het zo een half uurtje staan.
Daarna goed afspoelen en even uit laten lekken in een zeef of vergiet.
Nu pak je een schone keukendoek, legt er een haffeltje groente in, dichtdraaien en knijpen maar tot het zo droog mogelijk is. Of gebruik de methode die ik hierboven al beschreef.
Breng de rijstazijn met de suiker zachtjes aan de kook. Roeren tot de suiker is opgelost. Nu nog even voor 1/3 in laten koken . Af laten koelen.
Stop de uitgeknepen wortel en daikon in een gesteriliseerde pot, giet de vloeistof erover, deksel erop en hupsakee de koelkast in. Het blijft zo zeker twee weken goed.
Past bij bbqgerechten, verrukkelijk op een sandwich of eet het gewoon zo. In Vietnam gaat het onder andere op Bánh My wat niets anders betekent dan belegd broodje en net als bij ons zijn de variaties eindeloos.
Voor Aziëliefhebbers is dit boek zeker een aanwinst. Ben je net als ik niet zo bekend met de Vietnamese keuken dan is het een mooie kennismaking.
Bron: Tom Vandenberghe & Luk Thys, Hanoi Streetfood - koken & reizen in Vietnam, 2011, Lannoo, paperback, 207 blz, isbn: 9789020997835
Labels:
Aziatisch,
BBQ,
Bijgerecht,
Boekenkast,
groente,
Kookboek,
Recept,
Review,
Salade,
Vegetarisch,
Wereldkeuken
dinsdag 28 januari 2014
Pad Thai met garnalen (Foodblogswap januari 2014)
De afgelopen weken was ik regelmatig in Los Angeles, heb er genoten zeg! Een afstand van niets in deze moderne tijden. Daarnaast luilekkerland voor lekkerbekken. Van Nederlandse pot, Amerikaanse ontbijtjes tot Aziatische keuken en snacks voor bij de buis terwijl je gebiologeerd naar de Super Bowl staart.
Ah, ik wil zo terug.
En.. dat kan. Jij ook! Zomaar vanuit je stoel kun jij iedere dag een graantje LA meepikken en wel via Ellen van het blog In my Red Kitchen. Ellen woont namelijk in LA en ze laat je graag meekijken met haar belevenissen aldaar. Ze schrijft in het Nederlands en sinds ze daar woont ook in het Engels. Klaar om de VS te veroveren.
Vaste bezoekers hebben het wellicht al in de gaten. Het is weer tijd voor de foodblogswap. Het afleggen van een virtueel bezoekje aan een medeblogger, recept zoeken, koken, foto, schrijven en publiceren.
Ik vind het geweldig leuk om te doen. Toen ik zag dat dit blog mij was toebedeeld maakte mijn hart een sprongetje. Ellen weet wel wat lekker is namelijk
Het was lastig kiezen maar uiteindelijk koos ik Pad Thai met garnalen. Omdat een garnaal er altijd wel ingaat en het volgens mij een eeuwigheid geleden was dat ik Pad Thai maakte. Het enige wat ik wel achterwege liet was, het zal u niet verbazen, de koriander.
Deze hoeveelheid is voldoende voor 2 personen
Je hebt nodig voor de saus:
3/4 el tamarindepasta - 50 ml warm water - 2 el vissaus - 2 el bruine suiker - 1 1/2 tlsambal oelek - een draai zwarte peper.
Vermeng de tamarindepasta met het warme water tot één geheel. Roer er vervolgens de vissaus, bruine suiker en sambal door. Voeg een beetje zwarte peper toe en zet vervolgens weg tot gebruik.
Verder heb je nodig:
150 gram rijstnoedels of rijststicks - 12 gepelde grote garnalen (vers of diepvries) - 1 el sojasaus - scheutje zonnebloemolie - 2 eieren - 4 bosuitjes - 75 gram taugé - 1 ui - 2 teentjes knoflook - 2 el pinda's - 1 el gebakken uitjes -2 partjes limoen - koriander naar smaak.
Maken:
Ontdooi de garnalen als je diepvries gebruikt, dep ze droog en marineer vervolgens in de sojasaus.
Breng water aan de kook in een flinke pan. Mik de rijstnoedels erin, zet het vuur laag en laat ze wellen. Dat duurt maar een minuut of 3. Blijf er dus bij en controleer de gaarheid. Ook mogen ze nog iets van een bite hebben aangezien ze hierna nog de wok in gaan.
Spoel de rijstnoedels onder de koude kraan, doe ze in een vergiet en zet weg tot gebruik.
Halveer de ui en snijd in mooie dunne plakjes. Drie bosuitjes snijd je in schuine stukken van een centimeter of 3. Het andere bosuitjes in fijne ringetjes. Knoflook snipperen.
De pinda's hak je grof, ik gebruik hiervoor de vijzel dat gaat lekker snel.
Kluts de eieren door elkaar. Verhit in een wok wat zonnebloemolie en maak hierin al roerende een roerei. Dit gaat razendsnel, zodra het gestold is maar nog wel mooi glimmend haal je ze uit de pan.
Bak de ui en in schuine stukken bosui in een nieuw scheutje olie op matig vuur tot de ui glazig is. Voeg dan een handvol taugé toe plus de gesnipperde knoflook. Haal de garnalen uit de marinade en leg ze erbij. Zodra de garnalen iets gaan verkleuren maar zeker nog niet gaar zijn mogen de koude rijstnoedels erbij samen met de saus.
Schep alles goed om en blijf omscheppen. Zo worden de noedels warm, garen de garnalen verder en wordt de saus opgenomen door de rijstnoedels. Nu mag het roerei er weer bij. warm nog een minuutje mee.
Verdeel over 2 borden of kommen en garneer met wat gehakte pinda's, gebakken uitjes, een partje limoen, de in kleine ringetjes gesneden bosui en nog wat taugé
Het is die combinatie van pittig, een zuurtje, dat beetje zoet samen met alle crunch en die extra limoen die ik zo aantrekkelijk vind. Harmonie en balans, zonder storende botsingen. Het lijkt wel een perfect huwelijk.
Alhoewel, onder ons gezegd en gezwegen, af en toe wat vuurwerk is helemaal niet verkeerd voor de verstandhouding. Zo blijft het lekker fris en fruitig niet waar.
Ellen bedankt voor je gastvrijheid, ik heb heerlijk bij je geneusd. Veel succes in zonnig L.A!
Van mijn blog werd er ook gekookt. Eslem van Mijn Mixed Kitchen bakte de Duitse uienplaattaart en gaf er een Turkse draai aan en verving de spekjes door gerookte zalm.. Kijk dat vind ik nou leuk! Hier kun je haar bevindingen lezen.
Ah, ik wil zo terug.
En.. dat kan. Jij ook! Zomaar vanuit je stoel kun jij iedere dag een graantje LA meepikken en wel via Ellen van het blog In my Red Kitchen. Ellen woont namelijk in LA en ze laat je graag meekijken met haar belevenissen aldaar. Ze schrijft in het Nederlands en sinds ze daar woont ook in het Engels. Klaar om de VS te veroveren.
Vaste bezoekers hebben het wellicht al in de gaten. Het is weer tijd voor de foodblogswap. Het afleggen van een virtueel bezoekje aan een medeblogger, recept zoeken, koken, foto, schrijven en publiceren.
