Posts tonen met het label Amuse. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Amuse. Alle posts tonen

maandag 27 januari 2014

Winterwalk 2014 op landgoed De Utrecht en uitrusten 'In den Bockenreyder'

Op een klein kwartiertje rijden van ons stulpje ligt Landgoed 'De Utrecht' . een gebied van zo'n 2500 hectare waar het heerlijk wandelen en fietsen is. In 1898 begon levensverzekeringsmaatschappij Utrecht met het ontginnen van de heidevelden. Zo ontstond er 1800 hectare bos en 600 hectare landbouwgrond. Daarnaast bleef er 400 hectare van het oorspronkelijke natuurgebied behouden.
Dit maakt De Utrecht heel divers. Zo loop je langs weilanden, dan door het dennenbos, doen je voeten beukenbladeren ritselen, spring je over een slootje omdat het pad toch anders loopt dan je in gedachte had, prut je door de modder en geniet je van uitbundige kleuren van de rhododendrons. Vogelgeluiden lokken je naar het ven en De Herdgang waar de Reusel meandert is immer van een sprookjesachtige pracht.
In welk seizoen je hier ook je kilometers maakt, het is altijd de moeite waard.





En aan het eind van je tocht wacht 'In den Bockenreyder' , een herberg gelegen in buurtschap Dun.
Beroemd in Tilburg en omstreken vanwege zijn flink uit de kluiten gewassen uitsmijters. Hierna hoef je voorlopig  niets meer te eten. Het bestaat al ruim tachtig jaar maar eigenlijk al veel en veel langer. Al wilde je er toen niet gezien worden, het werd bevolkt door duistere lieden, de bokkenrijders. Een stelletje boeven die misbruik maakten van de goedgelovigheid van de mensen in die tijd. Het volksgeloof wilde dat bokkenrijders geesten waren die op bokken door de lucht reden.
Tegenwoordig is er geen bok meer te bekennen, wel ezel Dries. En zeker op zondag zit het stampvol mensen. Op het grote terras is vaak geen plekje meer vrij maar gelukkig bieden staantafels uitkomst en anders zoek je maar een plekje op een boomstam of iets dergelijks. Gemoedelijk en gastvrij dat zijn ze hier. Het is net of een glas Leffe hier beter smaakt als elders.



Hier waren wij afgelopen zaterdag te vinden. Tien vrienden en vriendinnen die ieder jaar na de feestdagen een dag bij elkaar komen om te wandelen dus en natuurlijk samen te eten. Dit jaar was het weer in huize Eetlust te doen. Nadat een ieder zijn meegebrachte etenswaar op de daarvoor bestemde plekken had neergezet, er een bakske leut was gedronken vertrokken we Landgoed Utrecht waarts voor een fijne wandeling vol gebabbel en geklets.
De inspanning werd beloond met de genoemde Leffe om vervolgens weer naar Tilburg te vertrekken waar we de dag verder luister bijzetten met een glas bubbels en een rondje amuse op basis van makreel en gerookte kip van M&M. Altijd leuk om vrienden samen te zien keutelen in de keuken. Voortreffelijke combi trouwens makreel en doperwtenpuree met munt. Wat dat betreft heb ik voorlopig weer wat receptjes om hier neer te zetten.
De afdeling Houten schotelde ons een Ottolenghi creatie voor. Venkeltaart met parmezaan en kruimeldeeg. Goddelijk! Onze in België woonachtige vrienden verrasten ons met een witte gazpacho. Deze koude soep met amandelen en witte druiven straalde je zomers tegemoet.
Onze bijdrage was het stoofpotje met paprika en chorizo samen met wat rijst en een salade met rode kool, appel, wortel en nog zo wat.
Om voorts in stijl af te sluiten met waanzinnig lekker home made koffieijs en sorbet van fruit uit eigen tuin van F&J.
Wat een genot om vrienden te hebben die ook houden van koken en eten haha! Een heerlijke dag was het weer. Moe maar zeer voldaan rolden we ons bedje in.
Volgend jaar naar Waalre!

En nu willen jullie graag foto's zien he van al dat gefrats? Voor aardige plaatjes moeten we maar gaan zomerwalken, is er tenminste fatsoenlijk licht tot onze beschikking. Nu doet het alle met liefde bereidde creaties geen recht en dat vind ik ook weer zonde.

