Salade Farandole. Het deed mij denken aan dansen op het dorpsplein, zwierende rokken, wapperende linten. Slierten mensen hupsen tussen de in lange rijen opgestelde tafels door.
Tafels met karaffen wijn, hier en daar een omgevallen glas, borden met resten kip. Geschater weerklinkt.
Mooie beelden ware het niet dat farandole niets anders betekent dan mengelmoes Oftewel mik er maar in wat de koelkast en voorraadkast je biedt.
Deze versie vond ik in een oud kookboekje; 'Salades et hors-d'oeuvre des pays du soleil'. Heel lang geleden eens op de kop getikt. Volgens mij ergens in de Gers maar het kan ook in de Cevennen geweest zijn. Ik weet het niet meer.
Is verder ook niet belangrijk, de salade mag in ieder geval blijven.
Je hebt nodig:
2 Granny Smith - 6 zoute ansjovisfilets (blikje) - kilo krieltjes - paar handjes rucola -300 gram haricots verts - stuk of 20 roze cocktailgarnalen (gekookt) - 2 el pijnboompitten - 1/2 el citroensap - 4 cornichons (kleine zure augurkjes) - 3 hardgekookte eieren - 1 el kappertjes -1 koffielepel pittige mosterd (dijon) - 3 el zure room - 1 el witte wijnazijn - 100 ml olijfolie - zout en peper
Zo maak je het:
Schrob de aardappeltjes eventueel schoon en kook ze in de schil gaar. Dit moet in 10 á 15 minuten gepiept zijn. Laat beetje afkoelen of tot je vast kunt pakken en trek de schil eraf.
Snij de uiteindjes van de haricots verts. Blancheer de boontjes beetgaar. Hevel ze over in een vergiet of zeef, laat er koud water over stromen zodat de boontjes niet verder garen en laat ze vervolgens uitlekken.
Rooster de pijnboompitjes in een droge koekenpan lichtbruin.
De garnalen kun je natuurlijk al gekookt kopen maar je kunt ook diepvries gebruiken. Zelf heb ik altijd een zak met rauwe garnalen liggen, wel zo handig. Ontdooi de hoeveelheid die je nodig hebt, dep droog en kook ze in wat water tot ze roze zijn. Ook deze mogen in een vergiet of zeef en net als bij de boontjes laat je er koud water over stromen. Wederom uitlekken. Doe ze in een kommetje, besprenkel met citroensap en maak op smaak met wat zout en peper.
De appels schillen en in dunne partjes snijden.
De ansjovisjes fijnsnijden
Vermeng appel en ansjovis met de aardappels, haricots verts en garnalen.
Scheur de rucola in stukken en voeg het eveneens toe.
Nu de eieren pellen en ragfijn hakken. Je kunt ze ook door een zeef wrijven. Vermeng met de mosterd, witte wijnazijn, kappertjes en fijngesneden cornichons. Klop het op met de olijfolie die je er in dunne straaltjes bijgiet. Tot slot de zure room erdoor roeren.
Dit mengsel voorzichtig door de salade scheppen. Bestrooien met de pijnboompitjes.
Zie hier uw frivole salade farandole.
Bron: Pierette Chalendar - Salades et hors- d'oeuvre des pays du soleil.
Posts tonen met het label groente. Alle posts tonen
Posts tonen met het label groente. Alle posts tonen
vrijdag 14 augustus 2015
Salade Farandole
Labels:
aardappel,
bonen,
Citroen,
Dressing,
ei,
groente,
haricots verts,
Kookboek,
Recept,
Salade,
schaal en schelpdieren,
Vis,
Wereldkeuken
vrijdag 15 mei 2015
Frittata met spinazie, courgette, champignons en bacon
Boordevol groenten zit deze frittata. Een ideale avondmaaltijd op drukke dagen of om lekker te delen tijdens de lunch.
Ook is het een hele fijne opvreter van restjes. De eieren maken er korte metten mee en het ruimt zo lekker op in die koelkast.
Het enige wat ik nog hoefde te halen was spinazie. Spinazie zat in mijn hoofd dus spinazie moest het worden. Geen discussie over mogelijk.
Baalde achteraf wel dat ik bij de slager geen bacon mee had genomen, de bacon die ik had bleek wel heel dun gesneden. Nou ja, zo bak je ze lekker snel even uit, dat is dan weer een voordeel.
Behalve de ingrediënten uit de titel gaat er ook nog wat geraspte Gruyère in, knoflook, ui en rode peper.
Meestal staat er in een recept dat je de frittata zodra de bovenkant bijna gestold is om moet draaien met behulp van een deksel. Dat vind ik zo'n gedoe. Zodra de onderkant de vloeibare fase voorbij is schuif ik het met koekenpan en al de oven in. Als de steel van je koekenpan van kunststof is wikkel je er gewoon wat alufolie omheen, werkt perfect.
Ik ga jullie maar eens aan het werk zetten :-)
Je hebt nodig:
6 eieren ( die van mij zijn groot echt een maat L. Gebruik 8 eieren als je kleinere hebt.) - 300 gram verse spinazie - 200 gram kastanjechampignons - halve courgette - 1 flinke ui - 2 teentjes knoflook - 1 rode peper - 1 el kappertjes -75 gram geraspte Gruyère - 125 gram bacon of ontbijtspek in plakjes - peper en zout - 1 el gescheurde blaadjes basilicum - 1 el fijngeknipte bieslook voor in de frittata plus nog 1 el om er op het laatst overheen te strooien - olijfolie
Zo maak je het:
Verwarm de oven voor op 150 graden.
Snipper ui en knoflook. Halveer de rode peper, haal zaadlijsten en zaadjes eruit en hak de peper fijn.
De champignons indien nodig afvegen en in plakjes snijden. De halve courgette in de lengte halveren en maak van beide helften dunne plakjes.
De spinazie redelijk fijnhakken maar overdrijf niet.
Kluts de eieren met wat zout en peper goed door elkaar. Voeg de helft van de geraspte kaas toe, 1 el fijn geknipte bieslook en de in stukjes gescheurde basilicum.
Verwarm een klein scheutje olijfolie in je koekenpan en bak hierin de bacon zachtjes om en om. Je hoeft het niet helemaal uit te bakken aangezien het toch nog de oven ingaat. Haal ze uit de pan, leg op een bord en zet opzij.
Fruit nu ui, knoflook en rode peper. Voeg champignons en courgette toe. Een paar minuten zachtjes bakken tot het wat zachter is.
Spinazie erbij, goed husselen en even laten slinken. Schep de kappertjes erdoor. Breng verder op smaak met zout en peper. Verdeel alles gelijkmatig over de bodem.
Giet er nog een beetje olijfolie bij , maximaal een eetlepel.
Nu de geklutste eieren erbij. Verdeel over de koekenpan. Maak de randen los met een spatel.
Strooi de rest van de geraspte kaas erover en leg de plakjes bacon erop.
Bak nu zachtjes tot de onderkant gestold is. Schuif de pan de oven in om de bovenkant te laten stollen. Minuutje of tien maar check tussendoor even. De ene oven is de andere niet.
Haal de frittata uit de oven, laat op een groot bord glijden en verdeel het in puntjes.
Geroosterd brood erbij, roomboter of kruidenboter en klaar is je gemakkelijke maaltijd tjokvol groen!
Voor ons tweetjes eigenlijk net teveel maar niet getreurd het is koud ook erg lekker. Ook meteen picknickproof dus!
Op zoek naar meer frittata ideeën? Hier staan ze op een rijtje.
Ook is het een hele fijne opvreter van restjes. De eieren maken er korte metten mee en het ruimt zo lekker op in die koelkast.
Het enige wat ik nog hoefde te halen was spinazie. Spinazie zat in mijn hoofd dus spinazie moest het worden. Geen discussie over mogelijk.
Baalde achteraf wel dat ik bij de slager geen bacon mee had genomen, de bacon die ik had bleek wel heel dun gesneden. Nou ja, zo bak je ze lekker snel even uit, dat is dan weer een voordeel.
Behalve de ingrediënten uit de titel gaat er ook nog wat geraspte Gruyère in, knoflook, ui en rode peper.
Meestal staat er in een recept dat je de frittata zodra de bovenkant bijna gestold is om moet draaien met behulp van een deksel. Dat vind ik zo'n gedoe. Zodra de onderkant de vloeibare fase voorbij is schuif ik het met koekenpan en al de oven in. Als de steel van je koekenpan van kunststof is wikkel je er gewoon wat alufolie omheen, werkt perfect.
Ik ga jullie maar eens aan het werk zetten :-)
Je hebt nodig:
6 eieren ( die van mij zijn groot echt een maat L. Gebruik 8 eieren als je kleinere hebt.) - 300 gram verse spinazie - 200 gram kastanjechampignons - halve courgette - 1 flinke ui - 2 teentjes knoflook - 1 rode peper - 1 el kappertjes -75 gram geraspte Gruyère - 125 gram bacon of ontbijtspek in plakjes - peper en zout - 1 el gescheurde blaadjes basilicum - 1 el fijngeknipte bieslook voor in de frittata plus nog 1 el om er op het laatst overheen te strooien - olijfolie
Zo maak je het:
Verwarm de oven voor op 150 graden.
Snipper ui en knoflook. Halveer de rode peper, haal zaadlijsten en zaadjes eruit en hak de peper fijn.
De champignons indien nodig afvegen en in plakjes snijden. De halve courgette in de lengte halveren en maak van beide helften dunne plakjes.
De spinazie redelijk fijnhakken maar overdrijf niet.
Kluts de eieren met wat zout en peper goed door elkaar. Voeg de helft van de geraspte kaas toe, 1 el fijn geknipte bieslook en de in stukjes gescheurde basilicum.
Verwarm een klein scheutje olijfolie in je koekenpan en bak hierin de bacon zachtjes om en om. Je hoeft het niet helemaal uit te bakken aangezien het toch nog de oven ingaat. Haal ze uit de pan, leg op een bord en zet opzij.
Fruit nu ui, knoflook en rode peper. Voeg champignons en courgette toe. Een paar minuten zachtjes bakken tot het wat zachter is.
Spinazie erbij, goed husselen en even laten slinken. Schep de kappertjes erdoor. Breng verder op smaak met zout en peper. Verdeel alles gelijkmatig over de bodem.
Giet er nog een beetje olijfolie bij , maximaal een eetlepel.
Nu de geklutste eieren erbij. Verdeel over de koekenpan. Maak de randen los met een spatel.
Strooi de rest van de geraspte kaas erover en leg de plakjes bacon erop.
Bak nu zachtjes tot de onderkant gestold is. Schuif de pan de oven in om de bovenkant te laten stollen. Minuutje of tien maar check tussendoor even. De ene oven is de andere niet.
Haal de frittata uit de oven, laat op een groot bord glijden en verdeel het in puntjes.
Geroosterd brood erbij, roomboter of kruidenboter en klaar is je gemakkelijke maaltijd tjokvol groen!
Voor ons tweetjes eigenlijk net teveel maar niet getreurd het is koud ook erg lekker. Ook meteen picknickproof dus!
Op zoek naar meer frittata ideeën? Hier staan ze op een rijtje.
Labels:
ei,
Frittata,
groente,
Kaas,
kruiden,
Oven,
paddenstoelen,
Recept,
Restjes,
spinazie,
Varkensvlees
maandag 13 april 2015
Dip van paprika olijven kappertjes en Parmezaanse kaas
Het maken van deze dip is een fluitje van een cent. Alleen even wat snijden en alles in de blender mikken of je staafmixer gebruiken. Handig. Behalve dippen valt het ook prima te smeren.
Smaakt ook uitstekend bij gegrilde kip kan ik je vertellen.
Ons voornemen was om gisteren weer heerlijk aan de asperges te gaan maar gezien de prijzen besloten we nog een weekje te wachten. De aftrap van het seizoen is immers net geweest en vorige week hadden we de mazzel wel enigszins betaalbaar wit goud te vinden. Niet moeders mooiste dat zeg ik er eerlijk bij maar ze smaakten er niet minder om!
Plan omgezet naar tapas. Als kleine beloning voor ons harde werken gisteren.
Terwijl husband boven een schilderskwast hanteerde, spitte ik een stuk tuin om, schoffelde en wiedde en dook vervolgens de keuken in.
Daar pakte ik:
1 rode paprika - 15 groene ontpitte olijven - 1 el kappertjes - 1/4 tl gedroogde oregano - 1/4 tl gedroogde basilicum - 2 el olijfolie - mespuntje cayennepeper - mespuntje chilipoeder - peper en zout - en raspte 40 gram Parmezaanse kaas
Halveer de paprika en verwijder zaadjes en zaadlijsten. Snijd de paprika in stukjes evenals de olijven. Mik alle ingrediënten behalve peper en zout in de blender en maak er een homogeen geheel van.
Klaar. Nu nog even proeven en besluiten of je wat zout en peper toe wil voegen.
Het recept is niet van mij hoor. Die eer komt Madam Confituur toe, je vindt dit en vele andere lekkernijen in 'Madam Confituur, een perfecte dag".
Ik heb het ietsepietsie aangepast. Ze heeft trouwens ook een blog, de moeite waard om eens te bekijken. Zeker als je dol op jam, gelei en dat soort zaken bent. Genoeg inspiratie te vinden!
Smaakt ook uitstekend bij gegrilde kip kan ik je vertellen.
Ons voornemen was om gisteren weer heerlijk aan de asperges te gaan maar gezien de prijzen besloten we nog een weekje te wachten. De aftrap van het seizoen is immers net geweest en vorige week hadden we de mazzel wel enigszins betaalbaar wit goud te vinden. Niet moeders mooiste dat zeg ik er eerlijk bij maar ze smaakten er niet minder om!
Plan omgezet naar tapas. Als kleine beloning voor ons harde werken gisteren.