Ik vind het geweldig leuk om te doen. Toen ik zag dat dit blog mij was toebedeeld maakte mijn hart een sprongetje. Ellen weet wel wat lekker is namelijk
Het was lastig kiezen maar uiteindelijk koos ik Pad Thai met garnalen. Omdat een garnaal er altijd wel ingaat en het volgens mij een eeuwigheid geleden was dat ik Pad Thai maakte. Het enige wat ik wel achterwege liet was, het zal u niet verbazen, de koriander.
Deze hoeveelheid is voldoende voor 2 personen
Je hebt nodig voor de saus:
3/4 el tamarindepasta - 50 ml warm water - 2 el vissaus - 2 el bruine suiker - 1 1/2 tlsambal oelek - een draai zwarte peper.
Vermeng de tamarindepasta met het warme water tot één geheel. Roer er vervolgens de vissaus, bruine suiker en sambal door. Voeg een beetje zwarte peper toe en zet vervolgens weg tot gebruik.
Verder heb je nodig:
150 gram rijstnoedels of rijststicks - 12 gepelde grote garnalen (vers of diepvries) - 1 el sojasaus - scheutje zonnebloemolie - 2 eieren - 4 bosuitjes - 75 gram taugé - 1 ui - 2 teentjes knoflook - 2 el pinda's - 1 el gebakken uitjes -2 partjes limoen - koriander naar smaak.
Maken:
Ontdooi de garnalen als je diepvries gebruikt, dep ze droog en marineer vervolgens in de sojasaus.
Breng water aan de kook in een flinke pan. Mik de rijstnoedels erin, zet het vuur laag en laat ze wellen. Dat duurt maar een minuut of 3. Blijf er dus bij en controleer de gaarheid. Ook mogen ze nog iets van een bite hebben aangezien ze hierna nog de wok in gaan.
Spoel de rijstnoedels onder de koude kraan, doe ze in een vergiet en zet weg tot gebruik.
Halveer de ui en snijd in mooie dunne plakjes. Drie bosuitjes snijd je in schuine stukken van een centimeter of 3. Het andere bosuitjes in fijne ringetjes. Knoflook snipperen.
De pinda's hak je grof, ik gebruik hiervoor de vijzel dat gaat lekker snel.
Kluts de eieren door elkaar. Verhit in een wok wat zonnebloemolie en maak hierin al roerende een roerei. Dit gaat razendsnel, zodra het gestold is maar nog wel mooi glimmend haal je ze uit de pan.
Bak de ui en in schuine stukken bosui in een nieuw scheutje olie op matig vuur tot de ui glazig is. Voeg dan een handvol taugé toe plus de gesnipperde knoflook. Haal de garnalen uit de marinade en leg ze erbij. Zodra de garnalen iets gaan verkleuren maar zeker nog niet gaar zijn mogen de koude rijstnoedels erbij samen met de saus.
Schep alles goed om en blijf omscheppen. Zo worden de noedels warm, garen de garnalen verder en wordt de saus opgenomen door de rijstnoedels. Nu mag het roerei er weer bij. warm nog een minuutje mee.
Verdeel over 2 borden of kommen en garneer met wat gehakte pinda's, gebakken uitjes, een partje limoen, de in kleine ringetjes gesneden bosui en nog wat taugé
Het is die combinatie van pittig, een zuurtje, dat beetje zoet samen met alle crunch en die extra limoen die ik zo aantrekkelijk vind. Harmonie en balans, zonder storende botsingen. Het lijkt wel een perfect huwelijk.
Alhoewel, onder ons gezegd en gezwegen, af en toe wat vuurwerk is helemaal niet verkeerd voor de verstandhouding. Zo blijft het lekker fris en fruitig niet waar.
Ellen bedankt voor je gastvrijheid, ik heb heerlijk bij je geneusd. Veel succes in zonnig L.A!
Van mijn blog werd er ook gekookt. Eslem van Mijn Mixed Kitchen bakte de Duitse uienplaattaart en gaf er een Turkse draai aan en verving de spekjes door gerookte zalm.. Kijk dat vind ik nou leuk! Hier kun je haar bevindingen lezen.
Labels:
Aziatisch,
ei,
Foodblogswap,
Recept,
Rijst,
schaal en schelpdieren,
Spicy,
Wereldkeuken
woensdag 15 januari 2014
Cha Bo, Vietnamese kebab in slabladeren met pittige vissaus
Vorig jaar rond deze tijd lag er sneeuw. Ik zag het gisteravond op het nieuws. Het verbaasde me niet, onze zoon is namelijk volgende week jarig en de laatste jaren is het op zijn geboortedag regelmatig wit. Een aantal dagen geleden leek het erop dat het scenario zich ging herhalen. Hij stuurde me al een link van de weersvoorspelling met de woorden "Mijn verjaardag komt dichterbij, dus ook sneeuw en vorst". Niets zo onvoorspelbaar als het weer, inmiddels lijkt het erop dat hij de dans ontspringt.
In januari richten de gedachten zich ook al voorzichtig richting zomer, de vakantie. Waarheen? Wat te doen? Gaan we weer richting ons geliefde Frankrijk of nemen we een andere afslag? Het lijstje met wensen is lang. Azië bijvoorbeeld, het trekt al jaren en toch ook weer niet. Misschien zijn we minder avontuurlijk ingesteld dan we willen. Iedere keer wanneer ik een reportage zie over Vietnam roep ik heel hard "Daar wil ik heen". Het is nog steeds niet gebeurd maar wellicht komt het nog. Als we daadwerkelijk besluiten eens die andere afslag te pakken. Onze lieve vrienden M. en M. zijn van plan dit jaar daar rond te trekken, althans dat vernam ik vorige week. Plannen kunnen ook weer wijzigen niet waar. Om alvast in de stemming te komen hier een recept voor Vietnamese kebab. Kleine gehaktballetjes met sla, pinda's, lenteui en meer plus een pittige vissaus om de boel in te dopen.
Ook maken als je niet naar Vietnam gaat.
De hoeveelheid is voldoende voor 4 personen als hoofdmaaltijd, voor 6 als lunch en voor nog meer mensen als snack. Onder de laatste categorie valt het ook eigenlijk.
Je hebt nodig voor de kebabs:
500 gram rundergehakt - 2 sjalotjes - 3 el ongezouten pinda's - 2 tl gemalen sereh (citroengras) - 1 rode peper - 2 el vissaus - 2 el romige kokosmelk - 2 tl pittige kerrie ( zelf heb ik Pakistaanse gebruikt, de pittigste die ik in huis heb maar andere soorten volstaan ook) - 2 tl suiker
Rooster de pinda's in een droge koekenpan tot ze licht verkleuren. Maal ze vervolgens fijn in je keukenmachine of gebruik een vijzel. Dat laatste gaat overigens heel goed.
Snipper de sjalotjes.
Vermeng het gehakt met alle ingrediënten, kneed goed en vorm vervolgens kleine gehaktballetjes. Ongeveer de grootte van een walnoot. Plat ze vervolgens iets af. Zet koel weg tot gebruik. Maak ze gerust een paar uur van tevoren, zo trekken de smaken goed in.
Verhit een koeken- of grillpan en bak de kebabs bruin en gaar.
Er hoort zoals gezegd een pittige vissaus bij en werkelijk die zet je smaakpapillen op zijn kop. Proef maar.
Je roert 5 eetlepels vissaus met 3 eetlepels azijn, 2 eetlepels limoensap, even zoveel eetlepels suiker goed door elkaar samen met een in ringetjes gesneden rode peper. Of 2, met of zonder zaadjes, het is maar hoe pittig je aangelegd bent.