Ben je in de buurt? Houd je van wandelen?
Ga dan zeker eens naar:

'In den Bockenreyder'
Dunsedijk 3
5085 ND Esbeek

Landgoed De Utrecht

donderdag 19 december 2013

Hapje van paarse aardappel met bietenpuree en zure haring

Husband stak met collegae zijn benen onder andermans tafel en wel bij Radio Royaal in Eindhoven op Strijp S. Daar struinde ik een aantal weken ook rond tijdens de Dutch Design Week. Wij aten bij het Ketelhuis, een sfeervolle locatie waar je prima kunt eten voor een eveneens prima prijs. Radio Royaal stapten we wel even binnen vanwege zijn geweldige  industriële interieur en zette het meteen op mijn lijstje voor een volgende keer.


Echtgenoot was me dus voor. Terwijl ik eenzaam aan de pasta zat verorberde hij een wildmenu, verschil moet er zijn. Hij vertelde me over paarse aardappeltjes waarbij ik in eerste instantie aan truffelaardappeltjes dacht.
Een paar dagen later tijdens mijn rondje boodschappen bij die gele supermarkt spotte ik een bakje met daarin Vittelotte Noire aardappeltjes. Dat zag er behoorlijk paars uit, zouden het die zijn geweest? Hupsakee in het mandje. De man des huizes bekeek 's avonds mijn vondst en constateerde dat ze het best eens konden zijn.
Een kleurig aardappeltje voor een vrolijk hapje met gemarineerde biet en zure haring. Die haring doet me altijd aan mijn in 2012 overleden schoonmoeder denken, potjes sleepten we mee voor haar in die laatste maanden. Veel eten deed ze niet meer maar een 'herrinkske' at ze nog met smaak. Ik denk dat ze dit hapje wel had gewaardeerd.



Je hebt nodig:

1 rode biet - 100 ml azijn - 2 à 3 el suiker - peper en zout - 1/2 à 1 koffielepel mierikswortel - 2 eetlepels room -  potje zure haring - bakje Vittelotte Noire aardappeltjes ( als je die niet kunt krijgen pak je gewoon een ander aardappeltje, wel een vastkoker)

Zo maak je het:

Kook de biet gaar, dit duurt afhankelijk van de grootte een half uur tot veertig minuten. Spoel de biet af onder koud water, verwijder zijn jasje en snijd in plakken en vervolgens in kleine blokjes.
Verwarm in een pannetje azijn met suiker, wat peper en zout. Roeren tot de suiker is opgelost. Proef even of je de smaak goed vindt. De een is wat zoeter aangelegd dan een ander.
Leg de blokjes biet hier in, roer om en zet je hittebron uit. Laat de biet een uurtje marineren.

Je kunt natuurlijk ook voorgekookte biet kopen, eerlijk gezegd heb ik dat nog nooit gedaan dus geen flauw idee hoe die smaken. Een potje kan ook als alternatief dienen. Die bietjes hoef je dan niet meer te marineren dat is al voor je gedaan.

Kook een stuk of 10 aardappeltjes in de schil tot ze gaar zijn. Spoel af onder koud water.

Giet de bietjes af en hevel over in een kom. Pureer het met de staafmixer of prak het samen met mierikswortel naar smaak, room en wat zout en peper. Wij houden erg van de pittige mierikswortel en zijn er dus niet al te zuinig mee. Maar pas wel op het mag natuurlijk niet overheersen en de verschillen tussen de diverse merken geraspte mierikswortel zijn enorm.

Schil de aardappeltjes. Je kunt ze of in dikke plakken snijden of halveren. Verdeel er wat bietenpuree over en garneer met een stukje zure haring. Prikker erin en klaar.

Kleurrijker kun je het bijna niet hebben!




dinsdag 17 december 2013

Glaasje met geroosterde paprika en geitenkaas-basilicumcrème

Heerlijk dat getutsel en gefrutsel in je keuken op een gewone zondag waarbij het wel even duurde voor ik helemaal op gang kwam. De dag begon loom met koffie, nog wat zaterdagkrant, even onder de douche en ach doe nog maar een bakkie leut. Eerste culinaire activiteit van de dag, oven aanzetten en een biet in een pannetje met water mikken en op het vuur zetten.
Van ochtendhumeur heb ik geen last, zodra de ogen open zijn ben ik negen van de tien keer ook echt wakker maar na een feestje in onze hoofdstad ter ere van een nieuwe Sara in ons midden liep het toch net wat stroever zoals u zult begrijpen. Hee, ik ben ook geen twintig meer!
Terwijl het water met biet lustig begon te borrelen, de oven op temperatuur kwam, halveerde ik twee rode paprika's en daarmee begon een dagje keukengefröbel. Moeder was wakker.