Terwijl husband boven een schilderskwast hanteerde, spitte ik een stuk tuin om, schoffelde en wiedde en dook vervolgens de keuken in.
Daar pakte ik:
1 rode paprika - 15 groene ontpitte olijven - 1 el kappertjes - 1/4 tl gedroogde oregano - 1/4 tl gedroogde basilicum - 2 el olijfolie - mespuntje cayennepeper - mespuntje chilipoeder - peper en zout - en raspte 40 gram Parmezaanse kaas
Halveer de paprika en verwijder zaadjes en zaadlijsten. Snijd de paprika in stukjes evenals de olijven. Mik alle ingrediënten behalve peper en zout in de blender en maak er een homogeen geheel van.
Klaar. Nu nog even proeven en besluiten of je wat zout en peper toe wil voegen.
Het recept is niet van mij hoor. Die eer komt Madam Confituur toe, je vindt dit en vele andere lekkernijen in 'Madam Confituur, een perfecte dag".
Ik heb het ietsepietsie aangepast. Ze heeft trouwens ook een blog, de moeite waard om eens te bekijken. Zeker als je dol op jam, gelei en dat soort zaken bent. Genoeg inspiratie te vinden!
Labels:
BBQ,
Bijgerecht,
Buffet,
Dip,
Feest,
groente,
Recept,
Saus,
Vegetarisch
maandag 9 februari 2015
Knolselderijpuree met yoghurt (mezze)
De afgelopen weken ben ik nogal in de weer geweest met een boek vol Midden-Oosterse gerechten; 'Honey & Co' van Sarit Packer en Itamar Srulovich .
Dit stel werkte respectievelijk als patissier en chef-kok bij de u welbekende Yotam Ottolenghi.
Na die leerschool sta je blijkbaar zo ijzersterk in je schoenen dat het openen van je eigen restaurant een logische volgende uitdaging lijkt. Dat restaurant in Engelands hoofdstad werd een hit.
Waarna een eigen kookboek natuurlijk ook niet uit kon blijven.
Waar ik zelf altijd erg van hou is een kijkje achter de schermen. Hoe zijn recepten ontstaan, waar komt de inspiratie vandaan en helemaal fijn is dat in dit geval de medewerkers ook nog eens veel credits krijgen. Sarit en Itamar zijn overduidelijk blij met hun team.
Nu spreek ik ook regelmatig mensen voor wie dit geleuter zoals ze het noemen niet zo hoeft.
Gewoon een boek vol recepten, smakelijk plaatje erbij en of nu Samira. Piet of Jean zo'n gerecht heeft verzonnen doet niet ter zake.
Dat mag, gelukkig zijn er zoveel kookboeken te vinden dat er altijd wel iets naar je smaak bij zit. Net als een spijkerbroek is een kookboek per slot van rekening ook een hoogst persoonlijke zaak.
Ik houd wel van dat 'geleuter'
De recepten zijn niet al te ingewikkeld en helder uitgewerkt. Dat je voor een aantal recepten een bladzijde om moet slaan, dankzij dat u geweetwel, kan als een nadeel worden gezien. Ingrediënten die een aantal jaren geleden voor hoofdbrekens zorgden zijn dankzij hun voormalige baas nu eenvoudig verkrijgbaar.
Van salades tot brood, drankjes, vis, vlees, zoetigheden,pickles, granen, peulvruchten en handige tips. Je vindt het allemaal. De ingelegde bietjes zijn zalig kan ik je melden, De wintertabouleh met knolselderij ( handig aangezien je van zo'n knol altijd overhoudt!) en winterwortel weer eens wat anders.
Voor veel gerechten hoef je niet urenlang in de keuken rond te hangen maar er zitten er tussen met een flinke ingrediëntenlijst en aardig wat bereidingstijd. Maak die dus niet als je binnen een uur aan de dis wil schuiven.
Maak wel onderstaande knolselderijpuree met yoghurt, simpel, snel klaar en verrukkelijk! Ook weer eens wat anders als de eeuwige hummus waar ik overigens wel erg dol op ben.
Het aardse van de knolselderij krijgt een frisse oppepper van de yoghurt en eerlijk gezegd kan ik er van blijven eten.
Je hebt nodig:
500 gram knolselderij - 4 teentjes knoflook - 3 à 4 el Griekse of Turkse yoghurt - 2 takjes tijm - 1 tl zeezout - 10 gram boter - 1 el olijfolie - staafmixer.
Schil de knolselderij, snijd in even dikke plakken en vervolgens in blokjes.
Haal de knoflook uit hun jasjes.
Zet een pan op hoog vuur met een 1 eetlepel olijfolie. Mik knolselderij, knoflooktenen, zout en tijm erin en bak het een minuut of vijf tot de blokjes licht beginnen te kleuren. Schep regelmatig om.
Zet het vuur lager, leg een deksel op de pan en laat de blokjes in een minuut of tien gaar worden. Zodra je er met een vork gemakkelijk doorheen prikt is het goed.
Schud alles in een kom en vis de takjes tijm eruit. Die mogen weg.
In dezelfde pan laat je nu de boter smelten tot het bruin is. Niet zwart, dat noemen we verbrand en is niet lekker. Bruine boter oftewel beurre noisette heeft een licht nootachtige smaak..
Deze boter giet je over de knolselderij. Om te beginnen drie lepels yoghurt erbij. Zet nu de staafmixer erop en maak er een grove puree van. Het is lekker als er nog wat structuur inzit.
Eventueel nog extra yoghurt toevoegen.
Op smaak brengen met zout en peper. Wat chilivlokken erover voor extra pit is ook een aanrader maar niet noodzakelijk.
Serveer op kamertemperatuur met crackers, turks brood, plat brood en bijvoorbeeld lavash.
Lavash is een super simpel platbrood, eigenlijk meer een cracker, uit hetzelfde boek.
Dat recept krijg je later deze week.
Wat je over hebt, bewaar je in een afgesloten bakje in de koelkast. Zo kun je er nog een dag of drie van genieten.
Bron recept: Honey&Co, Sarit Packer en Itamar Srulovich, 2013, Kosmos, hardcover, 303 blz, prijs 24,99
Dit boek is in eigen bezit en derhalve is deze post niet gesponsored
Dit stel werkte respectievelijk als patissier en chef-kok bij de u welbekende Yotam Ottolenghi.
Na die leerschool sta je blijkbaar zo ijzersterk in je schoenen dat het openen van je eigen restaurant een logische volgende uitdaging lijkt. Dat restaurant in Engelands hoofdstad werd een hit.
Waarna een eigen kookboek natuurlijk ook niet uit kon blijven.
Waar ik zelf altijd erg van hou is een kijkje achter de schermen. Hoe zijn recepten ontstaan, waar komt de inspiratie vandaan en helemaal fijn is dat in dit geval de medewerkers ook nog eens veel credits krijgen. Sarit en Itamar zijn overduidelijk blij met hun team.
Nu spreek ik ook regelmatig mensen voor wie dit geleuter zoals ze het noemen niet zo hoeft.
Gewoon een boek vol recepten, smakelijk plaatje erbij en of nu Samira. Piet of Jean zo'n gerecht heeft verzonnen doet niet ter zake.
Dat mag, gelukkig zijn er zoveel kookboeken te vinden dat er altijd wel iets naar je smaak bij zit. Net als een spijkerbroek is een kookboek per slot van rekening ook een hoogst persoonlijke zaak.
Ik houd wel van dat 'geleuter'
De recepten zijn niet al te ingewikkeld en helder uitgewerkt. Dat je voor een aantal recepten een bladzijde om moet slaan, dankzij dat u geweetwel, kan als een nadeel worden gezien. Ingrediënten die een aantal jaren geleden voor hoofdbrekens zorgden zijn dankzij hun voormalige baas nu eenvoudig verkrijgbaar.
Van salades tot brood, drankjes, vis, vlees, zoetigheden,pickles, granen, peulvruchten en handige tips. Je vindt het allemaal. De ingelegde bietjes zijn zalig kan ik je melden, De wintertabouleh met knolselderij ( handig aangezien je van zo'n knol altijd overhoudt!) en winterwortel weer eens wat anders.
Voor veel gerechten hoef je niet urenlang in de keuken rond te hangen maar er zitten er tussen met een flinke ingrediëntenlijst en aardig wat bereidingstijd. Maak die dus niet als je binnen een uur aan de dis wil schuiven.
Maak wel onderstaande knolselderijpuree met yoghurt, simpel, snel klaar en verrukkelijk! Ook weer eens wat anders als de eeuwige hummus waar ik overigens wel erg dol op ben.
Het aardse van de knolselderij krijgt een frisse oppepper van de yoghurt en eerlijk gezegd kan ik er van blijven eten.
Je hebt nodig:
500 gram knolselderij - 4 teentjes knoflook - 3 à 4 el Griekse of Turkse yoghurt - 2 takjes tijm - 1 tl zeezout - 10 gram boter - 1 el olijfolie - staafmixer.
Schil de knolselderij, snijd in even dikke plakken en vervolgens in blokjes.
Haal de knoflook uit hun jasjes.
Zet een pan op hoog vuur met een 1 eetlepel olijfolie. Mik knolselderij, knoflooktenen, zout en tijm erin en bak het een minuut of vijf tot de blokjes licht beginnen te kleuren. Schep regelmatig om.
Zet het vuur lager, leg een deksel op de pan en laat de blokjes in een minuut of tien gaar worden. Zodra je er met een vork gemakkelijk doorheen prikt is het goed.
Schud alles in een kom en vis de takjes tijm eruit. Die mogen weg.
In dezelfde pan laat je nu de boter smelten tot het bruin is. Niet zwart, dat noemen we verbrand en is niet lekker. Bruine boter oftewel beurre noisette heeft een licht nootachtige smaak..
Deze boter giet je over de knolselderij. Om te beginnen drie lepels yoghurt erbij. Zet nu de staafmixer erop en maak er een grove puree van. Het is lekker als er nog wat structuur inzit.
Eventueel nog extra yoghurt toevoegen.
Op smaak brengen met zout en peper. Wat chilivlokken erover voor extra pit is ook een aanrader maar niet noodzakelijk.
Serveer op kamertemperatuur met crackers, turks brood, plat brood en bijvoorbeeld lavash.
Lavash is een super simpel platbrood, eigenlijk meer een cracker, uit hetzelfde boek.
Dat recept krijg je later deze week.
Wat je over hebt, bewaar je in een afgesloten bakje in de koelkast. Zo kun je er nog een dag of drie van genieten.
Bron recept: Honey&Co, Sarit Packer en Itamar Srulovich, 2013, Kosmos, hardcover, 303 blz, prijs 24,99
Dit boek is in eigen bezit en derhalve is deze post niet gesponsored
Labels:
Bijgerecht,
Boekenkast,
Buffet,
Dip,
Feest,
groente,
Hapjes,
Kookboek,
mezze,
Recept,
Vegetarisch,
Wereldkeuken
woensdag 21 januari 2015
Aardse paddenstoelensoep
Nadat we vorige week een aantal gezellige uurtjes doorbrachten bij schoonzus en zwager ter ere van zijn verjaardag worstelden we ons tegen de harde koude wind in naar huis. Verraderlijke windvlagen , dan van voren, ineens een flinke ruk van rechts. Ben er wel klaar mee en al helemaal met die dagen vol schemer en donkerte. Zo zelden is er maar een spoortje helder licht te bekennen, ik word er wat iemelig van.
Gelukkig wachtte er thuis een pan met ruige troostsoep. Zo eentje die past bij het weer. Geen zijdezachte velouté of helder bouillonneke , grof!
Vol paddenstoelen met ter verhoging van de feestvreugde een pittige peper en een scheut cognac. Terwijl ik met de soep bezig was schoot me een blogpost van Antoinette te binnen, je weet wel van Italiaans koken met Antoinette, waarin ze het recept geeft voor home made porcini -bouillonblokken en ik staarde ineens wat mistroostig naar mijn gekochte paddenstoelenbouillonblokje. Had ik er maar eerder aan gedacht dan had ik het fijn zelf kunnen maken.
Helaas pindakaas, dat moet ik even bewaren voor een andere keer.
In het recept genoemde paddenstoelen kun je natuurlijk vervangen door paddenstoelen naar eigen keus.
Je hebt nodig voor 4 personen:
300 gram kastanjechampignons - 25 gram gedroogd eekhoorntjesbrood (porcini) - 200 gram oesterzwammen - 1 ui - 1 winterwortel (ong. 150 gram) - 2 teentjes knoflook of 1 grote teen - 1 gedroogd rood pepertje - 1 flinke kruimig kokende aardappel - 3 takjes peterselie + 2 el fijngesneden peterselieblad -1 glas droge witte wijn - 2 el cognac - 100 ml room - 1 paddenstoelenbouillonblokje - 1 runder- of groentenbouillonblokje.- 1 liter water - scheutje olijfolie.
Zo maak je het:
Doe de gedroogde porcini in een bakje en schenk er net zoveel kokend water op tot ze onderstaan. Laat ze wellen.
Snipper alvast de ui en knoflook. Schrap de wortel en snijd in kleine blokjes.
Aardappel schillen en in blokjes verdelen.
250 gram kastanjechampignons in stukjes snijden, evenals de helft van de oesterzwammen.
Zodra de porcini geweld zijn ook hiervan ongeveer de helft in stukjes snijden. Het vocht bewaren!
Verwarm in een pan een scheutje olijfolie en smoor hierin rustig ui, wortel en knoflook op laag vuur.
Voeg de fijngesneden paddenstoelen toe, een verkruimeld gedroogde peper (zonder zaad!)en in stukken gehakte takjes peterselie.
Zet je hittebron wat hoger en bak de paddenstoelen zachtjes.
Na vijf minuten afblussen met witte wijn, paar minuten laten pruttelen.