Zo die is ook klaar.
Verder zet je nog op tafel:
Bladeren van 2 kroppen sla - bakjes met wat taugé, in ringetjes gesneden bosui, dunne plakjes komkommer, 3 el geroosterde en grof gehakte pinda's ,gebakken uitjes, paar partjes limoen en tot slot een bakje met muntblaadjes en koriander of peterselie als je zoals ik niet van verse koriander houdt.
Pak een slablad, leg er een kebab in of twee, beetje afhankelijk van hoe groot het blad is. Beleg met wat verschillende soorten 'strooisel', rol op en doop in de vissaus. Je kunt de saus er ook op lepelen en dan oprollen. Steek in je mond. Proef en ontdek een nieuwe wereld.
Bron: Madhur Jaffrey - Currybijbel. Over dit boek schreef ik eerder en wel hier.
In januari richten de gedachten zich ook al voorzichtig richting zomer, de vakantie. Waarheen? Wat te doen? Gaan we weer richting ons geliefde Frankrijk of nemen we een andere afslag? Het lijstje met wensen is lang. Azië bijvoorbeeld, het trekt al jaren en toch ook weer niet. Misschien zijn we minder avontuurlijk ingesteld dan we willen. Iedere keer wanneer ik een reportage zie over Vietnam roep ik heel hard "Daar wil ik heen". Het is nog steeds niet gebeurd maar wellicht komt het nog. Als we daadwerkelijk besluiten eens die andere afslag te pakken. Onze lieve vrienden M. en M. zijn van plan dit jaar daar rond te trekken, althans dat vernam ik vorige week. Plannen kunnen ook weer wijzigen niet waar. Om alvast in de stemming te komen hier een recept voor Vietnamese kebab. Kleine gehaktballetjes met sla, pinda's, lenteui en meer plus een pittige vissaus om de boel in te dopen.
Ook maken als je niet naar Vietnam gaat.
De hoeveelheid is voldoende voor 4 personen als hoofdmaaltijd, voor 6 als lunch en voor nog meer mensen als snack. Onder de laatste categorie valt het ook eigenlijk.
Je hebt nodig voor de kebabs:
500 gram rundergehakt - 2 sjalotjes - 3 el ongezouten pinda's - 2 tl gemalen sereh (citroengras) - 1 rode peper - 2 el vissaus - 2 el romige kokosmelk - 2 tl pittige kerrie ( zelf heb ik Pakistaanse gebruikt, de pittigste die ik in huis heb maar andere soorten volstaan ook) - 2 tl suiker
Rooster de pinda's in een droge koekenpan tot ze licht verkleuren. Maal ze vervolgens fijn in je keukenmachine of gebruik een vijzel. Dat laatste gaat overigens heel goed.
Snipper de sjalotjes.
Vermeng het gehakt met alle ingrediënten, kneed goed en vorm vervolgens kleine gehaktballetjes. Ongeveer de grootte van een walnoot. Plat ze vervolgens iets af. Zet koel weg tot gebruik. Maak ze gerust een paar uur van tevoren, zo trekken de smaken goed in.
Verhit een koeken- of grillpan en bak de kebabs bruin en gaar.
Er hoort zoals gezegd een pittige vissaus bij en werkelijk die zet je smaakpapillen op zijn kop. Proef maar.
Je roert 5 eetlepels vissaus met 3 eetlepels azijn, 2 eetlepels limoensap, even zoveel eetlepels suiker goed door elkaar samen met een in ringetjes gesneden rode peper. Of 2, met of zonder zaadjes, het is maar hoe pittig je aangelegd bent.
Zo die is ook klaar.
Verder zet je nog op tafel:
Bladeren van 2 kroppen sla - bakjes met wat taugé, in ringetjes gesneden bosui, dunne plakjes komkommer, 3 el geroosterde en grof gehakte pinda's ,gebakken uitjes, paar partjes limoen en tot slot een bakje met muntblaadjes en koriander of peterselie als je zoals ik niet van verse koriander houdt.
Pak een slablad, leg er een kebab in of twee, beetje afhankelijk van hoe groot het blad is. Beleg met wat verschillende soorten 'strooisel', rol op en doop in de vissaus. Je kunt de saus er ook op lepelen en dan oprollen. Steek in je mond. Proef en ontdek een nieuwe wereld.
Bron: Madhur Jaffrey - Currybijbel. Over dit boek schreef ik eerder en wel hier.
woensdag 8 januari 2014
Kip in sojasaus
Het klinkt wat karig, kip in sojasaus. Wees gerust, er komen nog andere ingrediënten bij kijken. Zuur, zout, zoet, pit, ideale combinatie toch? Met drumsticks, snel gaar en ideaal voor een doordeweekse maaltijd. Je komt afgeknoedeld van je werk en dan moet je ook nog een maaltijd in elkaar draaien. Daar zit je ook niet altijd op te wachten. Terwijl dit kippetje in de saus pruttelt kun je fijn even de krant lezen, wat naar de tv staren, een glaasje drinken en rijst koken. Vergeet dat vooral niet.
Je hebt nodig voor 4 personen:
8 drumsticks - 3 el bruine suiker - 50 ml sojasaus (kikkoman) - 1 el vissaus- 200 ml water - 2 el azijn - 1 el limoensap - stukje gember van ongeveer 5 cm- 1 rode peper - 2 teentjes knoflook - 1 ui - zout naar smaak - bieslook - 2 el arachideolie
Zo maak je het:
Meng de sojasaus, vissaus, water, azijn en limoensap door elkaar en zet apart tot gebruik.
Snipper de ui en knoflook. Schil de gember en snijd het piepklein, raspen kan ook. Verwijder de zaadlijsten uit de rode peper en hak de peper in stukjes.
Verhit in een wok of braadpan de olie en bak de drumsticks op hoog vuur bruin. Haal ze uit de pan. Zet het vuur laag.
Nu moet je even snel handelen. Mik de bruine suiker in de pan en roer als een malle tot het gesmolten is. Dit is in pakweg 10 seconden voor de bakker. Giet nu het sojamengsel erop en roeren! Door de toevoeging van het vocht zal de suiker karameliseren, door goed te roeren lost het weer op.
Kip erbij plus de knoflook, rode peper, gember en ui. Leg er een deksel half op en laat een half uurtje zachtjes pruttelen. De kip wordt gaar en mals, het vocht verdampt gedeeltelijk. Wil je de saus graag nog wat dikker hebben dan haal je de kip zodra het gaar is uit de pan en laat je de saus op hoog vuur zonder deksel nog even inkoken. Maar pas op, het moet niet te stroperig worden.
De kip voeg je op het laatst weer even toe .
Leg de kip op een schaal, giet de saus erover en bestrooi met fijngeknipte bieslook. Heerlijk met rijst natuurlijk. Ik heb er gewokte paksoi, sugarsnaps en champignons bij gemaakt en op smaak gebracht met wat soja, chilivlokken en een scheutje gembersiroop.
Je hebt nodig voor 4 personen:
8 drumsticks - 3 el bruine suiker - 50 ml sojasaus (kikkoman) - 1 el vissaus- 200 ml water - 2 el azijn - 1 el limoensap - stukje gember van ongeveer 5 cm- 1 rode peper - 2 teentjes knoflook - 1 ui - zout naar smaak - bieslook - 2 el arachideolie
Zo maak je het:
Meng de sojasaus, vissaus, water, azijn en limoensap door elkaar en zet apart tot gebruik.