Voor 4 glaasjes heb je nodig:

2 rode paprika's - 125 gram zachte geitenkaas (Bettine Blanc of iets dergelijks) - 50 ml room - 2 el gehakte basilicumblaadjes - peper - zout - 2 el olijfolie -  2 el extra vergine olijfolie om te marineren - 1 tl witte basterdsuiker - 1 teentje knoflook - 3 kleine takjes tijm - spriets limoensap - 1 el water

Zo maak je het:

Verwarm de oven voor op 200 graden.

Halveer de paprika's en verwijder de zaadlijsten. Leg ze in een ovenschaal en besprenkel met 2 el olijfolie, strooi er wat zout over en hussel het even om. Schuif in de oven en bak ze ongeveer 40 minuten. In ieder geval tot het velletje zwart begint te worden en de paprika helemaal zacht is.
Haal ze eruit, doe over in een andere kom en dek af met plasticfolie. Je kunt ook een afsluitbaar bakje gebruiken.

Maak een marinade van de extra vergine olijfolie, suiker, water, een snufje zout en wat limoensap met fijngesneden knoflook. De takjes tijm mogen er in hun geheel bij.

Zodra de paprika's afgekoeld zijn trek je de velletjes eraf. Snijd de paprika's in stukjes en vermeng met de marinade. Zet minimaal twee uur in de koelkast, het liefst nog langer, een nacht is helemaal perfect.

Voor de creme vermeng je de geitenkaas met de room en basilicum. Zet er even de staafmixer op. Proeven, wellicht wat peper erbij. Misschien nog een beetje room maar pas op het moet geen saus worden.

Schep wat paprika in een klein glaasje, beetje crème erop, paprika en tot slot nog wat crème. Steek er een stukje geroosterd brood in en een blaadje basilicum.

Een heerlijk fris hapje om de avond te beginnen.


maandag 16 december 2013

Coquilles met venkel-sinaasappelpuree

Het is weer die tijd van het jaar. Verzinnen van wat nieuwe hapjes. Nu doe ik dat wel vaker maar zo rond Kerst doen we altijd een testdagje. Sommige creaties sneuvelen of behoeven aanpassing, anderen mogen meteen blijven. Husband speelt voor proefkonijn. Een geducht proefkonijn want deze meneer is niet van alle producten en ingrediënten op deze aardbol gecharmeerd. En daar houd je dan rekening mee niet waar. Althans zo veel mogelijk.
Deze coquilles met een pureetje van venkel, sinaasappel en witte wijn mogen op de menukaart van Huize Eetlust. En als hij het zegt dan doen we dat. Nu zijn coquilles ware verwennerijtjes, kleine cadeautjes mits goed bereid. Niet te lang bakken anders worden ze taai en o jee dat is zo zonde!
De allerlekkerste aten we in Normandië waar vrienden van ons wonen. 's Ochtends gaat hij ze halen op een half uurtje rijden van hun huis, 's middags liggen ze op ons bord. Verser kun je ze bijna niet hebben. In één woord verrukkelijk!




Je kunt het serveren als voorgerechtje, voldoende voor 4 personen, maar ook als amuse. Dan kun je uiteraard meerdere mensen van een hapje voorzien.

Je hebt nodig:

12 coquilles ( ik kocht ze al ontdaan van de schelp) - 1 venkel - 1 banaansjalotje - 1 sinaasappel - 1/2 glas droge witte wijn - 1 steranijs - 75 ml room - zout en peper - boter - scheutje olijfolie

Zo maak je het:

Snijd onder - en bovenkant van de venkel plus eventueel het buitenste deel. Beetje afhankelijk van hoe het eruit ziet. Vervolgens in kleine stukjes verdelen.
Snipper de sjalot.
Verhit in een klein pannetje 25 gram roomboter en smoor hierin de sjalot tot het glazig begint te zien.
Voeg de venkel en steranijs toe en bak een paar minuten zachtjes mee. Nu de wijn erbij plus het sap van een halve sinaasappel
Dekseltje erop en zachtjes laten stoven tot de venkel gaar en zacht is. Eventueel wat water toevoegen indien het vocht teveel verdampt.
Steranijs eruit halen, die mag weg.
Giet de room erbij plus nog een extra spriets sinaasappelsap en zet de staafmixer erop.
Zelf vind ik een beetje structuur erin lekker, het hoeft wat mij betreft geen Olvarit te worden
Breng verder op smaak met wat gemalen peper en een beetje zout.

Dep de coquilles goed droog en bestrooi ze met wat zout en peper. Verhit een koekenpan met een scheutje olijfolie met wat roomboter op hoog vuur. Leg de coquilles erin en bak ze één hooguit anderhalve minuut per kant. Ze moeten stevig aanvoelen maar nog wel meegeven dan zijn ze perfect

Leg op ieder bordje drie hoopjes venkelpuree, drapeer er een coquille op. Strooi er een heel klein beetje sinaasappelrasp over en wat venkelgroen.