Aardappelblokjes erbij plus water plus het welvocht van de porcini en de bouillonblokjes.
Breng aan de kook om vervolgens het vuur weer lager te zetten en alles zachtjes te laten pruttelen tot de wortel en aardappel zacht zijn.
Nu gaat vriend staafmixer erop maar mix het grof,
Zo dat is gebeurd. Er zijn nog paddenstoelen over, snijd ze in plakjes en voeg toe aan de soep samen met 2 el cognac.
Minuut of tien zachtjes warmen. Room toevoegen plus fijngehakte peterselie, vijf minuten warmen, maar laat het vooral niet koken!
Lekker met kaasuienbrood of gewoon een fijn stokbrood met roomboter
Gelukkig wachtte er thuis een pan met ruige troostsoep. Zo eentje die past bij het weer. Geen zijdezachte velouté of helder bouillonneke , grof!
Vol paddenstoelen met ter verhoging van de feestvreugde een pittige peper en een scheut cognac. Terwijl ik met de soep bezig was schoot me een blogpost van Antoinette te binnen, je weet wel van Italiaans koken met Antoinette, waarin ze het recept geeft voor home made porcini -bouillonblokken en ik staarde ineens wat mistroostig naar mijn gekochte paddenstoelenbouillonblokje. Had ik er maar eerder aan gedacht dan had ik het fijn zelf kunnen maken.
Helaas pindakaas, dat moet ik even bewaren voor een andere keer.
In het recept genoemde paddenstoelen kun je natuurlijk vervangen door paddenstoelen naar eigen keus.
Je hebt nodig voor 4 personen:
300 gram kastanjechampignons - 25 gram gedroogd eekhoorntjesbrood (porcini) - 200 gram oesterzwammen - 1 ui - 1 winterwortel (ong. 150 gram) - 2 teentjes knoflook of 1 grote teen - 1 gedroogd rood pepertje - 1 flinke kruimig kokende aardappel - 3 takjes peterselie + 2 el fijngesneden peterselieblad -1 glas droge witte wijn - 2 el cognac - 100 ml room - 1 paddenstoelenbouillonblokje - 1 runder- of groentenbouillonblokje.- 1 liter water - scheutje olijfolie.
Zo maak je het:
Doe de gedroogde porcini in een bakje en schenk er net zoveel kokend water op tot ze onderstaan. Laat ze wellen.
Snipper alvast de ui en knoflook. Schrap de wortel en snijd in kleine blokjes.
Aardappel schillen en in blokjes verdelen.
250 gram kastanjechampignons in stukjes snijden, evenals de helft van de oesterzwammen.
Zodra de porcini geweld zijn ook hiervan ongeveer de helft in stukjes snijden. Het vocht bewaren!
Verwarm in een pan een scheutje olijfolie en smoor hierin rustig ui, wortel en knoflook op laag vuur.
Voeg de fijngesneden paddenstoelen toe, een verkruimeld gedroogde peper (zonder zaad!)en in stukken gehakte takjes peterselie.
Zet je hittebron wat hoger en bak de paddenstoelen zachtjes.
Na vijf minuten afblussen met witte wijn, paar minuten laten pruttelen.
Aardappelblokjes erbij plus water plus het welvocht van de porcini en de bouillonblokjes.
Breng aan de kook om vervolgens het vuur weer lager te zetten en alles zachtjes te laten pruttelen tot de wortel en aardappel zacht zijn.
Nu gaat vriend staafmixer erop maar mix het grof,
Zo dat is gebeurd. Er zijn nog paddenstoelen over, snijd ze in plakjes en voeg toe aan de soep samen met 2 el cognac.
Minuut of tien zachtjes warmen. Room toevoegen plus fijngehakte peterselie, vijf minuten warmen, maar laat het vooral niet koken!
Lekker met kaasuienbrood of gewoon een fijn stokbrood met roomboter
woensdag 7 januari 2015
Zuurkoolschotel met varkensvlees, paprika, pruimen en meer
Alweer een week onderweg in het nieuwe jaar. Na al het feestelijk gedoe de hoogste tijd voor gewone pot. Een pan vol zuurkool aangevuld met paprika, uien, varkensvlees, pruimen, tomatenblokjes en pittige cayennepeper, zoete en gerookte paprikapoeder.
Laten we de knoflook niet vergeten, het karwijzaad en of het niet op kan ook nog wat rookworst. Een variant op bigos dus, de beroemde Poolse zuurkoolschotel. Alleen noem ik het niet zo, het is een gevalletje 'geïnspireerd op' en ondanks dat bigos in net zoveel varianten bestaat als er Poolse fornuizen zijn waag ik het niet deze pan vol geurigheid zo te noemen.
Zo vermijd ik, lekker veilig, opgeheven en vermanend zwaaiende vingertjes.
Na een uurtje of drie in de oven is de zuurkool zijdezacht, het vlees mals en alle smaken tongstrelend met elkaar verbonden. Eet het met een gekookte pieper al kan het best zonder. Een snee knapperig brood om de saus op te vegen misstaat totaal niet.
Je hebt nodig voor 4 personen:
pond zuurkool - 1 rode paprika - 1 groene paprika - 2 uien - 2 teentjes knoflook - 10 gedroogde pruimen - 150 gram champignons - 1 blik tomatenblokjes - klein blikje tomatenpuree - 1 glas rode wijn - 250 à 300 gram niet al te mager varkensvlees - 250 gram rookworst - 1 tl karwijzaad - 1/2 el zoete paprikapoeder - 1 tl gerookte paprikapoeder - 1 tl cayennepeper - peper en zout - 2 el Worcestershiresaus - boter
Zo maak je het:
Verwarm de oven voor op 150 graden
Halveer de paprika's, verwijder de zaadlijsten en snijd in niet al te kleine stukken. Ook de uien mogen best in flinke stukken gesneden worden.
Knoflook snipperen. De pruimen, ik koop altijd die pruimen die je niet hoeft te wellen, halveren. Hetzelfde doe je met de champignons.
Snijd het varkensvlees in blokjes, bestrooi met peper en zout.
Verhit boter in een pan en braad hierin de stukjes varkensvlees samen met de cayennepeper rondom bruin. Paprika's, uien en karwijzaad mogen erbij, laat het een minuut of 5 zachtjes mee bakken.
Knoflook en champignons toevoegen plus de beide soorten paprikapoeder. Ik voeg die twee pas later toe om aanbranden te voorkomen, daar wordt paprikapoeder namelijk niet smakelijker van.
Schep alles goed door elkaar.
Tomatenpuree toevoegen, wederom alles husselen en een minuut of drie zachtjes bakken.
Afblussen met de rode wijn. Nogmaals vijf minuten sudderen.
Schep nu de zuurkool erdoor, leeg het blik tomatenblokjes boven de pan, mik de gehalveerde pruimen erbij, giet de Worcestershiresaus erin en schep de hele boel goed door elkaar.
Deksel op de pan en een uurtje of drie de oven in. Voeg na tweeënhalf uur plakjes rookworst toe.
Proef en voeg zo nodig nog wat cayennepeper toe, zout, gerookte paprikapoeder en wat worcestershiresaus. Laat een paar minuutje pruttelen en dan aan tafel!
Laten we de knoflook niet vergeten, het karwijzaad en of het niet op kan ook nog wat rookworst. Een variant op bigos dus, de beroemde Poolse zuurkoolschotel. Alleen noem ik het niet zo, het is een gevalletje 'geïnspireerd op' en ondanks dat bigos in net zoveel varianten bestaat als er Poolse fornuizen zijn waag ik het niet deze pan vol geurigheid zo te noemen.
Zo vermijd ik, lekker veilig, opgeheven en vermanend zwaaiende vingertjes.
Na een uurtje of drie in de oven is de zuurkool zijdezacht, het vlees mals en alle smaken tongstrelend met elkaar verbonden. Eet het met een gekookte pieper al kan het best zonder. Een snee knapperig brood om de saus op te vegen misstaat totaal niet.
Je hebt nodig voor 4 personen:
pond zuurkool - 1 rode paprika - 1 groene paprika - 2 uien - 2 teentjes knoflook - 10 gedroogde pruimen - 150 gram champignons - 1 blik tomatenblokjes - klein blikje tomatenpuree - 1 glas rode wijn - 250 à 300 gram niet al te mager varkensvlees - 250 gram rookworst - 1 tl karwijzaad - 1/2 el zoete paprikapoeder - 1 tl gerookte paprikapoeder - 1 tl cayennepeper - peper en zout - 2 el Worcestershiresaus - boter
Zo maak je het:
Verwarm de oven voor op 150 graden
Halveer de paprika's, verwijder de zaadlijsten en snijd in niet al te kleine stukken. Ook de uien mogen best in flinke stukken gesneden worden.
Knoflook snipperen. De pruimen, ik koop altijd die pruimen die je niet hoeft te wellen, halveren. Hetzelfde doe je met de champignons.
Snijd het varkensvlees in blokjes, bestrooi met peper en zout.
Verhit boter in een pan en braad hierin de stukjes varkensvlees samen met de cayennepeper rondom bruin. Paprika's, uien en karwijzaad mogen erbij, laat het een minuut of 5 zachtjes mee bakken.
Knoflook en champignons toevoegen plus de beide soorten paprikapoeder. Ik voeg die twee pas later toe om aanbranden te voorkomen, daar wordt paprikapoeder namelijk niet smakelijker van.
Schep alles goed door elkaar.
Tomatenpuree toevoegen, wederom alles husselen en een minuut of drie zachtjes bakken.
Afblussen met de rode wijn. Nogmaals vijf minuten sudderen.
Schep nu de zuurkool erdoor, leeg het blik tomatenblokjes boven de pan, mik de gehalveerde pruimen erbij, giet de Worcestershiresaus erin en schep de hele boel goed door elkaar.
Deksel op de pan en een uurtje of drie de oven in. Voeg na tweeënhalf uur plakjes rookworst toe.
Proef en voeg zo nodig nog wat cayennepeper toe, zout, gerookte paprikapoeder en wat worcestershiresaus. Laat een paar minuutje pruttelen en dan aan tafel!
Labels:
fruit,
groente,
kruiden,
Oven,
paddenstoelen,
pruimen,
specerijen,
Stoofpotje,
Tomaat,
Varkensvlees,
worst,
zuurkool
maandag 17 november 2014
Simpele Linzensoep
Even zat ik te twijfelen. Toch maar snert maken? Zo'n heerlijke grote pan vol? Mijn pen zweefde al boven het boodschappenbriefje tot ik me realiseerde dat ik niet meer genoeg diepvriesbakjes had. En dat ik voor ik aan 10 liter erwtensoep begon toch ook eens even in de vriezer moest duiken om ruimte te maken. Bummer. Dan maar volgende week of zo.
Weet ik meteen waar ik me de komende week onder andere aan kan wijden.
Een ander winters soepje is linzensoep. Ook een favoriet hier. Ofschoon er op het laatst de staafmixer doorheen gaat is het niet zo'n dikke papsoep waar je je lepel rechtop in kunt parkeren. Maar vullen doet het wel!
Het is een simpele, zo een zonder al te veel toeters en bellen. Mijn basis linzensoep.
Je hebt nodig:
100 gram groene linzen - 1 winterwortel - 1 flinke ui - 2 stengels bleekselderij - 1 à 2 teentjes knoflook - klein gedroogd pepertje - 4 vastkokende aardappels - 1 blikje tomatenpuree - 1 1/2 liter runderbouillon - rookworst - 1 el olijfolie
Zo maak je het:
Spoel de linzen in een zeef onder koud water en speur of er geen steentjes tussen zitten. Komt zelden voor maar je zult die pech maar hebben.
Winterwortel schrappen, in de lengte halveren en in dobbelsteentjes snijden.
Trek de ui zijn jas uit en snipper de ui grof.
Teentjes knoflook pellen, snipper ze lekker fijn.
De bleekselderij snijd je in in dunne plakjes.
Aardappels schillen, indien nodig afspoelen en maak er blokjes van. Niet al te klein.
Verwarm olijfolie in je soeppan. Fruit hierin de ui, wortel, een verkruimeld gedroogd pepertje zonder zaad en knoflook op niet al te hoog vuur gedurende een minuut of 7. Bleekselderij erbij plus de linzen, roer de boel door elkaar.
Een minuut later voeg je de tomatenpuree toe. Een paar minuten fruiten.
Giet de runderbouillon erbij, breng aan de kook. Zet je warmtebron vervolgens lager en laat de soep 20 minuten zachtjes pruttelen. Voeg dan pas de aardappelblokjes toe.
Beschaafd verder laten pruttelen tot de aardappel gaar is. Check ook vooral je linzen op gaarheid.
Met de schuimspaan schep je er bij benadering anderhalve schep vulling eruit in een diep bord.
Pak de staafmixer en pureer de soep. Vulling weer terug plus in plakjes gesneden rookworst.
Geef de soep nog 10 minuten de tijd om goed heet te worden.
Variatie
Wil je iets meer variatie, bak dan aan het begin wat spekblokjes mee, mik er tijm in of wat rozemarijn. Selderij en linzen vinden elkaar ook lief. Blokjes knolselderij of pastinaak, wat pompoen, brouw fijn je eigen ultieme linzensoep.
Ook erg lekker met uitgebakken chorizo, strooi dat op het laatst over de soep.
Weet ik meteen waar ik me de komende week onder andere aan kan wijden.
Een ander winters soepje is linzensoep. Ook een favoriet hier. Ofschoon er op het laatst de staafmixer doorheen gaat is het niet zo'n dikke papsoep waar je je lepel rechtop in kunt parkeren. Maar vullen doet het wel!
Het is een simpele, zo een zonder al te veel toeters en bellen. Mijn basis linzensoep.