Snipper de ui en knoflook. Schil de gember en snijd het piepklein, raspen kan ook. Verwijder de zaadlijsten uit de rode peper en hak de peper in stukjes.
Verhit in een wok of braadpan de olie en bak de drumsticks op hoog vuur bruin. Haal ze uit de pan. Zet het vuur laag.
Nu moet je even snel handelen. Mik de bruine suiker in de pan en roer als een malle tot het gesmolten is. Dit is in pakweg 10 seconden voor de bakker. Giet nu het sojamengsel erop en roeren! Door de toevoeging van het vocht zal de suiker karameliseren, door goed te roeren lost het weer op.
Kip erbij plus de knoflook, rode peper, gember en ui. Leg er een deksel half op en laat een half uurtje zachtjes pruttelen. De kip wordt gaar en mals, het vocht verdampt gedeeltelijk. Wil je de saus graag nog wat dikker hebben dan haal je de kip zodra het gaar is uit de pan en laat je de saus op hoog vuur zonder deksel nog even inkoken. Maar pas op, het moet niet te stroperig worden.
De kip voeg je op het laatst weer even toe .
Leg de kip op een schaal, giet de saus erover en bestrooi met fijngeknipte bieslook. Heerlijk met rijst natuurlijk. Ik heb er gewokte paksoi, sugarsnaps en champignons bij gemaakt en op smaak gebracht met wat soja, chilivlokken en een scheutje gembersiroop.
Labels:
Aziatisch,
Kip,
Recept,
Rijst,
Spicy,
Stoofpotje,
Wereldkeuken
woensdag 13 maart 2013
Lezen en koken: De keuken van Melati
Dit kookboek met recepten uit de Indonesische keuken van Anny Tissot van Patot kreeg ik vorig jaar van Linda ook wel bekend als de kokende boekverkoper. Ik realiseerde me dat ik hier nog helemaal niet over heb geschreven en dat terwijl het zo'n fijn en mooi boek is.
Het begint met een inkijkje in haar eigen jeugd en verleden. Van haar oma leerde ze de fijne kneepjes van de Indische keuken. Een oma die zich pas op latere leeftijd verdiepte in de geheimen van het koken aangezien ze op Ambon altijd de beschikking had over een kokki.
Anny Tissot van Patott was zelf jaren in dienst als kookconsulente bij een bedrijf in oosterse producten waar ze onder andere kookdemonstraties en kooklessen verzorgde en voorlichting gaf. Uiteindelijk begon ze voor zichzelf en verzon de naam 'Melati' omdat het haar deed denken aan de zoetgeurende melatibloesem.
Ook in de rest van het boek worden de diverse categorieën opgefleurd door persoonlijke verhalen en herinneringen en dat maakt het voor mij altijd heel aantrekkelijk.
Je kunt goed merken dat deze dame jaren en jaren les heeft gegeven, de recepten zijn duidelijk beschreven waardoor het voor iedereen maakbaar is, zelfs als je nog nooit Indonesische gerechten hebt gemaakt. Goed, sommige ingrediënten komen dan misschien niet zo bekend voor maar dat is een kwestie van google raadplegen voor eventuele visuele ondersteuning of de benodigdheden opschrijven en gewapend met een briefje naar de toko tijgen. Achterin het boek is overigens een uitgebreide woordenlijst opgenomen.
De heerlijke gerechten nodigen uit om meteen aan de slag te gaan. Bekende gerechten als lumpia, soto ayam, nasi kuning, babi panggang of sambal goreng telor hebben uiteraard een plaatsje gekregen maar ook diverse zoete lekkernijen die bij ons veel minder bekend zijn als broodpudding met ananas of martabak, pannenkoekjes met chocolade en pinda's/.
Ook inktvis met komkommer, sambal brambang, lombok isi of spinaziesoep met kokos zal bij velen niet snel een belletje doen rinkelen. De combinatie van vertrouwde en nieuwe gerechten plus de persoonlijke verhalen spreken mij erg aan.
Wie van ieder gerecht een foto wil zien komt hier niet aan zijn/haar trekken aangezien het boek fotoloos is, wel staan er diverse illustraties in.
Ik ga binnenkort maar weer eens Kue jagung maken, maiskoekjes want die zijn heerlijk of sayur asem asem, gemengde groente met kip in bouillon.....
Anny Tissot van Patot - De keuken van Melati, recepten uit de Indonesische keuken, 2007, Veltman Uitgevers, ill. JosienVerhave, 96 pag., hardcover, ISBN 978 90 5920 579 6
Het begint met een inkijkje in haar eigen jeugd en verleden. Van haar oma leerde ze de fijne kneepjes van de Indische keuken. Een oma die zich pas op latere leeftijd verdiepte in de geheimen van het koken aangezien ze op Ambon altijd de beschikking had over een kokki.
Anny Tissot van Patott was zelf jaren in dienst als kookconsulente bij een bedrijf in oosterse producten waar ze onder andere kookdemonstraties en kooklessen verzorgde en voorlichting gaf. Uiteindelijk begon ze voor zichzelf en verzon de naam 'Melati' omdat het haar deed denken aan de zoetgeurende melatibloesem.
Ook in de rest van het boek worden de diverse categorieën opgefleurd door persoonlijke verhalen en herinneringen en dat maakt het voor mij altijd heel aantrekkelijk.
Je kunt goed merken dat deze dame jaren en jaren les heeft gegeven, de recepten zijn duidelijk beschreven waardoor het voor iedereen maakbaar is, zelfs als je nog nooit Indonesische gerechten hebt gemaakt. Goed, sommige ingrediënten komen dan misschien niet zo bekend voor maar dat is een kwestie van google raadplegen voor eventuele visuele ondersteuning of de benodigdheden opschrijven en gewapend met een briefje naar de toko tijgen. Achterin het boek is overigens een uitgebreide woordenlijst opgenomen.
De heerlijke gerechten nodigen uit om meteen aan de slag te gaan. Bekende gerechten als lumpia, soto ayam, nasi kuning, babi panggang of sambal goreng telor hebben uiteraard een plaatsje gekregen maar ook diverse zoete lekkernijen die bij ons veel minder bekend zijn als broodpudding met ananas of martabak, pannenkoekjes met chocolade en pinda's/.
Ook inktvis met komkommer, sambal brambang, lombok isi of spinaziesoep met kokos zal bij velen niet snel een belletje doen rinkelen. De combinatie van vertrouwde en nieuwe gerechten plus de persoonlijke verhalen spreken mij erg aan.
Wie van ieder gerecht een foto wil zien komt hier niet aan zijn/haar trekken aangezien het boek fotoloos is, wel staan er diverse illustraties in.
Ik ga binnenkort maar weer eens Kue jagung maken, maiskoekjes want die zijn heerlijk of sayur asem asem, gemengde groente met kip in bouillon.....
Anny Tissot van Patot - De keuken van Melati, recepten uit de Indonesische keuken, 2007, Veltman Uitgevers, ill. JosienVerhave, 96 pag., hardcover, ISBN 978 90 5920 579 6
donderdag 25 oktober 2012
Pittig gekruid gehakt 'Asian Style'
Zo, over de titel heb ik al een paar minuten na zitten denken. Soms is het zo lastig om iets te bedenken wat de lading dekt! Kort en bondig blijft het fijnste anders werd het een riedel in de trant van pittig gekruid gehakt met sesamolie, sojasaus, gember, rode peper en... en... Dat schiet ook niet echt op.