Dit zelfde kun je natuurlijk ook doen op een amuselepel dan met 1 dotje venkelpuree en 1 coquille.

zaterdag 7 december 2013

Amuselepel met crème van blauwaderkaas, stoofpeer en roggebroodkruim

Tijd voor lekkere hapjes! Daar hoeft het trouwens geen december voor te zijn. Gisteren gaf ik jullie het recept voor mijn stoofpeertjes.  Als je nu een peertje meer stooft dan daadwerkelijk nodig kun je ook meteen dit hapje maken. Zoet, zout, romig en met wat aardse roggebrood.  Hapt zo heerlijk weg.En het is ook nog eens een werkje van niks, zo gepiept.
In plaats van een blauwaderkaas kun je ook feta gebruiken, een Nederlandse zachte geitenkaas of andere romige kaas maar het liefst wel met wat pit voor het contrast tussen de smaken.
De peer is namelijk behoorlijk zoet en overheerst anders volledig de kaas, dat zou jammer zijn.

Oorspronkelijk wilde ik een panna cotta met blauwe kaas maken plus roggebrood en peer, heb ik ook gedaan en de smaak was goed maar ik kreeg het niet helemaal zoals ik voor ogen had.  Ik blijf fröbelen en hoop het recept op een goede dag te kunnen delen.

Zelf ben ik gek op blauwschimmelkazen, op alle kazen eigenlijk wel. Behalve op wortelkaas, kennen jullie dat?  Ooit zag ik het liggen bij mijn favoriete kaasboer en aangezien een mens toch zo'n beetje alles geproefd moet hebben in zijn leven nam ik een stukje mee. Wat een flauwe hap. Dat was eens maar nooit weer. Gelukkig zijn er ontelbare andere heerlijkheden.



Je hebt nodig voor 8 lepels:

100 gram blauwe kaas zoals roquefort, Brabants blauw, Bleu d'Auvergne, Blue Stilton, Fourme d'Ambert. Kazen uit de categorie pittig. - 4 el slagroom - 1 stoofpeertje met wat stoofvocht- 1/4 plakje Fries roggebrood - spuitzak

Van tevoren kun je al doen:

Kaas prakken en vermeng het met zoveel room dat het een smeuïge massa wordt. Zet afgedekt weg tot gebruik.
Verdeel de peer in kleine stukjes. Zet afgedekt weg tot gebruik
Verkruimel het roggebrood.Gewoon met je vingers of anders met een mes, we gaan voor zo'n kleine hoeveelheid geen apparaten laten draaien.

Vlak voor serveren:
Spuit een toefje crème op de lepel, verdeel er wat roggebrood over, paar stukjes peer en een paar druppels stoofperensiroop.Dat is het vocht van de stoofperen wat je ingekookt hebt. Zie het recept van de stoofpeertjes.



Voilà, een kind kan de was doen.

dinsdag 15 oktober 2013

Pittige paddestoelenspread

Wie aan de herfst denkt, denkt vast ook aan paddestoelen. De prachtig gekleurde bladeren, wandelingen in het bos, zoeken naar beukenootjes, tamme kastanjes en wie ziet de meeste paddestoelen? Met een beetje geluk schijnt er een lekker najaarszonnetje op je bol, kun je nog op het terras genieten van een glas herfstbok of een kop hete koffie. Of uitwaaien op het strand, met je rug gekromd tegen de wind in, eens kijken wie er wint. Heerlijk! Maar af en toe giert de wind rond je huis en regent het alsof het alle regenloze dagen in wil halen. Een binnendag met een goed boek, een spelletje hier en daar, geluier en een beetje prutsen in de keuken.
Prutsen met paddestoelen natuurlijk. Een snel klaar receptje om op toastjes, stokbrood of ciabatta te smeren. Of gewoon op je al dan niet geroosterde boterham. Gebruik gewoon de paddestoelen die jij lekker vindt. Koop in ieder geval een bakje gedroogd eekhoorntjesbrood meestal te vinden onder de naam cèpes of porcini. Enorm aromatisch, je ruikt het bos. Ik gebruik ze graag.




Je hebt nodig:

300 gram gemengde paddestoelen - 1 middelgrote ui - 1 teen knofook - 1 rode peper - 25 ml droge sherry - flinke spriets citroensap - peper en zout - - scheutje olijfolie - 75 gram roomboter.