Je hebt nodig:
100 gram groene linzen - 1 winterwortel - 1 flinke ui - 2 stengels bleekselderij - 1 à 2 teentjes knoflook - klein gedroogd pepertje - 4 vastkokende aardappels - 1 blikje tomatenpuree - 1 1/2 liter runderbouillon - rookworst - 1 el olijfolie
Zo maak je het:
Spoel de linzen in een zeef onder koud water en speur of er geen steentjes tussen zitten. Komt zelden voor maar je zult die pech maar hebben.
Winterwortel schrappen, in de lengte halveren en in dobbelsteentjes snijden.
Trek de ui zijn jas uit en snipper de ui grof.
Teentjes knoflook pellen, snipper ze lekker fijn.
De bleekselderij snijd je in in dunne plakjes.
Aardappels schillen, indien nodig afspoelen en maak er blokjes van. Niet al te klein.
Verwarm olijfolie in je soeppan. Fruit hierin de ui, wortel, een verkruimeld gedroogd pepertje zonder zaad en knoflook op niet al te hoog vuur gedurende een minuut of 7. Bleekselderij erbij plus de linzen, roer de boel door elkaar.
Een minuut later voeg je de tomatenpuree toe. Een paar minuten fruiten.
Giet de runderbouillon erbij, breng aan de kook. Zet je warmtebron vervolgens lager en laat de soep 20 minuten zachtjes pruttelen. Voeg dan pas de aardappelblokjes toe.
Beschaafd verder laten pruttelen tot de aardappel gaar is. Check ook vooral je linzen op gaarheid.
Met de schuimspaan schep je er bij benadering anderhalve schep vulling eruit in een diep bord.
Pak de staafmixer en pureer de soep. Vulling weer terug plus in plakjes gesneden rookworst.
Geef de soep nog 10 minuten de tijd om goed heet te worden.
Variatie
Wil je iets meer variatie, bak dan aan het begin wat spekblokjes mee, mik er tijm in of wat rozemarijn. Selderij en linzen vinden elkaar ook lief. Blokjes knolselderij of pastinaak, wat pompoen, brouw fijn je eigen ultieme linzensoep.
Ook erg lekker met uitgebakken chorizo, strooi dat op het laatst over de soep.
maandag 20 oktober 2014
Soep van geroosterde pompoen, pastinaak, wortel en ui
Het oranje zonnige bolletje glunderde me al een week tegemoet. Wanneer ga je wat met me doen? Zondag dan maar. Net op de warmste dag van de maand oktober maak ik herfstsoep. Niks geen bbq of gerecht om nu echt afscheid van de zomer te nemen, nee we doen alsof de wind al lustig loeit en de regen tegen het raam slaat.
Schoonzus was afgelopen week jarig en deze zondagmiddag gaan we dat eens lekker vieren. En dan is het bij thuiskomst heel handig dat er een pan oranje soep in de aanslag staat om op te warmen.
Een groentenla opmaak soep, restverwerking.
Zo slachtte ik mijn pompoen, hakte pastinaak grof, halveerde ui, sneed wortel en husselde dat met olijfolie, zout, peper en tijm. Paar dikke tenen Frankrijkknoflook erbij en hups die oven in.
Het is zo simpel, de oven roostert, daarna mik je de hele boel in een flinke pan, bouillon erop, aan de kook brengen, even pruttelen en de staafmixer doet de rest.
Luie zondagsoep.
Je hebt nodig:
1 kleine hokkaido pompoen - 1 pastinaak (ongeveer 250 gram) - 1 winterwortel - 2 uien - 2 flinke tenen knoflook - 2 el olijfolie - peper en zout - 1 tl tijmblaadjes - 1 rode peper -scheutje gembersiroop - 1 1/2 liter groentenbouillon - zure room - flinters Parmezaanse kaas.
Zo maak je het:
Verwarm de oven voor op 200 graden.
Snijd de pompoen doormidden, schep de pitten en draden eruit en hak de twee helften in parten.
Halveer de uien. Schil gewoon erom laten zitten.
De pastinaak eveneens met schil en al in plakken snijden. De wortel wel even schrappen en net als de pastinaak in plakken.
Alles samen met de tenen knoflook in een braadslede of op de bakplaat. Bestrooi met zout en peper en hussel de olie erdoor. Tijmblaadjes erover.
20 à 30 minuten de oven in tot alles gaar is.
Vervolgens beetje af laten koelen om je handen te sparen.
Trek schillen van pompoen, pastinaak en ui. Je kunt de pompoen ook met schil en al gebruiken maar in de soep doe ik dat eigenlijk nooit.
Snijd alles iets kleiner.
Halveer een rode peper naar keus, verwijder de zaadjes en snipper de peper.
Pak een soeppan, verhit een klein beetje olijfolie
Fruit hierin even de rode peper en mik de rest van de groente erbij. Knijp de knoflooktenen uit. Klein scheutje gembersiroop. Bouillon in de pan schenken.
Breng het aan de kook, 10 minuutjes pruttelen en dan de staafmixer erop.
Eventueel extra water of bouillon toevoegen als je de soep te dik vindt.
In kommen of diep borden scheppen, wat dotjes zure room erop plus flinters Parmezaanse kaas of onze Nederlandse oude kaas. Erg lekker om de toch wat zoete soep iets extra hartigs te geven. Ringetjes groene of rode peper doen het ook erg goed trouwens.
Stokbrood in een mandje , zoute roomboter. aanvallen!
Schoonzus was afgelopen week jarig en deze zondagmiddag gaan we dat eens lekker vieren. En dan is het bij thuiskomst heel handig dat er een pan oranje soep in de aanslag staat om op te warmen.
Een groentenla opmaak soep, restverwerking.
Zo slachtte ik mijn pompoen, hakte pastinaak grof, halveerde ui, sneed wortel en husselde dat met olijfolie, zout, peper en tijm. Paar dikke tenen Frankrijkknoflook erbij en hups die oven in.
Het is zo simpel, de oven roostert, daarna mik je de hele boel in een flinke pan, bouillon erop, aan de kook brengen, even pruttelen en de staafmixer doet de rest.
Luie zondagsoep.
Je hebt nodig:
1 kleine hokkaido pompoen - 1 pastinaak (ongeveer 250 gram) - 1 winterwortel - 2 uien - 2 flinke tenen knoflook - 2 el olijfolie - peper en zout - 1 tl tijmblaadjes - 1 rode peper -scheutje gembersiroop - 1 1/2 liter groentenbouillon - zure room - flinters Parmezaanse kaas.
Zo maak je het:
Verwarm de oven voor op 200 graden.
Snijd de pompoen doormidden, schep de pitten en draden eruit en hak de twee helften in parten.
Halveer de uien. Schil gewoon erom laten zitten.
De pastinaak eveneens met schil en al in plakken snijden. De wortel wel even schrappen en net als de pastinaak in plakken.
Alles samen met de tenen knoflook in een braadslede of op de bakplaat. Bestrooi met zout en peper en hussel de olie erdoor. Tijmblaadjes erover.
20 à 30 minuten de oven in tot alles gaar is.
Vervolgens beetje af laten koelen om je handen te sparen.
Trek schillen van pompoen, pastinaak en ui. Je kunt de pompoen ook met schil en al gebruiken maar in de soep doe ik dat eigenlijk nooit.
Snijd alles iets kleiner.
Halveer een rode peper naar keus, verwijder de zaadjes en snipper de peper.
Pak een soeppan, verhit een klein beetje olijfolie
Fruit hierin even de rode peper en mik de rest van de groente erbij. Knijp de knoflooktenen uit. Klein scheutje gembersiroop. Bouillon in de pan schenken.
Breng het aan de kook, 10 minuutjes pruttelen en dan de staafmixer erop.
Eventueel extra water of bouillon toevoegen als je de soep te dik vindt.
In kommen of diep borden scheppen, wat dotjes zure room erop plus flinters Parmezaanse kaas of onze Nederlandse oude kaas. Erg lekker om de toch wat zoete soep iets extra hartigs te geven. Ringetjes groene of rode peper doen het ook erg goed trouwens.
Stokbrood in een mandje , zoute roomboter. aanvallen!
maandag 13 oktober 2014
Stoofpotje met linzen, pastinaak, winterwortel ,aardappel en rookworst
De herfst, hij ruikt anders, de lucht voelt anders, de zon verwarmt anders. Zonnestralen vangen, koesteren. Het eerste blad valt, groen verkleurt naar bonte nazomerpracht. Donkere wolken razen voortgedreven door stormachtige wind over de stad en laten plensbuien vallen. Vakantiebruine voeten verstoppen zich in warme omhulsels, blote armen verdwijnen in mouwen. De verwarming mag lichtjes aan. De keuken vult zich met andere geuren, kruidige stoverijen walsen door het huis. Kommen met dampende soep om lang in te blazen in plaats van gehusselde salade.
Een nieuw seizoen met zijn eigen charme.
Daarom een stoofpotje vol geurige groente, peulvruchten en kruiderijen om alvast te wennen. Met rookworst en spekjes maar die kun je gemakkelijk weglaten voor een vegetarische variant.
Je hebt nodig:
pastinaak van ongeveer 250 gram - 1 flinke winterwortel - 1 grote ui - 150 gram gedroogde groene linzen - 4 vastkokende aardappels - 2 teentjes knoflook - 1 blik tomatenblokjes - 100 gram spekblokjes - 1 rookworst naar keuze - 1/2 el grove mosterd - 1 takje rozemarijn - 1 tl verse tijm - laurierblaadje -6 takjes peterselie -peper en zout - 1/4 liter rundvleesbouillon of groentebouillon
Zo maak je het:
Was de linzen grondig en kijk of er toevallig niet een steentje tussen zit. Zet op met zoveel water dat de linzen net onder staan. Knip een stukje van het takje rozemarijn af en stop het erbij. Breng aan de kook en laat het vervolgens zachtjes 25 à 30 minuten koken tot ze nog net een bite hebben.
De linzen worden namelijk straks bij de rest gevoegd en garen dan nog verder door. Anders worden ze papperig en dat is niet zo lekker. Ook kun je zo het kookproces beter controleren,
Hierbij moet ik nog even aantekenen dat ik Du Puy linzen gebruik, deze kleintjes hebben het voordeel dat ze lekker stevig blijven, mits niet doorgekookt natuurlijk. Probleem... ze blijven in Nederland erg lastig verkrijgbaar. Vraag me niet waarom want ze verdienen absoluut een plaatsje in de schappen. Zoeken via Google levert wel wat resultaat op en wellicht heb jij die ene geweldige delicatessenzaak in je buurt die ze verkoopt. Gebruik anders groene of bruine linzen en lees goed de kooktijd, die verschilt namelijk nogal eens.
Schil de pastinaak en winterwortel en snijd in gelijke stukken, vooral niet te klein. Ui grof snijden.
Knoflook fijn snipperen.
Piepers schillen en in blokjes snijden.
Verwarm een braadpan en bak hierin de spekblokjes uit. Ui ,knoflook, 6 fijngesneden naaldjes rozemarijn plus tijm erbij, eventjes fruiten.
Winterwortel, pastinaak en aardappel toevoegen, even meebakken. Mosterd erbij en omscheppen. Giet de inhoud van het blik tomatenblokjes erover plus de bouillon. Laurierblaadje erbij, schep door en laat zachtjes sudderen tot de groente bijna gaar zijn. Dit duurt ongeveer een half uur. Giet er eventueel nog wat water bij als je het te droog vindt worden.
Tijd om de linzen en in plakjes gesneden rookworst toe te voegen en lekker warm te laten worden.
Hak de peterselie nog even fijn, roer de helft door het stoofpotje en gebruik de rest om na het opscheppen over het stoofpotje te strooien.
Natuurlijk kun je ook nog pompoen toevoegen of in plaats van de wortel gebruiken. Het is immers weer pompoenentijd!
Een nieuw seizoen met zijn eigen charme.
Daarom een stoofpotje vol geurige groente, peulvruchten en kruiderijen om alvast te wennen. Met rookworst en spekjes maar die kun je gemakkelijk weglaten voor een vegetarische variant.
Je hebt nodig:
pastinaak van ongeveer 250 gram - 1 flinke winterwortel - 1 grote ui - 150 gram gedroogde groene linzen - 4 vastkokende aardappels - 2 teentjes knoflook - 1 blik tomatenblokjes - 100 gram spekblokjes - 1 rookworst naar keuze - 1/2 el grove mosterd - 1 takje rozemarijn - 1 tl verse tijm - laurierblaadje -6 takjes peterselie -peper en zout - 1/4 liter rundvleesbouillon of groentebouillon
Zo maak je het:
Was de linzen grondig en kijk of er toevallig niet een steentje tussen zit. Zet op met zoveel water dat de linzen net onder staan. Knip een stukje van het takje rozemarijn af en stop het erbij. Breng aan de kook en laat het vervolgens zachtjes 25 à 30 minuten koken tot ze nog net een bite hebben.
De linzen worden namelijk straks bij de rest gevoegd en garen dan nog verder door. Anders worden ze papperig en dat is niet zo lekker. Ook kun je zo het kookproces beter controleren,
Hierbij moet ik nog even aantekenen dat ik Du Puy linzen gebruik, deze kleintjes hebben het voordeel dat ze lekker stevig blijven, mits niet doorgekookt natuurlijk. Probleem... ze blijven in Nederland erg lastig verkrijgbaar. Vraag me niet waarom want ze verdienen absoluut een plaatsje in de schappen. Zoeken via Google levert wel wat resultaat op en wellicht heb jij die ene geweldige delicatessenzaak in je buurt die ze verkoopt. Gebruik anders groene of bruine linzen en lees goed de kooktijd, die verschilt namelijk nogal eens.
Schil de pastinaak en winterwortel en snijd in gelijke stukken, vooral niet te klein. Ui grof snijden.
Knoflook fijn snipperen.