Dit is een ideaal recept op dagen dat je wat minder tijd hebt. Heerlijk met rijst en zoetzure komkommer.
Voor 4 personen heb je nodig:
500 gram rundergehakt - 3 teentjes knoflook - 2 spaanse pepers - 8 el sojasaus (geen ketjap) - 2 flinke el bruine suiker - stukje gember van ongeveer 3 cm - 1/2 el sesamolie - zonnebloemolie - peper - eventueel nog wat zout - 6 stengels lenteui - 1 flinke ui.
Zo maak je het:
Dit is een ideaal recept op dagen dat je wat minder tijd hebt. Heerlijk met rijst en zoetzure komkommer.
Voor 4 personen heb je nodig:
500 gram rundergehakt - 3 teentjes knoflook - 2 spaanse pepers - 8 el sojasaus (geen ketjap) - 2 flinke el bruine suiker - stukje gember van ongeveer 3 cm - 1/2 el sesamolie - zonnebloemolie - peper - eventueel nog wat zout - 6 stengels lenteui - 1 flinke ui.
Zo maak je het:
- Kook rijst op de manier zoals jij gewend bent
- Snipper de ui, hak de knoflook fijn, ontdoe de pepers van hun zaadjes en snijd ze fijn.
- Schil en rasp de gember.
- Snijd de lenteui in ringetjes en zet apart.
- Verhit in een koekenpan 1 el zonnebloemolie en rul hierin het gehakt.
- Voeg ui, knoflook, gember en spaanse peper toe en bak even mee tot de ui zacht is.
- Schep nu de bruine suiker, sesamolie en sojasaus erdoor. Laat 10 minuutjes zachtjes pruttelen.
- Voeg de helft van de lenteui toe, schep het erdoor, bak nog even mee.
- Verdeel rijst over vier borden, schep het gehanktmengsel ernaast en verdeel de overgebleven lenteui erover.
woensdag 4 april 2012
Eet een beetje heet in 1965
Tussen de kookboeken uit mijn ouderlijk huis bevond zich dit exemplaar: Eet een beetje heet, Indonesische gerechten in Holland bereid, geschreven door de befaamde Bep Vuyk (1905-1991).
Het is in 1965 uitgegeven door de Arbeiderspers. Een mooi jaar 1965, het is namelijk ook het jaar dat ik ter wereld kwam.....
Het is een alleraardigst boekje vooral omdat het uitgegeven is in een tijd waar we nog niet konden kiezen uit ettelijke toko's. Een tijd waarin je geluk had enkele aziatische producten aan te treffen bij je kruidenier of bij Appie. Vaag kan ik me herinneren met mijn vader wel eens een toko te hebben bezocht waar hij zijn kruiden en smaakmakers kocht voor voornamelijk zijn surinaamse gerechten.
Eet een beetje heet bevat persoonlijke verhalen en vertelt over de achtergrond van gerechten, het gebruik van kruiden en specerijen, de cultuur en natuurlijk veel recepten. Het geeft een mooi tijdsbeeld.
Wat te denken van de openingszin in het hoofdstuk 'Vis, twee maal per week vis': Nu het vlees zo duur is geworden eten we twee en soms wel drie keer vis per week.
Bep Vuyk geeft aan dat je bij het bereiden van de nasi goreng beter niet kunt werken met de zogenaamde boemboe nasi goreng, het is te duur, geeft niet de juiste smaak en doordat je de gedroogde kruiden moet weken wordt het maar een kleffe massa. Ze vertelt dat men in Indonesië enkele spaanse pepers met wat ui, knoflook, zout, trassi en bruinesuiker fijn wrijft in de tjobek. Ze beseft dat in veel Nederlandse huishoudens zoiets niet aanwezig zal zijn waardoor het een wat ingewikkeld gedoe wordt en raadt aan om dan maar wat sambal uit een flesje te gebruiken.
Erg vermakelijk is het hoofdstukje 'Van die ene kip' waarin uitgelegd wordt hoe je van 1 kip een hele rijsttafel kunt maken met een prijsopgave, waarschijnlijk om ons zuinige Hollanders duidelijk te maken dat je voor niet al te veel geld een hele tafel vol gerechtjes kunt bereiden waar je met 6 personen van kunt eten. Het totaalbedrag voor de rijsttafel was 10 gulden waarbij de kip het grootste deel van het budget opslokte.
Het menu bestond uit:
Rijst, ajam pangang of geroosterde kip, sajoer van chinese kool, sambal goreng tomaat waarin het hart, maagje, levertje en de niertjes van de kip werden gebruikt, Javaanse omelet, krupuk oedang, komkommer en sambal trassi.
Tegenwoordig is de Aziatische keuken zo ingeburgerd, wij draaien onze hand niet meer om voor het zelf maken van sambal of boemboe's. We stomen, roerbakken en vijzelen er lustig op los.
Bep Vuyk zal het goedkeurend aanschouwen.
Het is in 1965 uitgegeven door de Arbeiderspers. Een mooi jaar 1965, het is namelijk ook het jaar dat ik ter wereld kwam.....
Het is een alleraardigst boekje vooral omdat het uitgegeven is in een tijd waar we nog niet konden kiezen uit ettelijke toko's. Een tijd waarin je geluk had enkele aziatische producten aan te treffen bij je kruidenier of bij Appie. Vaag kan ik me herinneren met mijn vader wel eens een toko te hebben bezocht waar hij zijn kruiden en smaakmakers kocht voor voornamelijk zijn surinaamse gerechten.
Eet een beetje heet bevat persoonlijke verhalen en vertelt over de achtergrond van gerechten, het gebruik van kruiden en specerijen, de cultuur en natuurlijk veel recepten. Het geeft een mooi tijdsbeeld.
Wat te denken van de openingszin in het hoofdstuk 'Vis, twee maal per week vis': Nu het vlees zo duur is geworden eten we twee en soms wel drie keer vis per week.
Bep Vuyk geeft aan dat je bij het bereiden van de nasi goreng beter niet kunt werken met de zogenaamde boemboe nasi goreng, het is te duur, geeft niet de juiste smaak en doordat je de gedroogde kruiden moet weken wordt het maar een kleffe massa. Ze vertelt dat men in Indonesië enkele spaanse pepers met wat ui, knoflook, zout, trassi en bruinesuiker fijn wrijft in de tjobek. Ze beseft dat in veel Nederlandse huishoudens zoiets niet aanwezig zal zijn waardoor het een wat ingewikkeld gedoe wordt en raadt aan om dan maar wat sambal uit een flesje te gebruiken.
Erg vermakelijk is het hoofdstukje 'Van die ene kip' waarin uitgelegd wordt hoe je van 1 kip een hele rijsttafel kunt maken met een prijsopgave, waarschijnlijk om ons zuinige Hollanders duidelijk te maken dat je voor niet al te veel geld een hele tafel vol gerechtjes kunt bereiden waar je met 6 personen van kunt eten. Het totaalbedrag voor de rijsttafel was 10 gulden waarbij de kip het grootste deel van het budget opslokte.
Het menu bestond uit:
Rijst, ajam pangang of geroosterde kip, sajoer van chinese kool, sambal goreng tomaat waarin het hart, maagje, levertje en de niertjes van de kip werden gebruikt, Javaanse omelet, krupuk oedang, komkommer en sambal trassi.
Tegenwoordig is de Aziatische keuken zo ingeburgerd, wij draaien onze hand niet meer om voor het zelf maken van sambal of boemboe's. We stomen, roerbakken en vijzelen er lustig op los.