Zo maak je het:

Veeg de paddestoelen zonodig schoon. Heb je ook van die lekkere gedroogde jongens gekocht, week ze dan tien minuten in heet water en knijp vervolgens uit.
Hak alle paddestoelen in  stukjes. Snipper ui en knof eveneens fijn. Haal de zaadjes uit de rode peper voor een mildere variant. Zelf heb ik de helft van de zaadjes gebruikt. Het is ook jammer als je straks de paddestoelen niet meer proeft.

Verhit een scheutje olijfolie en bak hierin de paddestoelen, ui, knoflook en rode peper.. Blus af met de droge sherry. Laat even pruttelen. Voeg dan peper en zout naar smaak toe. Knijp er wat citroensap over. Lepeltje proeven en eventueel nog wat citroensap. Laat afkoelen tot lauw.

Hevel het over in je keukenmachine of bakje van je staafmixer. Pureer de hele boel samen met ongeveer 75 gram zachte roomboter. Schep in een gezellig potje, sluit af en zet tot gebruik in de koelkast.

woensdag 2 oktober 2013

Garnalen in zoete chili-tomatensaus

Garnalen kan ik elke week wel eten, net als mosselen, ook zoiets. Altijd al gehad. Variaties zijn er genoeg te bedenken zodat het nooit verveelt. Gisteren was het weer zover. Aan de ene kant trek in pasta, aan de andere kreeg ik die garnalen niet uit mijn hoofd.  Het zal duidelijk zijn, de laatsten hebben gewonnen.
Maak ik vandaag gewoon pasta. Denk ik.
Hebben jullie dat ook wel eens? 's Ochtends bedenken wat je die dag gaat eten en iets geheel anders op tafel zetten. Het overkomt mij regelmatig. Trek je die koelkast open en zie je een paar tomaten of paprika's liggen waar je echt iets mee moet  voor ze overlijden zeg maar.

Deze jongens heb ik zoals de titel al verklapt laten garen in een chili-tomatensaus met flink wat gember, knoflook en als extraatje een paar piri-piripepers uit eigen tuin. Wie bang is dat het een wel heel pittige bedoening wordt, vrees niet het valt reuze mee! Natuurlijk past rijst hier uitstekend bij. Ik heb aan de rijst wat geraspte limoenschil toegevoegd voor ik het ging koken. Vlak voor het opscheppen nog een flinke spriets sap erdoor, prima combinatie met de ietwat pittige garnalen.




Je hebt nodig:

600 gram grote garnalen (vers of uit de diepvries) - scheutje zonnebloem of arachideolie - 2 knoflooktenen - 2 cm gember - 2 sjalotjes - 2 of 3 chilipepers/Spaanse pepers - 1 limoen - 100 ml gezeefde tomaten (pakje) - 4 à 5 el zoete chilisaus, zelfgemaakt of zelf gekocht - 125 ml water - zout - 1 koffielepel gula djawa oftewel palmsuiker (te koop bij de Toko maar de Jumbo heeft het in ieder geval ook)

Zo maak je het:

Laat de garnalen ontdooien in de koelkast of onder koud stromend water. Verwijder hun jasjes. De darmkanaaltjes zijn vaak al grotendeels verwijderd maar check het toch maar even. Zie je een duidelijke grijze draad lopen, even over de lengte insnijden en met een scherp mesje eruit trekken. Gaat meestal heel gemakkelijk.
Dep de garnalen goed droog en leg ze tot gebruik in de koelkast.

Hak de sjalotjes, knoflook, gember en chilipepers fijn. Je kunt het zaad uit de pepers verwijderen voor een mildere smaak. Of bij de ene wel en de andere niet. It's up to you!
Rasp de palmsuiker. Je koopt het meestal als dikke schijven. Ze blijven eeuwen goed zolang je ze maar luchtdicht opbergt. Anders worden ze keihard.
Verhit een scheutje olie en fruit hierin de knoflook, gember, chili en sjalotjes vijf minuten op een laag vuur.
Voeg gezeefde tomaten, zoete chilisaus, sap van een halve limoen en water toe. Laat 5 minuten pruttelen. Proef en voeg indien nodig wat zout toe.
Leg de garnalen erin en hussel het om.
Deksel op de pan en vijf minuten op laag vuur laten garen. Meer hebben ze niet nodig.

Serveren met de limoenrijst en wat komkommer.