Piepers schillen en in blokjes snijden.
Verwarm een braadpan en bak hierin de spekblokjes uit. Ui ,knoflook, 6 fijngesneden naaldjes rozemarijn plus tijm erbij, eventjes fruiten.
Winterwortel, pastinaak en aardappel toevoegen, even meebakken. Mosterd erbij en omscheppen. Giet de inhoud van het blik tomatenblokjes erover plus de bouillon. Laurierblaadje erbij, schep door en laat zachtjes sudderen tot de groente bijna gaar zijn. Dit duurt ongeveer een half uur. Giet er eventueel nog wat water bij als je het te droog vindt worden.
Tijd om de linzen en in plakjes gesneden rookworst toe te voegen en lekker warm te laten worden.
Hak de peterselie nog even fijn, roer de helft door het stoofpotje en gebruik de rest om na het opscheppen over het stoofpotje te strooien.
Natuurlijk kun je ook nog pompoen toevoegen of in plaats van de wortel gebruiken. Het is immers weer pompoenentijd!
Labels:
aardappel,
groente,
kruiden,
linzen,
pastinaak,
Peulvruchten,
Recept,
Stoofpotje,
Tomaat,
Varkensvlees,
worst
maandag 22 september 2014
Lezen en koken 50 jaar paprika
De paprika viert feest! Vijftig jaar paprikateelt in West-Europa! Reden genoeg om ze eens in een hartverwarmend zonnetje te zetten.
In 2007 startte een promotiecampagne gefinancierd met steun van de Europese Unie onder de naam Colourfultaste. Toepasselijke naam vind ik.
Op een dag plofte het boek '50 jaar paprika' in mijn brievenbus. Het neemt je mee op reis door de tijd. Over herkomst en hoe ze uiteindelijk ook ons land veroverden. Wetenswaardigheden over innovatie en teelt, tips en natuurlijk ontbreken recepten niet.
Deze kleurige vruchtgroente bomvol vitamine C is allang niet meer uit onze keuken weg te denken. Mijn gedachten schoten even terug in de tijd richting ouderlijk huis. Nu heb ik uiteraard niet zoveel eetherinneringen aan de eerste jaren van mijn bestaan, die zich in de jaren zestig afspeelden, maar in latere jaren kwam de paprika zeker op tafel.
Gevuld met rijst en gehakt is zo'n klassieker, in stukjes door de macaroni samen met de onvermijdelijke zompige hamblokjes en natuurlijk mijn moeders chili con carne die niets met het origineel te maken heeft maar wel erg lekker was.
In het kruidenrekje prijkte steevast een potje paprikapoeder. Voornamelijk gebruikt om de gevulde eieren en huzarensalade een vrolijke touch te geven heb ik het idee. Oh ja en voor de goulash natuurlijk.
En dat terwijl de paprika zo veelzijdig is. Romige soep en saus met geroosterde paprika is een genot. Sowieso ben ik fan van de geroosterde versie. Bijna altijd heb ik wel een pot staan. De oven doet het werk, daarna een kwestie van af laten koelen, ontvellen en in reepjes snijden. Hup in een pot, vinaigrette naar keuze of alleen olie erover en je kunt weer even vooruit. Ideaal!
Chutney en jam, in stoofschotels, vullen want daar blijven ze toch om roepen, Hier in huize Eetlust worden er wekelijks heel wat soldaat gemaakt.
Je hebt ze tegenwoordig in alle soorten en maten, alle kleuren van de regenboog is wat overdreven maar er is meer dan rood, groen, geel en oranje. Niet meer alleen de bekende blokpaprika
Zo heb ik in de tuin een plant met mini-paprikaatjes en ze zijn bruin! En ja dat hoort zo voor je denkt dat ik ze te lang laat hangen.
Wist je trouwens dat de nu zo hippe puntpaprika de voorloper van de blokpaprika is? Op de een of andere manier vond de consument het uiterlijk van de puntpaprika niet zo aantrekkelijk. Bruinsma Seeds liet Leo van den Berkenmortel onderzoek doen naar een verbeterde versie. Verschillende soorten paprika's werden gekruist en zo ontstond uiteindelijk de voor de kasteelt uitermate geschikte en inmiddels overbekende blokpaprika.
Het informatieve boekje kun je online bekijken en lezen. Recepten als tempura met paprika en pestomayo, paprikajam of bijvoorbeeld gegrilde paprika met couscous en feta zijn eenvoudig te printen. Blader er maar eens doorheen, ik heb er in ieder geval weer het een en ander van opgestoken.
De paprika -tomaatchutney op bladzijde 82 is trouwens zalig al verminderde ik de hoeveelheid suiker behoorlijk. Het is maar een tip ;-)
donderdag 18 september 2014
Pimp your own salad party
Er was er één jarig hoera hoera, dat kon je wel zien dat was ik!
Ja ja dames en heren, sinds eergisteren mag ik er weer een jaar bij optellen. Van het stijgen der jaren heb ik vooralsnog geen last. Het scheelt ook best wel dat ik de jongste van de vriendenschaar ben. Dit typ ik met een grijns. Zo overschrijd ik altijd als laatste mijlpalen en het scheelt enorm als je anderen hebt zien worstelen met het feit dat ze dertig werden of veertig en die erg hoge drempel van vijftig.
Natuurlijk roepen ze daarna heel hard dat het geen enkele pijn doet. Ja houd je maar groot.
En tegen de tijd dat ik 'erbij hoor' zien sommigen alweer een nieuwe grens opdoemen. Het maakt het voor mij zoooo gemakkelijk.
Het leven moet je vieren en dat doen wij graag. Liefst met veel mensen voor extra feestvreugde.
Maar goed, net terug van vakantie, terecht komend in een aardige chaotische week, inderdaad welkom thuis, is het ook fijn om het even klein te houden.
En dat deden we. Of er nu 10 man zit of 30, er moet toch wat op tafel komen. Mijn hersens kreunden en kraakten en ineens wist ik het.
'Pimp your own salad'. Mot het nou weer in het Engels? Nou ja, zo kwam het in me op, spreek het gewoon lekker op z'n Amerikaans uit en de goegemeente verdringt zich rond je tafel.
Een handig thema waar je al je fantasie op los kunt laten.
Vier basissalades maakte ik:
Op een dienblad en op tafel zette ik:
Een pot met gedroogde tomaatjes en feta. Hier kun je lezen hoe je dat kunt maken.
Een potje met zelfgemaakte pesto.
Geroosterde paprika's met kappertjes.
Geroosterde pittenmix en ongezouten noten
Tomatentapenade
Hummus
Stukjes artisjokkenbodem
Blokjes gerookte kip.
Uitgebakken spekjes
Garnalen gebakken in wat olie met citroen en peterselie plus een ietsiepietsie knoflook.
Kaasplankje want behalve op je stokbrood kan het ook prima door de salade plus een lekker stukje Parmezaan.
Tuinkers
Olijfolie en twee simpele dressings
En nog wat kippetjes uit de oven plus een home made flammekueche. Deze laatste ging al eerder rond zodat ze niet op een houtje hoefden te bijten.
Zoonlief maakte croutons en zalige rillettes van gerookte makreel. Croutons om te strooien en rillettes om op je broodje te smeren.
Nadat we alles een plekje hadden gegeven kon iedereen los gaan. Maar niet voordat ik had geroepen : 'Come on folks, it's pimp your oooown salad time!"
Pastasalade met extra geraspte parmezaan, spekjes en kip? Je doet je best maar. Ah ook nog een lepel pesto. Van mij mag het.
Garnalen over bulgur plus wat gedroogde tomaatjes. Geen garnalen maar noten. Pastasalade met blauwe kaas, noten en extra 'gewone' sla.
Het lijkt een enorme berg aan voedsel maar ik kan jullie vertellen dat het gros soldaat was gemaakt.
Hopelijk heb ik jullie hiermee op een ideetje gebracht!
Ja ja dames en heren, sinds eergisteren mag ik er weer een jaar bij optellen. Van het stijgen der jaren heb ik vooralsnog geen last. Het scheelt ook best wel dat ik de jongste van de vriendenschaar ben. Dit typ ik met een grijns. Zo overschrijd ik altijd als laatste mijlpalen en het scheelt enorm als je anderen hebt zien worstelen met het feit dat ze dertig werden of veertig en die erg hoge drempel van vijftig.
Natuurlijk roepen ze daarna heel hard dat het geen enkele pijn doet. Ja houd je maar groot.
En tegen de tijd dat ik 'erbij hoor' zien sommigen alweer een nieuwe grens opdoemen. Het maakt het voor mij zoooo gemakkelijk.
Het leven moet je vieren en dat doen wij graag. Liefst met veel mensen voor extra feestvreugde.
Maar goed, net terug van vakantie, terecht komend in een aardige chaotische week, inderdaad welkom thuis, is het ook fijn om het even klein te houden.
En dat deden we. Of er nu 10 man zit of 30, er moet toch wat op tafel komen. Mijn hersens kreunden en kraakten en ineens wist ik het.
'Pimp your own salad'. Mot het nou weer in het Engels? Nou ja, zo kwam het in me op, spreek het gewoon lekker op z'n Amerikaans uit en de goegemeente verdringt zich rond je tafel.
Een handig thema waar je al je fantasie op los kunt laten.
Vier basissalades maakte ik:
- Pasta met citroen, zure room, bieslook, olijfolie, flink wat zwarte peper en wat zout. Paar handjes gescheurde rucola erdoor voor extra kleur, anders is het zo'n bleke boel.
- Bulgur met komkommer, tomaat, rozijntjes, citroen en peterselie. Een scheut olijfolie niet te vergeten. Uiteraard weer zwarte peper en wat zout. Als je hier regelmatig rondsnuffelt weet je dat dit mijn couscoussalade is alleen deze keer met bulgur.
- Een grote bak met verschillende slasoorten met geraspte wortel erdoor en wat tomaatjes.
- Een salade van gepofte biet met tijm en beetje knoflook. Deze zal ik binnenkort nog eens maken en het recept aan jullie geven. Gepofte biet is meer dan verrukkelijk. Vol en zoet, het heeft daarna maar weinig meer nodig.
Op een dienblad en op tafel zette ik:
Een pot met gedroogde tomaatjes en feta. Hier kun je lezen hoe je dat kunt maken.
Een potje met zelfgemaakte pesto.
Geroosterde paprika's met kappertjes.
Geroosterde pittenmix en ongezouten noten
Tomatentapenade
Hummus
Stukjes artisjokkenbodem
Blokjes gerookte kip.
Uitgebakken spekjes
Garnalen gebakken in wat olie met citroen en peterselie plus een ietsiepietsie knoflook.
Kaasplankje want behalve op je stokbrood kan het ook prima door de salade plus een lekker stukje Parmezaan.
Tuinkers
Olijfolie en twee simpele dressings
En nog wat kippetjes uit de oven plus een home made flammekueche. Deze laatste ging al eerder rond zodat ze niet op een houtje hoefden te bijten.
Nadat we alles een plekje hadden gegeven kon iedereen los gaan. Maar niet voordat ik had geroepen : 'Come on folks, it's pimp your oooown salad time!"
Pastasalade met extra geraspte parmezaan, spekjes en kip? Je doet je best maar. Ah ook nog een lepel pesto. Van mij mag het.
Garnalen over bulgur plus wat gedroogde tomaatjes. Geen garnalen maar noten. Pastasalade met blauwe kaas, noten en extra 'gewone' sla.
Het lijkt een enorme berg aan voedsel maar ik kan jullie vertellen dat het gros soldaat was gemaakt.
Hopelijk heb ik jullie hiermee op een ideetje gebracht!
vrijdag 8 augustus 2014
Gevulde omelet met roerbakgroente en garnalen
In huize Eetlust hebben we meerdere emailadressen. Slaat nergens meer op aangezien ik voornamelijk gmail gebruik en de husband communiceert via zijn werkmail.
Maar ooit, in een grijs internetverleden toen email het nieuwste van het nieuwste was maakten we een gezamenlijk adres aan. Je opende en beantwoordde mail nog via Outlook. Een aantal jaren later met de aanschaf van een nieuwe computer bleek dat je zo'n ding aardig kaal opgeleverd kreeg en was Outlook verdwenen. Op zoek naar een vervanger en ach daar was Incredimail, wat gezellig met vrolijke achtergrondjes en aardige plaatjes om de boel mee op te fleuren.
Ofschoon je na een tijdje het gevoel krijgt in een poeziealbum te zitten, je geen fluit doet met animaties laat je het programma maar zitten. Het staat er toch op, het werkt en afijn gemak dient de mens.
Goed, op dat adres komen nog wat zakelijke dingen binnen en mail van mensen die de andere mailadressen niet hebben. Een aantal dagen geleden wilde ik daar wat dringende post uitvissen. Virusmelding! Wat?? Mijn immer alerte AVG maakte er korte metten mee. Fijn, dank je AVG. Mail openen.. niks. Herstarten... niks. Paar uur later.. niks. Donderwolken pakken samen boven mijn hoofd.
Grote vriend Google brengt me naar een forum waar ik allerlei mensen tref met stoom uit de oren. Geluk bij een ongeluk, ik ben dus niet de enige. Blijkt de fout niet bij Incredimail te zitten maar bij AVG. Op fora vind je nuttige info maar ik ben altijd erg voorzichtig met het zomaar opvolgen van adviezen. Voor je het weet kun je terug naar fabrieksinstellingen, dat moeten we niet hebben.
Om een lang verhaal kort te maken, AVG bood zelf de juiste oplossing en ja hoor daar kwamen de mailtjes binnen rollen. Wat een gedoe weer. Zoveel kostbare tijd verloren. Om te koken en testen bijvoorbeeld. Nou, die zin was me vergaan. En dan grijpen we terug op een ouwe gouwe. Ei! Omelet bakken, vullen met roerbakgroente, uit een zakje ja. Je denkt toch niet dat ik met net opgeloste donderwolken ga sta snijden he. Om er een klein feestelijk tintje aan te geven bak ik er nog wat heerlijke garnalen bij.