Bep Vuyk zal het goedkeurend aanschouwen.
dinsdag 13 maart 2012
Gehakt in soja-vissaus met geroosterde pinda's op slabladeren
Een heerlijk licht en snel te maken gerechtje waarbij het gehakt op slabladeren wordt geserveerd. Je kunt het ook omvormen tot een hapje door wat afgekoeld gehakt op een slablad te leggen en het op te rollen. Leuk voor een feestje. Voor erbij heb ik dunne mie gemaakt met wat fijngehakte knoflook, een fijngesneden spaanse peper, lenteui en flinterdun gesneden winterwortel. Op smaak gebracht met sojasaus, scheutje vissaus, klein beetje gembersiroop en sesamolie.
Het oorspronkelijke recept zat iets anders in elkaar maar ik presteerde het weer eens om mijn eigen weg te volgen oftewel het recept niet goed te lezen. Maar goed, volgens mij is deze veel lekkerder dan het origineel :)
Je hebt nodig voor 4 personen:
450 gram rundergehakt - 2 teentjes knoflook - 3 sjalotten -1 of 2 rode spaanse pepers - 100 ml runderbouillon (van een blokje) - 2 tl bruine basterdsuiker - 2 el sojasaus - 4 el vissaus - 2 el limoensap - 1 tl ketoembar -zonnebloem of arachideolie - handvol basilicumblaadjes - slabladeren (kropsla) - handje ongezouten pinda's - zout - gemalen chilivlokken
Zo maak je het:
Het oorspronkelijke recept zat iets anders in elkaar maar ik presteerde het weer eens om mijn eigen weg te volgen oftewel het recept niet goed te lezen. Maar goed, volgens mij is deze veel lekkerder dan het origineel :)
Je hebt nodig voor 4 personen:
450 gram rundergehakt - 2 teentjes knoflook - 3 sjalotten -1 of 2 rode spaanse pepers - 100 ml runderbouillon (van een blokje) - 2 tl bruine basterdsuiker - 2 el sojasaus - 4 el vissaus - 2 el limoensap - 1 tl ketoembar -zonnebloem of arachideolie - handvol basilicumblaadjes - slabladeren (kropsla) - handje ongezouten pinda's - zout - gemalen chilivlokken
Zo maak je het:
- Hak de knoflook fijn, snipper de sjalotten, verwijder de zaadlijsten van de rode pepers en snijd in ringetjes
- Los een kwart bouillonblokje op in heet water.
- Rooster in een hete, droge koekenpan de pinda's met wat gemalen chilivlokken en een snufje zout. Laat afkoelen. Ik neem bewust ongezouten pinda's , je kunt het dan zelf op smaak brengen.
- Verhit in diezelfde pan een scheutje olie en fruit de pepers, knoflook en sjalot.
- Voeg het gehakt en de ketoembar toe en bak het al omscheppend bruin en rul.
- Roer een sausje van de bouillon, vissaus, sojasaus, suiker en limoensap. eventueel wat extra suiker toevoegen als je het aan de zure kant vindt. Voeg de helft toe aan het gehakt. Laat een beetje inkoken.
- Schep er op het laatst de basilicumblaadjes door, gescheurd of geknipt.
- Leg op ieder bord 1 of 2 slabladeren, schep het gehakt erop en bestrooi met de pinda's. Garneer met wat extra basilicumblaadjes.
- Geef de rest van het sausje apart erbij, wie wil kan dan nog wat extra over het gehakt scheppen.
- Serveer met mie of witte rijst met een komkommersalade
dinsdag 28 februari 2012
Rijsttafel... een ei hoort erbij
Bij een rijsttafel horen één of meerdere gerechtjes met ei, afhankelijk van hoe uitgebreid je je rijsttafel maakt.
Het zijn simpele recepten die ook nog eens weinig tijd kosten.
Ik ben in een gulle bui vandaag dus ik schotel jullie 3 varianten voor die gemakkelijk te maken zijn en ook nog eens niet veel tijd kosten. Want je tijd kun je goed gebruiken als je een rijsttafel maakt.
Tegenwoordig heb je een enorme keus aan Aziatische ingrediënten en als je niet zo thuis bent in deze mooie, gevarieerde keuken dan kan het nog wel eens voorkomen dat je nadenkend achter je oren krabt.
Mocht je nu een bepaald ingrediënt niet thuis kunnen brengen of je weet niet hoe je het moet gebruiken dan verwijs ik jullie met alle liefde en plezier door naar de site Wegwijs in de Aziatische keuken. Het is een overzichtelijke site waar producten en ingrediënten uit China, Japan, Korea, Indonesië, Vietnam, India en Thailand te vinden zijn. Wat ook erg fijn is dat er de diverse benamingen voor één en hetzelfde product worden gegeven. Hopelijk heb ik jullie een goed tip aan de hand gedaan!
Besengek telor ( Eieren in kokosmelk)
Je hebt nodig:
4 hardgekookte eieren - scheutje zonnebloemolie - 1/2 gesnipperde ui - 3/4 tl koenjit - 3/4 tl trassi - 3/4 el citroensap - 3/4 el suiker - 3/4 tl kummel - 3/4 el koriander - 2 koppen kokosmelk.
Zo maak je het:
Sambal goreng telor
Je hebt nodig:
4 hardgekookte eieren - scheutje zonnebloemolie -1 gesnipperde ui - 2 fijngehakte teentjes knoflook - 1 tl trassi - 2 el citroen of tamarindesap - snufje zout - 1 fijngehakte rode peper - 1 kop kokosmelk - 1 el bruine suiker - 1 laurierblaadje
Zo maak je het:
Ei met kerrie in kokosmelk
Je hebt nodig:
4 hardgekookte eieren - scheutje zonnebloemolie - 1/2 ui gesnipperd - 1 fijngehakt teentje knoflook - 1/2 rode peper - 150 ml kokosmelk - 1 el kerrie - scheutje ketjap manis - 1/4 groentebouillonblokje
Zo maak je het:
Het zijn simpele recepten die ook nog eens weinig tijd kosten.
Ik ben in een gulle bui vandaag dus ik schotel jullie 3 varianten voor die gemakkelijk te maken zijn en ook nog eens niet veel tijd kosten. Want je tijd kun je goed gebruiken als je een rijsttafel maakt.
Tegenwoordig heb je een enorme keus aan Aziatische ingrediënten en als je niet zo thuis bent in deze mooie, gevarieerde keuken dan kan het nog wel eens voorkomen dat je nadenkend achter je oren krabt.
Mocht je nu een bepaald ingrediënt niet thuis kunnen brengen of je weet niet hoe je het moet gebruiken dan verwijs ik jullie met alle liefde en plezier door naar de site Wegwijs in de Aziatische keuken. Het is een overzichtelijke site waar producten en ingrediënten uit China, Japan, Korea, Indonesië, Vietnam, India en Thailand te vinden zijn. Wat ook erg fijn is dat er de diverse benamingen voor één en hetzelfde product worden gegeven. Hopelijk heb ik jullie een goed tip aan de hand gedaan!
Besengek telor ( Eieren in kokosmelk)
Je hebt nodig:
4 hardgekookte eieren - scheutje zonnebloemolie - 1/2 gesnipperde ui - 3/4 tl koenjit - 3/4 tl trassi - 3/4 el citroensap - 3/4 el suiker - 3/4 tl kummel - 3/4 el koriander - 2 koppen kokosmelk.
Zo maak je het:
- Pel de eieren en snijd ze kruiselings in.