Extra: Gebruik dit garnalenrecept eens om lepelhapjes te maken en uit te delen als amuse. Of rooster (stok)brood, leg er wat garnalen op met een lik saus en wat limoenzest.
Als onderdeel van je tapasavondje met knapperig brood.
Maak er een garnalencocktail anders dan anders van, koud zijn ze namelijk ook heerlijk!
Zo zie je maar weer, je kunt alle kanten op met de garnaal.

woensdag 9 januari 2013

Zandbakjes

Hierbij niet denken aan schepjes, emmertjes, wel aan vormpjes overigens. Met slechts 3 ingrediënten kun je brosse bakjes maken die perfect geschikt zijn om te vullen met allerlei hartigs. Er zit geen zout in, geen suiker maar afhankelijk van je vulling kun je nog wel het een en ander toevoegen aan dit basisdeeg. Pas wel op dat je daarmee niet te scheutig bent waardoor de structuur van het deeg kan veranderen.
De hoeveelheid is voldoende voor ongeveer 36 bakjes, mits gebakken in een minimuffinplaat. Ja daar is ie weer, de muffinplaat, eigenlijk zou iedereen er gewoon 1 of 2 in huis moeten hebben. Ze zijn ontzettend handig en niet alleen voor het bakken van muffins, ook voor deze bakjes dus. Ze blijven overigens een aantal dagen goed mits je ze bewaart in een luchtdicht afgesloten trommel of bak.
En daarna lekker vullen, met een paddestoelenragoutje bijvoorbeeld of de fetapesto van Caroline, een mousse van zalm of kip, de bonenpuree met geroosterde paprika waar ik eerder deze week over schreef kan ook prima. Wat niet eigenlijk...



Je hebt nodig voor ongeveer 36 stuks:
250 gram bloem - 125 gram koude boter - 1 ei - minimuffinplaat of kleine bakvormpjes - steker.

Zo maak je het:

Zeef de bloem in een kom. Snij de boter in kleine stukjes en doe bij de bloem. Wrijf de boter nu met je vingertoppen door de bloem net zolang tot het op broodkruim begint te lijken.
Maak een kuiltje in het midden en breek het ei hierboven. Roer het er met je vingers doorheen tot het opgenomen is en je een kruimelig deeg hebt. Het deeg ziet nu ook geel.

Kneed het deeg nu snel tot een samenhangende bal. Wikkel het in plasticfolie en leg het een half uur in de koelkast.
Verwarm de oven voor op 200 graden. Vet je bakvormpjes vast licht in.

Rol het deeg uit tot een lap van ongeveer 2 mm dikte. Bebloem eventueel je werkblad heel licht maar niet teveel want daar houdt dit deeg niet zo van. Je kunt het ook uitrollen tussen 2 vellen bakpapier.
Steek er rondjes uit met een steker van 7 cm. Bekleed hiermee je bakvormpjes en prik zowel in de bodem als de zijkanten met een vork.
Het deeg wat overblijft door het uitsteken vorm je gewoon weer tot een balletje, uitrollen, steken en zo komen we wel aan 34 - 36 bakjes.

Bak ze tussen de 6 à 8 minuten en laat vervolgens afkoelen op een rooster. Daarna tot gebruik bewaren in een luchtdicht afgesloten trommel of bak en ze blijven zeker een dag of 4 goed.

dinsdag 20 november 2012

Witloflepeltjes met bietensalade

Na de tortelliniprikkers van gisteren vandaag een kleurrijk hapje dat ligt te stralen op je tafel. Het koken van de bieten vergt wat tijd, zo'n 45 minuten maar als je slim bent doe je dat vast de dag of avond van tevoren. De bieten kunnen dan in de pan in hun kookvocht afkoelen.
Bij het bedenken en opsnorren van de receptjes houd ik altijd rekening met de bereidingstijd en probeer dat een beetje in schema te brengen. Er ligt altijd een lijstje in de buurt met ingrediënten en handelingen zodat ik af kan strepen wat er al is gedaan. Daarnaast is het ook niet de bedoeling dat je het je zelf zo moeilijk maakt dat je tijdens het feest amechtig in een stoel hangt. Met minimale middelen kun je ook een maximaal effect bereiken! Misschien moet ik hier maar eens een aparte post aan wijden.



De witloflepeltjes zijn ook een voorbeeld van eenvoud. Waarschijnlijk houd je wat bietensalade over maar dat kun je de dag erop lekker opeten.Geen zin om de bieten te koken? Ze zijn ook voorgekookt te koop al heb ik geen idee hoe die smaken of gebruik anders een potje. Laat de bieten dan wel goed uitlekken en sla bij het maken de stap van 'marineren' over, je hoeft dan alleen de appel en biet fijn te snijden en samen met de verkruimelde feta door elkaar te mengen.

Je hebt nodig voor ongeveer 30 stuks:
2 bieten - 11/2 appel - 125 gram feta - 3 stronkjes witlof - 150 ml appelciderazijn - 2 el suiker.