Morgen is er weer een dag.
Je hebt nodig voor 2 personen:
4 eieren - tl sojasaus om de eieren los te kloppen - zak roerbakgroente van 600 gram - 1 rode peper - stuk of 12 grote garnalen - 2 el sojasaus - 1/2 el vissaus - 1 tl sesamolie - 1el rijstazijn - zwarte peper - gembersiroop -zout -olie of boter
Zo maak je het:
Pel de garnalen en verwijder het darmkanaaltje door een inkeping over de rug te maken. Je kunt het er nu met de punt van je mes of wat ook handig is, met een sateprikker uittrekken.
Marineer de garnalen een kwartiertje in een marinade van 2 el sojasaus. 1/2 el vissaus, 1 tl sesamolie en 1 el rijstazijn.
Klop de eieren luchtig met een tl sojasaus en een paar druppels water. Breng op smaak met flink wat zwarte peper en een klein beetje zout.
Halveer de rode peper, verwijder zaadlijsten en hak de peper in ringetjes. Roer dit door het eimengsel.
Bak twee omeletten in olie of boter op middelmatig vuur. Laat de bovenkant stollen, flip even snel om, tel tot 10 en haal het er uit. Houd warm onder alufolie.
Terwijl je de omeletten aan het bakken bent verhit je ook meteen olie in een wok. Trek die zak groente open en roerbak de groente met een scheutje sojasaus, gembersiroop, wat zout, peper. Schuif de groente aan de kant.
Haal de garnalen uit de marinade en bak nu razendsnel de garnalen in een minuut of drie gaar. Zo blijven ze lekker sappig.
Je kunt nog een beetje marinade toevoegen maar nodig is het niet. Wel lekker.
Leg op ieder bord een omelet, verdeel de groente over een helft, garnalen erop, dubbelklappen en klaar is de maaltijd.
Ook geschikt als lunch natuurlijk!
Maar ooit, in een grijs internetverleden toen email het nieuwste van het nieuwste was maakten we een gezamenlijk adres aan. Je opende en beantwoordde mail nog via Outlook. Een aantal jaren later met de aanschaf van een nieuwe computer bleek dat je zo'n ding aardig kaal opgeleverd kreeg en was Outlook verdwenen. Op zoek naar een vervanger en ach daar was Incredimail, wat gezellig met vrolijke achtergrondjes en aardige plaatjes om de boel mee op te fleuren.
Ofschoon je na een tijdje het gevoel krijgt in een poeziealbum te zitten, je geen fluit doet met animaties laat je het programma maar zitten. Het staat er toch op, het werkt en afijn gemak dient de mens.
Goed, op dat adres komen nog wat zakelijke dingen binnen en mail van mensen die de andere mailadressen niet hebben. Een aantal dagen geleden wilde ik daar wat dringende post uitvissen. Virusmelding! Wat?? Mijn immer alerte AVG maakte er korte metten mee. Fijn, dank je AVG. Mail openen.. niks. Herstarten... niks. Paar uur later.. niks. Donderwolken pakken samen boven mijn hoofd.
Grote vriend Google brengt me naar een forum waar ik allerlei mensen tref met stoom uit de oren. Geluk bij een ongeluk, ik ben dus niet de enige. Blijkt de fout niet bij Incredimail te zitten maar bij AVG. Op fora vind je nuttige info maar ik ben altijd erg voorzichtig met het zomaar opvolgen van adviezen. Voor je het weet kun je terug naar fabrieksinstellingen, dat moeten we niet hebben.
Om een lang verhaal kort te maken, AVG bood zelf de juiste oplossing en ja hoor daar kwamen de mailtjes binnen rollen. Wat een gedoe weer. Zoveel kostbare tijd verloren. Om te koken en testen bijvoorbeeld. Nou, die zin was me vergaan. En dan grijpen we terug op een ouwe gouwe. Ei! Omelet bakken, vullen met roerbakgroente, uit een zakje ja. Je denkt toch niet dat ik met net opgeloste donderwolken ga sta snijden he. Om er een klein feestelijk tintje aan te geven bak ik er nog wat heerlijke garnalen bij.
Morgen is er weer een dag.
Je hebt nodig voor 2 personen:
4 eieren - tl sojasaus om de eieren los te kloppen - zak roerbakgroente van 600 gram - 1 rode peper - stuk of 12 grote garnalen - 2 el sojasaus - 1/2 el vissaus - 1 tl sesamolie - 1el rijstazijn - zwarte peper - gembersiroop -zout -olie of boter
Zo maak je het:
Pel de garnalen en verwijder het darmkanaaltje door een inkeping over de rug te maken. Je kunt het er nu met de punt van je mes of wat ook handig is, met een sateprikker uittrekken.
Marineer de garnalen een kwartiertje in een marinade van 2 el sojasaus. 1/2 el vissaus, 1 tl sesamolie en 1 el rijstazijn.
Klop de eieren luchtig met een tl sojasaus en een paar druppels water. Breng op smaak met flink wat zwarte peper en een klein beetje zout.
Halveer de rode peper, verwijder zaadlijsten en hak de peper in ringetjes. Roer dit door het eimengsel.
Bak twee omeletten in olie of boter op middelmatig vuur. Laat de bovenkant stollen, flip even snel om, tel tot 10 en haal het er uit. Houd warm onder alufolie.
Terwijl je de omeletten aan het bakken bent verhit je ook meteen olie in een wok. Trek die zak groente open en roerbak de groente met een scheutje sojasaus, gembersiroop, wat zout, peper. Schuif de groente aan de kant.
Haal de garnalen uit de marinade en bak nu razendsnel de garnalen in een minuut of drie gaar. Zo blijven ze lekker sappig.
Je kunt nog een beetje marinade toevoegen maar nodig is het niet. Wel lekker.
Leg op ieder bord een omelet, verdeel de groente over een helft, garnalen erop, dubbelklappen en klaar is de maaltijd.
Ook geschikt als lunch natuurlijk!
dinsdag 22 juli 2014
Koude komkommer-meloensoep
Met hoge temperaturen in het vooruitzicht kondigde ik aan het fornuis op slot te draaien. Dat moet je niet al te letterlijk nemen, ontkomen doe je er toch niet aan maar even op een heel laag pitje.
Veel drinken met dit weer wordt er geroepen en dat doe ik. Met plezier giet ik liters water naar binnen. Van alleen water word je wel aardig flauw. Tijd voor koude soep! Een hartige slok doet wonderen.
Komkommersoep kent iedereen wel, ook op dit blog vind je een recept. Deze keer besloot ik het te combineren met Galia meloen.
Een halve meloen en 1 komkommer is precies goed om beide te proeven. Door de meloen krijgt het iets zoetigs zonder dat het overheersend is. Wat kruimels feta of verse geitenkaas geven het wel een extra kick en ook munt mag eigenlijk niet ontbreken.
Op zo'n tropische dag ben ik een luie kok. Niet moeilijk doen, geen gedoe met tig ingrediënten. Simpel, vers, fris!
Je hebt nodig voor ongeveer 6 glazen:
1 komkommer - 1/2 Galia meloen - 1 sjalotje - 1 liter groentebouillon - scheutje olijfolie - een spriets citroensap - zwarte peper -blaadjes verse munt - feta of verse geitenkaas en voor de liefhebbers wat kruimels gorgonzola of iets dergelijks- staafmixer
Zo maak je het:
Snipper het sjalotje. Snijd de komkommer in niet al te grote stukken. Lepel het zaad uit de halve meloen.
Verdeel de meloen in stukjes.
Verwarm de olijfolie en fruit hierin sjalotje en komkommer gedurende een minuut of vijf. Giet de bouillon erbij en breng aan de kook.
Zet je hittebron lager en laat pruttelen tot de komkommer bijna zacht en gaar is. Voeg dan de meloen toe.
Nog even zachtjes koken. Vuur uit, staafmixer erop en pureer het tot een gladde massa. In de blender kan natuurlijk ook maar dat is weer extra afwas.
Koel de pan met soep in de gootsteen met koud stromend water. Leg wel de deksel op de pan en zorg ervoor dat het water niet hoger komt dan 3/4 van de pan om te voorkomen dat je watersoep krijgt. Het is maar een tip.
Zet vervolgens in de koelkast en laat het ijskoud worden. Spriets er daarna wat citroensap naar smaak door. Geef het nog een lekkere draai zwarte peper en schep de soep vervolgens in de glazen.
Verkruimel er wat kaas over plus gescheurde muntblaadjes.
Dat is weer even wat anders dan dat eeuwige water.
Veel drinken met dit weer wordt er geroepen en dat doe ik. Met plezier giet ik liters water naar binnen. Van alleen water word je wel aardig flauw. Tijd voor koude soep! Een hartige slok doet wonderen.
Komkommersoep kent iedereen wel, ook op dit blog vind je een recept. Deze keer besloot ik het te combineren met Galia meloen.
Een halve meloen en 1 komkommer is precies goed om beide te proeven. Door de meloen krijgt het iets zoetigs zonder dat het overheersend is. Wat kruimels feta of verse geitenkaas geven het wel een extra kick en ook munt mag eigenlijk niet ontbreken.
Op zo'n tropische dag ben ik een luie kok. Niet moeilijk doen, geen gedoe met tig ingrediënten. Simpel, vers, fris!
Je hebt nodig voor ongeveer 6 glazen:
1 komkommer - 1/2 Galia meloen - 1 sjalotje - 1 liter groentebouillon - scheutje olijfolie - een spriets citroensap - zwarte peper -blaadjes verse munt - feta of verse geitenkaas en voor de liefhebbers wat kruimels gorgonzola of iets dergelijks- staafmixer
Zo maak je het:
Snipper het sjalotje. Snijd de komkommer in niet al te grote stukken. Lepel het zaad uit de halve meloen.
Verdeel de meloen in stukjes.
Verwarm de olijfolie en fruit hierin sjalotje en komkommer gedurende een minuut of vijf. Giet de bouillon erbij en breng aan de kook.
Zet je hittebron lager en laat pruttelen tot de komkommer bijna zacht en gaar is. Voeg dan de meloen toe.
Nog even zachtjes koken. Vuur uit, staafmixer erop en pureer het tot een gladde massa. In de blender kan natuurlijk ook maar dat is weer extra afwas.
Koel de pan met soep in de gootsteen met koud stromend water. Leg wel de deksel op de pan en zorg ervoor dat het water niet hoger komt dan 3/4 van de pan om te voorkomen dat je watersoep krijgt. Het is maar een tip.
Zet vervolgens in de koelkast en laat het ijskoud worden. Spriets er daarna wat citroensap naar smaak door. Geef het nog een lekkere draai zwarte peper en schep de soep vervolgens in de glazen.
Verkruimel er wat kaas over plus gescheurde muntblaadjes.
Dat is weer even wat anders dan dat eeuwige water.
donderdag 17 juli 2014
Bonensalade met gekarameliseerde ui en homemade gedroogde tomaatjes
Lekker hoor zo'n pot met zelf gedroogde tomaatjes en feta maar wat voor nuttige bestemming zullen we het eens geven. Behalve op brood leggen en zo uit de pot snoepen wat absoluut geen straf is.
Door een salade natuurlijk! Met knapperige sperziebonen en kleine zachte flageolets uit het Franse land. Je koopt ze hier gewoon in blik. Gedroogd ben ik ze bij ons nog niet tegengekomen, wie een tip heeft mag het altijd spuien!
Voor een extra contrast doen we er ook nog gekarameliseerde uien bij, nog zoiets waar we hier geen genoeg van kunnen krijgen. Meestal maak ik meteen een dubbele hoeveelheid aangezien ze multi toepasbaar zijn en in de koelkast gemakkelijk een aantal dagen houdbaar.
Die uien zijn zalig op brood met oude kaas, bij gegrild vlees, op je broodje hamburger of door geroosterde groente. En dikke maatjes met bonen.
Weet je meteen hoe deze salade is ontstaan.
Een maaltijdsalade is het niet, het is echt bedoeld als bijgerecht. En ook nog eens voor 2 personen. In een wip bouw je het natuurlijk om naar vier door simpelweg de hoeveelheden te verdubbelen.
Het recept voor de gedroogde tomaatjes met feta vind je hier. Je kunt natuurlijk ook een potje uit de winkel gebruiken. Koop dan wel die tomaten op olie. Vermeng het met wat feta, verse rozemarijn en tijm en laat het even staan zodat de smaken in kunnen trekken. Maar geloof me, zelf maken is leuker en niet geheel onbelangrijk veel lekkerder!
Je hebt nodig voor de gekarameliseerde uien:
500 gram uien - 25 gram roomboter - 1 el olijfolie - 3 el suiker - 75 ml appelciderazijn - 125 ml rode wijn - zout en peper - takje tijm
Maak de uien schoon en snijd ze in ringen. Verwarm boter met de olijfolie, leg de uien erin en bestrooi met suiker plus wat zout en peper. Rits de blaadjes van het takje tijm en doe ze er bij.. De boel omscheppen en nu op laag vuur zo'n drie kwartier zachtjes laten sudderen. Regelmatig omscheppen.
Nu azijn en rode wijn erdoor roeren en laat het nog een klein half uurtje zachtjes inkoken tot de vloeistof bijna helemaal opgenomen is door de uien.
Ja het duurt even maar dan heb je ook wat. Laat afkoelen tot lauw.
Verder heb je nodig:
250 gram sperziebonen - klein blikje flageolets - paar kleine takjes bonenkruid - peper en zout - scheutje olijfolie - spriets citroensap - paar eetlepels gedroogde tomaatjes met feta.