- Verhit de olie en fruit de ui.
- Voeg specerijen en trassi toe en bak even mee.
- Voeg dan kokosmelk, citroensap en suiker toe. Door elkaar roeren en vervolgens de eieren erin leggen.
- Kwartiertje tot 20 minuten laten stoven. Daarna eieren halveren, in een schaal doen en de saus erover schenken.
Sambal goreng telor
Je hebt nodig:
4 hardgekookte eieren - scheutje zonnebloemolie -1 gesnipperde ui - 2 fijngehakte teentjes knoflook - 1 tl trassi - 2 el citroen of tamarindesap - snufje zout - 1 fijngehakte rode peper - 1 kop kokosmelk - 1 el bruine suiker - 1 laurierblaadje
Zo maak je het:
- Eieren pellen en kruiselings insnijden
- Olie vrhitten en knoflook en ui fruiten.
- Voeg de trassi, tamarinde, zout, rode peper, suiker, kokosmelk en laurierblaadje toe.
- Leg de eieren erin en laat het op een zacht vuurtje 15-20 minuten stoven.
- Eieren halveren, in een schaal leggen en saus er over schenken.
Ei met kerrie in kokosmelk
Je hebt nodig:
4 hardgekookte eieren - scheutje zonnebloemolie - 1/2 ui gesnipperd - 1 fijngehakt teentje knoflook - 1/2 rode peper - 150 ml kokosmelk - 1 el kerrie - scheutje ketjap manis - 1/4 groentebouillonblokje
Zo maak je het:
- Pel de eieren en snijd ze kruiselings in
- Verhit een scheutje olie en ruit hierin de ui, knoflook en rode peper.
- Voeg de kerrie toe en bak heel even mee, niet te lang want dan wordt het bitter.
- Voeg kokosmelk en een scheutje ketjap toe plus 1/8 bouillonblokje.
- Laat even sudderen en proef of je het goed op smaak vindt, zo niet voeg dan het andere stukje toe van het bouillonblokje.
- Eieren erin leggen en een kwartiertje laten stoven.
- Eieren halveren, in schaal leggen en saus erover schenken.
Labels:
Aziatisch,
ei,
Recept,
Rijsttafel,
Vegetarisch,
weetjes
vrijdag 10 februari 2012
Kip in garam masalaroomsaus met paprika, wortel en champignons
Wat een prachtig weer vandaag, blauwe lucht, zonnetje, ik krijg er bijna de neiging van om alle deuren en ramen wagenwijd open te gooien. Laat het voorjaar maar binnenstromen. O nee, het is februari en buiten ligt er sneeuw en ijs. Koud of niet, de tuindeuren gaan iedere ochtend toch even helemaal open hoor, even frisse lucht binnen laten. Behalve als het er met bakken uit komt natuurlijk. Ik heb wel eens gehad dat het tropisch goot en de deuren lekker open stonden. Tref je ineens een klein zwembadje aan als je weer beneden komt....
Het recept van vandaag is geïnspireerd op de masalakip die ik altijd maak als we roti eten. Ja dat recept zal ik ook spoedig plaatsen maar eerst deze! Lekker met rijst, plakjes komkommer, een pitabroodje en een hardgekookt eitje hoort er ook bij.
Je hebt nodig voor 4 personen:
450 gram kipfilet - 1 rode paprika - 1 winterwortel - 1 flinke ui - 3 teentjes knoflook - 1 rode peper - 2 1/2 el garam masala - 150 gram kastanjechampignons - 200 ml slagroom - 3/4 kippenbouillonblokje - gemalen zwarte peper - beetje zout.
Zo maak je het:
Het recept van vandaag is geïnspireerd op de masalakip die ik altijd maak als we roti eten. Ja dat recept zal ik ook spoedig plaatsen maar eerst deze! Lekker met rijst, plakjes komkommer, een pitabroodje en een hardgekookt eitje hoort er ook bij.
Je hebt nodig voor 4 personen:
450 gram kipfilet - 1 rode paprika - 1 winterwortel - 1 flinke ui - 3 teentjes knoflook - 1 rode peper - 2 1/2 el garam masala - 150 gram kastanjechampignons - 200 ml slagroom - 3/4 kippenbouillonblokje - gemalen zwarte peper - beetje zout.
Zo maak je het:
- Snijd de kipfilet in kleine stukjes en bestrooi met wat peper, zout en 1 el garam masala. Hussel het door elkaar en laat even intrekken.
- Snipper de ui, hak de knoflook fijn en snijd de rode peper in stukjes. Je kunt de zaadjes gebruiken, als je dat te pittig vindt dan verwijder je ze.
- De winterwortel eventueel schillen en doormidden snijden, vervolgens in plakjes snijden.
- De paprika in stukjes en de champignons in plakjes snijden.
- Verhit wat olie in wok of pan en bak de kipblokjes, ui, knoflook en rode peper snel om en om bruin.
- Voeg paprika en de winterwortel toe, even meebakken, daarna mogen de champignons erbij.
- Voeg nog 1 el garam masala toe, schep het er goed doorheen en giet vervolgens de room erbij.
- Verkruimel het bouillonblokje erboven, en de hele boel doorroeren.
- Laat het een klein kwartiertje zachtjes pruttelen en inkoken. Proeven, je kunt er nu eventueel de rest van de masala bij doen. Als je de smaak goed vindt dan laat je dat achterwege.
dinsdag 10 januari 2012
Daging masak djahé oftewel rundvlees met gember
Zoals ik gisteren al vertelde heb ik in het weekend staan rammelen met de potten en pannen om een rijsttafel tevoorschijn te toveren. Dit heerlijke stoverijtje was ook een onderdeel, ik heb het al een dag van tevoren in de oven gezet waar het uren zachtjes stond te garen. Uiteraard kun je het ook gewoon op het fornuis stoven maar ik stop al jaren mijn stoofvlees in de oven.
Mijn fornuis is geweldig, 6 pitten, maar een piepklein brandertje voor dit soort gelegenheden dat heeft ie dus niet. Zelfs met een plaatje eronder vind ik dat het veel te hard gaat dus... in de oven ermee, zo rond de 100 graden en je krijgt een fantastisch resultaat. Een uur of 6 staat het er zeker in. Je hebt er verder amper omkijken naar, af en toe even koekeloeren en voelen, even omroeren en je kunt weer verder waar je mee bezig was. In mijn geval was dat het maken van de Griekse walnotentaart en wat andere gerechtjes voor de rijsttafel.
Mocht je dit recept gaan maken bedenk dan dat het als hoofdgerecht voldoende is voor 2 à 3 personen. Als onderdeel van een rijsttafel hangt het er natuurlijk vanaf hoeveel andere gerechtjes je maakt maar bij ons was het zeker voldoende voor 6 personen aangezien ik ook nog rendang, daging roedjak, ajam bali, 2 soorten sateetjes, tofu in ketjapsaus, eieren in kokosmelk, nasi, bami, kokosbanaantjes, boontjes in kokosmelk, emping, rempejek en kroepoek had gemaakt......De restjes smaakten gisteren heerlijk...