Zo maak je het:
  • Spoel indien nodig de bieten schoon onder stromend water, zorg ervoor dat het velletje blijft zitten. Zet ze op in een pan met zoveel water dat ze net onderstaan. Kook tot ze gaar zijn. Prik na een half uur voorzichtig met een vork in één van de bieten. De grootte van de biet bepaalt de kooktijd. Bij mij waren ze na 45 minuten gaar.  Laat afkoelen tot je ze vast kunt houden.
  • Wrijf het velletje eraf en snijd de bieten in kleine blokjes.
  • Verwarm in een pan de appelciderazijn met de suiker, roer tot de suiker helemaal is opgelost. Voeg de bietenblokjes toe, roer goed door. Zet het vuur af en laat de blokjes in de marinade helemaal afkoelen. Tot en met hier kun je al een dag van tevoren doen.
  • Laat vervolgens uitlekken
  • Snijd de appel in hele kleine stukjes. Vermeng de bietenblokjes, verkruimel de feta erover en schep door elkaar.
  • Snijd de kontjes van de witlof en haal de blaadjes los. Leg op het harde gedeelte (de onderkant dus), een koffielepel bietensalade. Drapeer op bord of schaal.
  • Voila, dat is het!
Witlof vind ik een geweldige uitvinding voor dit soort gerechtjes, ik weet niet hoe het met jullie inventaris gesteld is maar ik heb geen 30 amuselepels. En als jullie denken waar zijn die 30 witlofgevalletjes? Natuurlijk helemaal vergeten een foto te maken, gelukkig had ik nog salade over plus witlof...

vrijdag 25 mei 2012

Koude komkommersoep met dille


Heerlijk vind ik zo'n gekoelde komkommersoep op warme dagen zoals deze waarop je zo min mogelijk in potten en pannen wil roeren. 's Ochtends of de avond ervoor maken, koelen in de gootsteen en vervolgens tot gebruik in de koelkast zetten. Ik maak het ook wel eens als amuse voor bijvoorbeeld een brunch, je kunt er dan wat Hollandse garnalen op leggen of een soepstengel omwikkelen met gerookte zalm. Zo maak je een baksteen nog lekker zeggen we dan.




Je hebt nodig:
1 liter water - 1 1/2 groentebouillonblokje - 1 1/2 komkommer - 1/2 ui - paar takjes verse dille - optioneel: zure room, gerookte zalm, Hollandse garnalen, enz. - staafmixer of blender

Zo maak je het:
  • Zet het water op met de bouillonblokjes
  • Snijd de komkommer in de lengte doormidden en vervolgens in halve maantjes.
  • Snipper de ui
  • Voeg zodra het water kookt de komkommer en ui toe en laat zachtjes koken tot de komkommer zacht is.
  • Haal de pan van het vuur en pureer het met de staafmixer of in de blender.
  • Snel koelen gaat gemakkelijk in de gootsteen, uiteraard wel opletten dat het water niet in de pan spettert of loopt. Zet de pan in de gootsteen, laat er koud water in lopen tot het 3/4 van de pan heeft bereikt. Ondertussen al goed doorroeren. Zodra het afgekoeld is, pan droogmaken en in de koelkast zetten.
  • Knip wat verse dille, schenk de soep in glazen of in kommetjes, schep er eventueel wat zure room op en bestrooi rijkelijk met de dille. Wat trouwens ook lekker is om een klein beetje citroensap door de soep te roeren.


maandag 9 april 2012

Koud soepje van geroosterde paprika's met een prikkertje 'Caprese'

Soms kan iets zo simpel zijn en zo puur, juist door de eenvoud. Geen toeters en bellen, geen 50 ingrediënten, alleen 3 rode paprika's en groentebouillon.



Wat heb je nodig voor ongeveer 16 kleine glaasjes:

3 rode paprika's - scheutje olijfolie - peper en zout - 850 ml groentebouillon (tablet/blokje)
Voor de prikkers: mini mozzarellabolletjes - kerstomaatjes - blaadjes verse basilicum - scheutje olijfolie - peper en zout.