Maak de bonen schoon en kook ze met het bonenkruid beetgaar. Giet af in een vergiet en spoel meteen met koud water om verder garen tegen te gaan.
Laat de flageolets uitlekken. Hussel beide bonen door elkaar met een scheutje olijfolie, wat citroensap en breng op smaak met zout en peper. Strooi er nog wat verse bonenkruid over.
Een paar eetlepels gekarameliseerde uien erbij en een vrolijke schep tomaatjes met feta plus de olie.
Zoals gezegd kun je de uien die over zijn gemakkelijk een paar dagen in de koelkast bewaren. Schep het in een schone pot, draai het deksel erop en zet weg. Koud smaken ze prima maar ook met opnieuw opwarmen hebben ze geen enkel probleem.
Door een salade natuurlijk! Met knapperige sperziebonen en kleine zachte flageolets uit het Franse land. Je koopt ze hier gewoon in blik. Gedroogd ben ik ze bij ons nog niet tegengekomen, wie een tip heeft mag het altijd spuien!
Voor een extra contrast doen we er ook nog gekarameliseerde uien bij, nog zoiets waar we hier geen genoeg van kunnen krijgen. Meestal maak ik meteen een dubbele hoeveelheid aangezien ze multi toepasbaar zijn en in de koelkast gemakkelijk een aantal dagen houdbaar.
Die uien zijn zalig op brood met oude kaas, bij gegrild vlees, op je broodje hamburger of door geroosterde groente. En dikke maatjes met bonen.
Weet je meteen hoe deze salade is ontstaan.
Een maaltijdsalade is het niet, het is echt bedoeld als bijgerecht. En ook nog eens voor 2 personen. In een wip bouw je het natuurlijk om naar vier door simpelweg de hoeveelheden te verdubbelen.
Het recept voor de gedroogde tomaatjes met feta vind je hier. Je kunt natuurlijk ook een potje uit de winkel gebruiken. Koop dan wel die tomaten op olie. Vermeng het met wat feta, verse rozemarijn en tijm en laat het even staan zodat de smaken in kunnen trekken. Maar geloof me, zelf maken is leuker en niet geheel onbelangrijk veel lekkerder!
Je hebt nodig voor de gekarameliseerde uien:
500 gram uien - 25 gram roomboter - 1 el olijfolie - 3 el suiker - 75 ml appelciderazijn - 125 ml rode wijn - zout en peper - takje tijm
Maak de uien schoon en snijd ze in ringen. Verwarm boter met de olijfolie, leg de uien erin en bestrooi met suiker plus wat zout en peper. Rits de blaadjes van het takje tijm en doe ze er bij.. De boel omscheppen en nu op laag vuur zo'n drie kwartier zachtjes laten sudderen. Regelmatig omscheppen.
Nu azijn en rode wijn erdoor roeren en laat het nog een klein half uurtje zachtjes inkoken tot de vloeistof bijna helemaal opgenomen is door de uien.
Ja het duurt even maar dan heb je ook wat. Laat afkoelen tot lauw.
Verder heb je nodig:
250 gram sperziebonen - klein blikje flageolets - paar kleine takjes bonenkruid - peper en zout - scheutje olijfolie - spriets citroensap - paar eetlepels gedroogde tomaatjes met feta.
Maak de bonen schoon en kook ze met het bonenkruid beetgaar. Giet af in een vergiet en spoel meteen met koud water om verder garen tegen te gaan.
Laat de flageolets uitlekken. Hussel beide bonen door elkaar met een scheutje olijfolie, wat citroensap en breng op smaak met zout en peper. Strooi er nog wat verse bonenkruid over.
Een paar eetlepels gekarameliseerde uien erbij en een vrolijke schep tomaatjes met feta plus de olie.
Zoals gezegd kun je de uien die over zijn gemakkelijk een paar dagen in de koelkast bewaren. Schep het in een schone pot, draai het deksel erop en zet weg. Koud smaken ze prima maar ook met opnieuw opwarmen hebben ze geen enkel probleem.
Labels:
Dressing,
groente,
Kaas,
Koken voor 2,
kruiden,
Peulvruchten,
Recept,
Salade,
Tomaat
vrijdag 11 juli 2014
Kruidige zwartoogboontjes met spinazie en tomaat
Zwartoogboontjes, black-eyed beans,cornille, fagioli occhio, lobia zo maar wat namen voor een wel heel leuke boon. Geen rare snijboon maar een olijkerd met een snoeperig zwart oogje. Een kleintje in de bonenfamilie en dan moet je wel wat uiterlijk vertoon tevoorschijn toveren om een beetje op te vallen niet waar.
Deze kereltjes smaken ook nog eens buitengewoon goed en houden wel van gevarieerd gezelschap.
Of je er nu een salade van maakt met bijvoorbeeld citroen en rucola, ze verwerkt in een stoofpotje, soep of lekker met rijst en flink wat peperig gedoe. Ze vinden het allemaal best.
Koop gewoon eens een zakje bij de toko of in de supermarkt als ze het daar hebben. De Turkse winkel heeft ze vast ook. Laat een uurtje of zes weken in ruim water. Spoel daarna goed af en speur naar eventuele ongerechtigheden. Je zult toch maar net dat ene over het hoofd geziene kiezeltje kraken. Je hoeft daar niet echt bang voor te zijn, het komt niet vaak voor maar jij zult maar die pechvogel zijn. Vandaar dus.
Vervolgens zet je ze weer op met water en kook je ze in ongeveer 40 minuten gaar. Het kan wat korter zijn of net wat langer. Gewoon controleren door een boontje in je mond te steken.
Laat uitlekken in een vergiet.
Vervolgens ga je natuurlijk verder met dit recept :-) Je kunt het serveren als bijgerecht voor vier personen maar ook met zijn tweetjes eten als hoofdgerecht. Dat laatste deden wij. Op de planning stond kip in kerrie-kokossaus. Normaal gesproken trek ik de bus rijst uit de kast om erbij te serveren maar ik was even rijstmoe. Geen zin. We hebben de rijst geen seconde gemist.
Deze hoeveelheid is voldoende voor 4 personen als bijgerecht en voor 2 als hoofdgerecht.
Je hebt nodig:
200 gram gedroogde zwartoogboontjes - 200 gram verse spinazie - 1 flinke tomaat - 1 ui -3 teentjes knoflook - 1 cm gember - 2 rode Spaanse pepers - 3 tl gemalen koriander (ketoembar) - 1 tl gemalen komijn (djinten) - 1 tl kurkuma - zout - scheutje olie
Zo maak je het:
Laat de boontjes zoals hierboven al beschreven een uurtje of 5 à 6 weken in ruim water. Giet ze vervolgens af, spoel nog even om en zet ze op met schoon water. Kook in 30 tot 40 minuten gaar maar niet tot pap.
Snipper de ui en de knoflook. Hak de gember en pepers fijn. Halveer de tomaat en verdeel in stukjes.
Verwarm een scheutje olie en fruit hierin de ui, knoflook, pepers en gember op niet te hoog vuur tot de uien glazig zijn.
Voeg koriander, komijn en kurkuma toe. Schep het goed door elkaar.
Nu de stukjes tomaat erbij en laat de boel op laag vuur sudderen tot de tomaat zacht is.
Voeg boontjes toe, laat lekker warm worden om tot slot de spinazie erdoor te scheppen. Zodra de spinazie is geslonken is het klaar. Afhankelijk van je smaak nog wat zout toevoegen.
Lekker met hardgekookt ei en naan. Geef er rijst bij als je geen vlees eet.
Deze kereltjes smaken ook nog eens buitengewoon goed en houden wel van gevarieerd gezelschap.
Of je er nu een salade van maakt met bijvoorbeeld citroen en rucola, ze verwerkt in een stoofpotje, soep of lekker met rijst en flink wat peperig gedoe. Ze vinden het allemaal best.
Koop gewoon eens een zakje bij de toko of in de supermarkt als ze het daar hebben. De Turkse winkel heeft ze vast ook. Laat een uurtje of zes weken in ruim water. Spoel daarna goed af en speur naar eventuele ongerechtigheden. Je zult toch maar net dat ene over het hoofd geziene kiezeltje kraken. Je hoeft daar niet echt bang voor te zijn, het komt niet vaak voor maar jij zult maar die pechvogel zijn. Vandaar dus.
Vervolgens zet je ze weer op met water en kook je ze in ongeveer 40 minuten gaar. Het kan wat korter zijn of net wat langer. Gewoon controleren door een boontje in je mond te steken.
Laat uitlekken in een vergiet.
Vervolgens ga je natuurlijk verder met dit recept :-) Je kunt het serveren als bijgerecht voor vier personen maar ook met zijn tweetjes eten als hoofdgerecht. Dat laatste deden wij. Op de planning stond kip in kerrie-kokossaus. Normaal gesproken trek ik de bus rijst uit de kast om erbij te serveren maar ik was even rijstmoe. Geen zin. We hebben de rijst geen seconde gemist.
Deze hoeveelheid is voldoende voor 4 personen als bijgerecht en voor 2 als hoofdgerecht.
Je hebt nodig:
200 gram gedroogde zwartoogboontjes - 200 gram verse spinazie - 1 flinke tomaat - 1 ui -3 teentjes knoflook - 1 cm gember - 2 rode Spaanse pepers - 3 tl gemalen koriander (ketoembar) - 1 tl gemalen komijn (djinten) - 1 tl kurkuma - zout - scheutje olie
Zo maak je het:
Laat de boontjes zoals hierboven al beschreven een uurtje of 5 à 6 weken in ruim water. Giet ze vervolgens af, spoel nog even om en zet ze op met schoon water. Kook in 30 tot 40 minuten gaar maar niet tot pap.
Snipper de ui en de knoflook. Hak de gember en pepers fijn. Halveer de tomaat en verdeel in stukjes.
Verwarm een scheutje olie en fruit hierin de ui, knoflook, pepers en gember op niet te hoog vuur tot de uien glazig zijn.
Voeg koriander, komijn en kurkuma toe. Schep het goed door elkaar.
Nu de stukjes tomaat erbij en laat de boel op laag vuur sudderen tot de tomaat zacht is.
Voeg boontjes toe, laat lekker warm worden om tot slot de spinazie erdoor te scheppen. Zodra de spinazie is geslonken is het klaar. Afhankelijk van je smaak nog wat zout toevoegen.
Lekker met hardgekookt ei en naan. Geef er rijst bij als je geen vlees eet.
Labels:
ei,
groente,
Koken voor 2,
Peulvruchten,
Recept,
Tomaat,
Vegetarisch
dinsdag 8 juli 2014
Garnalen in luchtig beslag met prei en rode peper
Zin in garnalen. Daar heb ik regelmatig last van. Zeker zo in de zomer wanneer je lekker buiten kunt eten. Gebakken of gegrild met flink wat knoflook, rode peper, een gulle scheut olijfolie en kruidige limoen. Brood erbij, bak sla, je krijgt me zo snel tevreden.
Nu is het dan wel zomer maar om gisteren ons maaltje in de buitenlucht op te peuzelen was niet zo uitnodigend. Maar die garnalen moesten er komen.
Dus maakte ik een beslag zo licht als een veertje. Pelde garnalen en sneed geurige prei in hupse repen.
Greep wat vrolijke pepers uit de mand om ze fluitend fijn te hakken. Als je nu niet zo dol bent op dit pittige gedoe, vervang de rode peper dan gerust door een rode (punt)paprika.
Smaakt er niet minder om alleen anders. En trouwens, de hitte van de Spaanse peper zit voornamelijk in het zaad, verder valt het best mee. Neigt zelfs naar wat zoet. Of we zijn inmiddels immuun dat kan ook.
Voor 2 à 3 personen heb je nodig:
18 grote rauwe garnalen - 3 prei - 3 Spaanse rode pepers - 1 teentje knoflook - stukje gember van ongeveer een cm - 2 el sojasaus - 1 el azijn - 1 eiwit - 1 el plus een beetje maizena - 1 el witte wijn of water - arachide of zonnebloemolie
Zo maak je het:
Pel de garnalen en maak een inkeping over de lengte van de rug. Trek de darmkanaaltjes eruit. Gaat heel gemakkelijk door er even de punt van je mes onder te zetten.
Dep de garnalen goed droog. Helemaal als je garnalen uit de diepvries hebt gebruikt. Leg ze afgedekt tussen twee laagjes keukenpapier op een bord in de koelkast tot gebruik.
Maak de prei schoon. Verwijder een beetje afhankelijk van de dikte de buitenste twee lagen. Snijd iedere stengel in 4 stukken. Halveer ze overlangs. Spoel onder koud water om zandresten te verwijderen en laat uitlekken in een vergiet. Dep ook de prei daarna goed droog.
De pepers mogen ook gehalveerd worden. Zaad eruit halen. Eventueel wat laten liggen voor extra pit.
Teentje knoflook snipperen. Stukje gember even schillen en vervolgens fijnhakken.
Klop het eiwit goed schuimig met de maizena en de witte wijn cq het water.
Verhit in een niet te grote pan een centimeter of twee olie tot 180 graden. Haal de garnalen met chopsticks of een vork door het beslag en bak ze goudbruin. Als je een vork gebruikt, niet in de garnalen prikken maar de vork als een lepel gebruiken. Het overtollige beslag kan er zo ook gemakkelijk af lopen.
Laat ze uitlekken op wat keukenpapier.
Voor de prei een wok of koekenpan goed heet laten worden en dan pas een scheutje olie toevoegen. Roerbak hierin de prei, pepers, knoflook en gember. Blus af met sojasaus en azijn. Garnalen erbij, nog even snel door elkaar husselen en tot slot in een schaal laten glijden.
Serveren met rijst.
Nu is het dan wel zomer maar om gisteren ons maaltje in de buitenlucht op te peuzelen was niet zo uitnodigend. Maar die garnalen moesten er komen.