Je hebt nodig:
350 gram hacheevlees -1 ui - 2 teentjes knoflook - scheutje zonnebloem of arachideolie - 1 el fijngesneden gember - 3 el ketjap - zout - 1 flinke tl sambal badjak - 1 kopje water - 2 stengels bleekselderij
Zo maak je het:
Mijn fornuis is geweldig, 6 pitten, maar een piepklein brandertje voor dit soort gelegenheden dat heeft ie dus niet. Zelfs met een plaatje eronder vind ik dat het veel te hard gaat dus... in de oven ermee, zo rond de 100 graden en je krijgt een fantastisch resultaat. Een uur of 6 staat het er zeker in. Je hebt er verder amper omkijken naar, af en toe even koekeloeren en voelen, even omroeren en je kunt weer verder waar je mee bezig was. In mijn geval was dat het maken van de Griekse walnotentaart en wat andere gerechtjes voor de rijsttafel.
Mocht je dit recept gaan maken bedenk dan dat het als hoofdgerecht voldoende is voor 2 à 3 personen. Als onderdeel van een rijsttafel hangt het er natuurlijk vanaf hoeveel andere gerechtjes je maakt maar bij ons was het zeker voldoende voor 6 personen aangezien ik ook nog rendang, daging roedjak, ajam bali, 2 soorten sateetjes, tofu in ketjapsaus, eieren in kokosmelk, nasi, bami, kokosbanaantjes, boontjes in kokosmelk, emping, rempejek en kroepoek had gemaakt......De restjes smaakten gisteren heerlijk...
Je hebt nodig:
350 gram hacheevlees -1 ui - 2 teentjes knoflook - scheutje zonnebloem of arachideolie - 1 el fijngesneden gember - 3 el ketjap - zout - 1 flinke tl sambal badjak - 1 kopje water - 2 stengels bleekselderij
Zo maak je het:
- Oven voorverwarmen op 100 graden
- Ui snipperen
- Knoflook fijnhakken
- Scheutje olie verhitten
- Ui en knoflook fruiten
- Gember toevoegen, 1 minuutje meefruiten
- Het vlees toevoegen met de ketjap, zout, de sambal en het water.
- Aan de kook brengen.
- Vuur uit, deksel op pan of overscheppen in vuurvaste schaal met hetzij een deksel of aluminumfolie en in de oven schuiven
- Lekker laten stoven, af en toe even kijken.Misschien af en toe wat water toevoegen als het vocht teveel reduceert.
- Een kwartiertje voor je serveert de in stukken gesneden bleekselderij toevoegen.
maandag 9 januari 2012
Geel en geurig; Nasi Koening Ketan
Een paar keer per jaar laat ik me met veel plezier verleiden tot het maken van een uitgebreide rijsttafel. Door het hele jaar heen staan er regelmatig mini versies op tafel maar zo één waarbij de tafel maar net groot genoeg is kost nogal wat voorbereiding en tijd. Stoofgerechtjes met rundvlees zoals rendang maak ik altijd al een dag van tevoren. Ik laat het uren en uren in de oven (100 graden) stoven, alle smaken ontwikkelen zich optimaal en de geur die er uiteindelijk uit opstijgt....het vlees dat uit elkaar valt...bijna hemels.
Afijn, de komende tijd ga ik maar eens een heel stel recepten plaatsen. Gisteren hebben we weer genoten van alle gerechtjes maar omdat ik zo druk bezig was de hele boel òp tafel te krijgen ben ik vergeten foto's van de gevulde schaaltjes te maken, lekker slim.
Een rijsttafel zonder nasi is als hutspot zonder wortel dus hierbij Nasi Koening Ketan.
Je hebt nodig:
1 stengel sereh (citroengras) - 1 el koenjit - 1 el citroensap - 2 kopjes rijst - 1 1/2 kopje water - 1 gesnipperde ui - zout
2 1/2 kopje kokosmelk
Zo maak je het:
Afijn, de komende tijd ga ik maar eens een heel stel recepten plaatsen. Gisteren hebben we weer genoten van alle gerechtjes maar omdat ik zo druk bezig was de hele boel òp tafel te krijgen ben ik vergeten foto's van de gevulde schaaltjes te maken, lekker slim.
Een rijsttafel zonder nasi is als hutspot zonder wortel dus hierbij Nasi Koening Ketan.
Je hebt nodig:
1 stengel sereh (citroengras) - 1 el koenjit - 1 el citroensap - 2 kopjes rijst - 1 1/2 kopje water - 1 gesnipperde ui - zout
2 1/2 kopje kokosmelk
Zo maak je het:
- Giet het koude water over de rijst en voeg koenjit, sereh en citroensap toe. Laat het een minuutje of 10 trekken
- Kokosmelk, de gesnipperde ui en een snufje zout toevoegen en breng aan de kook.
- Vuur op een laag pitje zetten en zachtjes laten pruttelen tot de rijst gaar is.
- Wat ook kan, is om het vuur uit te zetten zodra de rijst een minuutje of 3 heeft gekookt, het is dan wel zaak de deksel niet meer van de pan te halen. Door de hitte gaart de rijst langzaam. Bij mij werkt dat perfect.
- Zodra de rijst gaar is, losroeren met een vork.
Labels:
Aziatisch,
Recept,
Rijst,
Rijsttafel,
Vegetarisch
donderdag 5 januari 2012
Boontjes in kokosmelk met garam masala
Laatst had ik nog wat haricots verts en tomaten over, vergeten te gebruiken met de Kerst....Ook heb ik na dergelijke feestelijke dagen met bijbehorend gehap vaak heel veel zin in iets indisch/indiaas/thai/surinaams-achtigs of gewoon gebakken aardappeltjes met een salade of iets dergelijks.
Kokosmelk heb ik altijd wel in huis, evenals rode pepers, uien, knoflook en garam masala ( een kerrie mengsel maar veel kruidiger). Nog wat taugé gekocht en mijn bijgerecht was al bijna klaar, alleen nog wel even klaarmaken. We aten het met rijst en rendang, heerlijk!
Voor 4 personen heb je nodig:
450 gram haricots verts of sperziebonen - 1 flinke ui - 1 teentje knoflook - 3 tomaten - 1 rode peper- 150 gram taugé - klein beetje zonnebloem of arachideolie - 1 el garam masala - 250 ml kokosmelk - zout
Zo maak je het:
Kokosmelk heb ik altijd wel in huis, evenals rode pepers, uien, knoflook en garam masala ( een kerrie mengsel maar veel kruidiger). Nog wat taugé gekocht en mijn bijgerecht was al bijna klaar, alleen nog wel even klaarmaken. We aten het met rijst en rendang, heerlijk!
Voor 4 personen heb je nodig:
450 gram haricots verts of sperziebonen - 1 flinke ui - 1 teentje knoflook - 3 tomaten - 1 rode peper- 150 gram taugé - klein beetje zonnebloem of arachideolie - 1 el garam masala - 250 ml kokosmelk - zout
Zo maak je het:
- Maak de boontjes schoon
- Pel en snipper de ui
- Pel en snipper de knoflook
- Snijd de rode peper in ringetjes ( zaadjes verwijderen als je een milde variant wilt)
- Verhit de olie en fruit hierin de ui, knoflook en rode peper.
- Voeg de boontjes toe, even omscheppen.
- Garam masala toevoegen en vervolgens de kokosmelk.Omscheppen
- Deksel op pan en zachtjes laten koken
- Tomaten in grove stukken snijden en na 10 minuutjes toevoegen. Even mee laten sudderen
- Meteen even proeven of de boontjes beetgaar zijn. Eventueel wat zout toevoegen als je de saus te flauw vindt.
- Vlak voor het opdienen de taugé erdoor scheppen.
Labels:
Aziatisch,
Bijgerecht,
groente,
Recept,
Rijsttafe
Abonneren op:
Posts (Atom)