Zo maak je het:
  • Verwarm de oven voor op 225 graden
  • Halveer de paprika's en verwijder de zaadlijsten.
  • Leg ze in een ovenschaal, giet er een scheutje olijfolie in en wentel de paprika's er doorheen zodat ze bedekt zijn met de olie. Zet ze 25 - 30 minuten in de oven, in ieder geval tot het velletjes donker begint te kleuren en de paprika's zacht zijn
  • Haal ze uit de ovenschaal, doe in een kom met wat peper en zout en dek af met plasticfolie. Laat ze zo liggen tot ze bijna afgekoeld zijn.
  • Maak ondertussen de groentebouillon.
  • Zodra de paprika's bijna afgekoeld zijn , trek je het velletje er af en snijd ze in repen.
  • Doe de paprika's in een pannetje, giet er wat groentebouillon op en pureer met de staafmixer. Blijf bouillon toevoegen tot je een soep hebt. Proeven, eventueel nog wat op smaak brengen en af laten koelen.
  • Marineer de mozzarellabolletjes even in wat olijfolie, zout en peper. Rijg daarna een tomaatje, 2 blaadjes basilicum en een bolletje aan een cocktailprikkertje.
  • Schenk de koude soep in de kleine glaasjes en leg er een prikkertje bovenop.
 Zo lekker kan simpel zijn.

dinsdag 21 februari 2012

Zalmtartaar met appel en avocado in een glaasje

Het zal inmiddels wel duidelijk zijn dat er heel veel zaken zijn die ik ontzettend lekker vind. Rauwe zalm staat ook zeker in mijn top 5.
Een paar jaar geleden doken ineens de kleine gerechtjes in een glaasje op. Iedereen kent natuurlijk de garnalencocktail in een mooi wijnglas, in de jaren zeventig het toppunt van feestelijkheid. In mijn kast staan kleine likeurglaasjes die ik bij gelegenheid gebruikte om een mini-cocktailtje in te serveren. Maar een maatje groter is ook niet weg dus bracht de Sint of Kerstman ook voor mij die nieuwe hippe glaasjes voor mij mee zodat ik in ieder geval niet achter de trend aan hobbelde.
Laatst haalde ik ze maar weer eens tevoorschijn en wel om te vullen met dit heerlijke tartaartje in laagjes.


Je hebt nodig voor 4 glaasjes:
175 gram zalmfilet zonder vel - 1 rijpe avocado - 100 ml crème fraîche - halve groene appel (Granny Smith) - 1 limoen - peper - zout - paar takjes dille

Zo maak je het:
  • Maak de crème fraîche op smaak met peper, zout en wat limoensap.
  • Snijd de zalmfilet heel fijn
  • Halveer de avocado, verwijder de pit en snijd 3/4 in blokjes of smalle reepjes. Bestrooi met peper, zout en knijp er wat limoensap over uit, voor de smaak maar ook om verkleuren te voorkomen.
  • Verwijder van een halve appel het klokhuis en snijd eveneens in kleine blokjes of smalle reepjes. De schil kun je gewoon laten zitten.
  • Vul de glaasjes met een laagje avocado, zalm, appel, zalm, avocado en zalm. Doe tussen ieder laagje een beetje (1 tl ongeveer) crème fraîche en bestrooi de zalm bovendien met wat verse dille en geef het nog een paar druppeltjes limoensap. Op de bovenste laag wat extra crème fraïche, steek er kleine plakjes avocado in van het kwart dat je overhebt en pruts er kleine takjes dille tussen.

vrijdag 30 december 2011

Mierikswortelroomsoepje met gerookte forelfilet

Mierikswortel, wij zijn er gek op. In de soep, in saus, door boter of wat ik zelf heerlijk vind is een broodje rosbief met flink wat mierikswortel. Bij sommigen springen dan de tranen in de ogen vrees ik maar ik vind het geweldig.
Dit supersimpele soepje heb je binnen een half uur op tafel staan. Ik heb het gemaakt als onderdeel van ons voorgerecht met de Kerst. Je kunt het ook in een glaasje serveren. In de zomer kun je deze soep ook koud serveren, lekker fris en toch pittig!


In een bord mag ook

Je hebt nodig voor 6 glaasjes of kleine bakjes/kommetjes:

500 ml kippen- of groentebouillon - 50 ml slagroom - 1 sjalotje - scheutje olijfolie - 50 ml droge witte wijn -125 gram gerookte forelfilet - 1/2 el geraspte mierikswortel (potje) - paar sprietjes bieslook of wat tuinkers


Zo maak je het
  1. Snipper het sjalotje
  2. Verwarm de olijfolie en fruit hierin het sjalotje.
  3. Een half glas droge witte wijn erbij. Een minuutje of drie zachtjes laten pruttelen
  4. Giet de bouillon erbij
  5. Roer er een eetlepel mierikswortel door
  6. Proef en voeg indien gewenst nog wat mierikswortel toe
  7. Voeg de room toe.
  8. Goed verwarmen maar niet aan de kook laten komen.
  9. Verdeel over de glaasjes of bakjes/kommetjes
  10. Leg er een paar stukjes forelfilet op
  11. Knip er wat bieslook overheen
  12. Klaar! Een kind kan de was doen.