Dus maakte ik een beslag zo licht als een veertje. Pelde garnalen en sneed geurige prei in hupse repen.
Greep wat vrolijke pepers uit de mand om ze fluitend fijn te hakken. Als je nu niet zo dol bent op dit pittige gedoe, vervang de rode peper dan gerust door een rode (punt)paprika.
Smaakt er niet minder om alleen anders. En trouwens, de hitte van de Spaanse peper zit voornamelijk in het zaad, verder valt het best mee. Neigt zelfs naar wat zoet. Of we zijn inmiddels immuun dat kan ook.
Voor 2 à 3 personen heb je nodig:
18 grote rauwe garnalen - 3 prei - 3 Spaanse rode pepers - 1 teentje knoflook - stukje gember van ongeveer een cm - 2 el sojasaus - 1 el azijn - 1 eiwit - 1 el plus een beetje maizena - 1 el witte wijn of water - arachide of zonnebloemolie
Zo maak je het:
Pel de garnalen en maak een inkeping over de lengte van de rug. Trek de darmkanaaltjes eruit. Gaat heel gemakkelijk door er even de punt van je mes onder te zetten.
Dep de garnalen goed droog. Helemaal als je garnalen uit de diepvries hebt gebruikt. Leg ze afgedekt tussen twee laagjes keukenpapier op een bord in de koelkast tot gebruik.
Maak de prei schoon. Verwijder een beetje afhankelijk van de dikte de buitenste twee lagen. Snijd iedere stengel in 4 stukken. Halveer ze overlangs. Spoel onder koud water om zandresten te verwijderen en laat uitlekken in een vergiet. Dep ook de prei daarna goed droog.
De pepers mogen ook gehalveerd worden. Zaad eruit halen. Eventueel wat laten liggen voor extra pit.
Teentje knoflook snipperen. Stukje gember even schillen en vervolgens fijnhakken.
Klop het eiwit goed schuimig met de maizena en de witte wijn cq het water.
Verhit in een niet te grote pan een centimeter of twee olie tot 180 graden. Haal de garnalen met chopsticks of een vork door het beslag en bak ze goudbruin. Als je een vork gebruikt, niet in de garnalen prikken maar de vork als een lepel gebruiken. Het overtollige beslag kan er zo ook gemakkelijk af lopen.
Laat ze uitlekken op wat keukenpapier.
Voor de prei een wok of koekenpan goed heet laten worden en dan pas een scheutje olie toevoegen. Roerbak hierin de prei, pepers, knoflook en gember. Blus af met sojasaus en azijn. Garnalen erbij, nog even snel door elkaar husselen en tot slot in een schaal laten glijden.
Serveren met rijst.
dinsdag 1 juli 2014
Pasta met gehaktballetjes in rode wijnsaus met kappertjes en augurk
Weer eens aan de pasta maar deze keer met een net wat anders dan anders saus. Een geweldige smaakbom die je binnen een uur op tafel zet
Het recept heb ik uit 'Chez Rachel' van Rachel Khoo geplukt. Het boek van deze schone dame haal ik op gezette tijden weer eens van de plank. Als je je bij het kopen van een kookboek vooral laat leiden door de cover dan weet ik bijna zeker dat je met dit exemplaar al snel richting kassa stiefelt.
Gelukkig kan ze fantastisch koken anders sta je later mooi te kijken met niet kloppende recepten.
Wie nu op het linkje naar mijn review heeft gedrukt zal waarschijnlijk de wenkbrauwen optrekken. Die saus staat er toch al. Sauce Diable? De basis is inderdaad bijna hetzelfde alleen wordt er nu rode wijn gebruikt en de toevoeging van kappertjes en augurk creëert toch weer een ander smaakpalet.
Heel veel sauzen hebben een zelfde uitgangspunt. Op zich reuze handig, een paar keer maken en je hebt het onder de knie. Kun je naar hartenlust variëren. Dat heb ik nu ook een klein beetje gedaan.
Bij de pasta maakte ik gehaktballetjes. Gehaktballen zijn altijd goed. Ik kruidde ze met zout en peper, wat paprikapoeder plus verse oregano en basilicum. Heel simpel dus. Draai ze ter grootte van een walnoot. Rustig bakken in wat boter of olijfolie.
Laat die saus de ballen maar optillen. Likkebaardend lekker ook bij een biefstukje of kipfilet.
In het originele recept 'Boulettes de viande avec une sauce piquante et des pâtes d'Alsace' wat al zeer uitnodigend klinkt, worden de balletjes gemaakt van gelijke delen rundergehakt en saucijzenvlees. Dat laatste betekent niks anders dat je het vlees uit een saucijs haalt. Moet je trouwens ook eens doen met merquez! In Frankrijk wordt het gehakt bij de slager ter plekke gemalen en heeft meestal een grovere structuur.
Ik geef je dan ook alleen het recept voor de saus. Pasta koken kunnen we allemaal wel neem ik aan. De hoeveelheid is voldoende voor 4 personen.
Je hebt nodig:
1 ui - 1 winterwortel - 2 stengels bleekselderij - 50 gram blokjes of reepjes gerookt spek - 30 gram bloem - 30 gram boter - 400 ml warme runderbouillon - 1 el tomatenpuree - 175 ml rode wijn - 1 laurierblaadje - 1 takje rozemarijn - 3 takjes tijm - 8 zwarte peperkorrels - 2 el kappertjes - 2 el zure augurkjes (cornichons) - paar takjes peterselie.
Zo maak je het:
Snipper de ui. Wortel en bleekselderij in kleine stukjes snijden. Verwarm een braadpan en bak hierin de gesneden groente plus de spekblokjes gedurende een minuut of twintig op matig vuur tot de spekblokjes bruin zijn.
Je hoeft geen olie toe te voegen aangezien de spekblokjes vet afgeven.
Schep het mengsel met een schuimspaan uit de pan op een bord en bewaar.
Smelt in dezelfde pan 30 gram boter. Strooi er de bloem over en begin te roeren. Blijf roeren tot de roux bruin wordt. Pas goed op, het kan nu gemakkelijk doorschieten naar donkerbruin en dan wordt het bitter. Oftewel dan kun je het weg mikken.
Schenk nu beetje bij beetje de warme bouillon toe terwijl je met een garde de boel stevig doorroert. Klontjes in een saus is nu niet bepaald aantrekkelijk.
Klusje geklaard? Roer nu de tomatenpuree en rode wijn erdoor. Het spek-groentemengsel mag er weer bij. Plus rozemarijn, tijm, peperkorrels en een laurierblaadje.
Laat twintig minuten zachtjes sudderen. Pak een klein pannetje plus zeef. Schenk de saus door de zeef en druk met de bolle kant van een lepel goed op alles wat achter is gebleven om zo nog meer smaak in je saus te krijgen. Doe dit gerust een paar minuten.
Normaal gesproken gooi de achterblijvers weg. Dat heb ik deze keer niet gedaan. De peperkorrels , laurierblaadje en het takje rozemarijn viste ik eruit en de rest deed ik bij de balletjes die lekker lagen te pruttelen. Blij dat die ballen waren!
Je roert tot slot nog de kappertjes en fijngehakte augurk door de saus.
Verdeel pasta over voorverwarmde borden. Leg op ieder bord een paar balletjes, schep de saus erover en bestrooi met wat geknipte peterselie.
Het recept heb ik uit 'Chez Rachel' van Rachel Khoo geplukt. Het boek van deze schone dame haal ik op gezette tijden weer eens van de plank. Als je je bij het kopen van een kookboek vooral laat leiden door de cover dan weet ik bijna zeker dat je met dit exemplaar al snel richting kassa stiefelt.
Gelukkig kan ze fantastisch koken anders sta je later mooi te kijken met niet kloppende recepten.
Wie nu op het linkje naar mijn review heeft gedrukt zal waarschijnlijk de wenkbrauwen optrekken. Die saus staat er toch al. Sauce Diable? De basis is inderdaad bijna hetzelfde alleen wordt er nu rode wijn gebruikt en de toevoeging van kappertjes en augurk creëert toch weer een ander smaakpalet.
Heel veel sauzen hebben een zelfde uitgangspunt. Op zich reuze handig, een paar keer maken en je hebt het onder de knie. Kun je naar hartenlust variëren. Dat heb ik nu ook een klein beetje gedaan.
Bij de pasta maakte ik gehaktballetjes. Gehaktballen zijn altijd goed. Ik kruidde ze met zout en peper, wat paprikapoeder plus verse oregano en basilicum. Heel simpel dus. Draai ze ter grootte van een walnoot. Rustig bakken in wat boter of olijfolie.
Laat die saus de ballen maar optillen. Likkebaardend lekker ook bij een biefstukje of kipfilet.
In het originele recept 'Boulettes de viande avec une sauce piquante et des pâtes d'Alsace' wat al zeer uitnodigend klinkt, worden de balletjes gemaakt van gelijke delen rundergehakt en saucijzenvlees. Dat laatste betekent niks anders dat je het vlees uit een saucijs haalt. Moet je trouwens ook eens doen met merquez! In Frankrijk wordt het gehakt bij de slager ter plekke gemalen en heeft meestal een grovere structuur.
Ik geef je dan ook alleen het recept voor de saus. Pasta koken kunnen we allemaal wel neem ik aan. De hoeveelheid is voldoende voor 4 personen.
Je hebt nodig:
1 ui - 1 winterwortel - 2 stengels bleekselderij - 50 gram blokjes of reepjes gerookt spek - 30 gram bloem - 30 gram boter - 400 ml warme runderbouillon - 1 el tomatenpuree - 175 ml rode wijn - 1 laurierblaadje - 1 takje rozemarijn - 3 takjes tijm - 8 zwarte peperkorrels - 2 el kappertjes - 2 el zure augurkjes (cornichons) - paar takjes peterselie.
Zo maak je het:
Snipper de ui. Wortel en bleekselderij in kleine stukjes snijden. Verwarm een braadpan en bak hierin de gesneden groente plus de spekblokjes gedurende een minuut of twintig op matig vuur tot de spekblokjes bruin zijn.
Je hoeft geen olie toe te voegen aangezien de spekblokjes vet afgeven.
Schep het mengsel met een schuimspaan uit de pan op een bord en bewaar.
Smelt in dezelfde pan 30 gram boter. Strooi er de bloem over en begin te roeren. Blijf roeren tot de roux bruin wordt. Pas goed op, het kan nu gemakkelijk doorschieten naar donkerbruin en dan wordt het bitter. Oftewel dan kun je het weg mikken.
Schenk nu beetje bij beetje de warme bouillon toe terwijl je met een garde de boel stevig doorroert. Klontjes in een saus is nu niet bepaald aantrekkelijk.
Klusje geklaard? Roer nu de tomatenpuree en rode wijn erdoor. Het spek-groentemengsel mag er weer bij. Plus rozemarijn, tijm, peperkorrels en een laurierblaadje.
Laat twintig minuten zachtjes sudderen. Pak een klein pannetje plus zeef. Schenk de saus door de zeef en druk met de bolle kant van een lepel goed op alles wat achter is gebleven om zo nog meer smaak in je saus te krijgen. Doe dit gerust een paar minuten.
Normaal gesproken gooi de achterblijvers weg. Dat heb ik deze keer niet gedaan. De peperkorrels , laurierblaadje en het takje rozemarijn viste ik eruit en de rest deed ik bij de balletjes die lekker lagen te pruttelen. Blij dat die ballen waren!
Je roert tot slot nog de kappertjes en fijngehakte augurk door de saus.
Verdeel pasta over voorverwarmde borden. Leg op ieder bord een paar balletjes, schep de saus erover en bestrooi met wat geknipte peterselie.
vrijdag 27 juni 2014
Kip met paprika, limoen en een flinke schep sambal
Zo, na al die Zuid-Amerikaans georiënteerde recepten nu maar weer even de afslag naar Azië. Er gaat geen week voorbij of ik kook wel iets uit die hoek. Soms heeft het niet eens een officiële naam dan mik ik wat smaken door elkaar om het juiste effect te krijgen.
Je weet wel, een beetje van dit en een beetje van dat. En daar hoef je nog niet eens je hele kruidenla voor open te trekken.
Limoen heb ik altijd in huis, dat zal inmiddels wel bekend zijn. Ik kan niet zonder die groene gevalletjes, ze geven bijna ieder gerecht een oppepper, frissen de boel op. Neef citroen brengt hetzelfde mee maar de limoen heeft in mijn ogen en smaakbeleving iets meer complexiteit. Het is niet alleen zuur snap je, het aroma en dat zweempje parfum doen het hem.
In de koelkast stond een potje sambal oelek, bijna op en aangezien ik alle ruimte, hoe klein ook, goed kan gebruiken kieperde ik de inhoud bij de kip. Een eetlepel zoiets was het nog. Sambal is heerlijk, sambal verwarmt, zet je in vuur en vlam, en als je niet oppast compleet in de fik.
Oelek kan dat. Palmsuiker of bruine suiker zijn altijd handig om tegenwicht te bieden maar in dit geval ook limoentje met de brandblusser.
De kip in dit recept wordt eerst gemarineerd, minimaal een uur maar het liefst langer. Houd daar dus rekening mee.
Je hebt nodig voor 2 à 3 personen:
350 gram kipfilet - 1 rode paprika - 1 groene paprika - 1 ui - 2 teentjes knoflook - ongeveer 1 cm gember - 1 limoen -1 el ketoembar ( gemalen korianderzaad) - 1/4 el komijn (djinten) - 1 el sambal oelek (minder mag natuurlijk ook) - 1 el olie om te marineren - 1 el olie om te bakken - 200 ml kippenbouillon - 1 tl maizena - 1 tl zout.
Zo maak je het:
Snijd de kipfilet in hapklare brokken. Snipper de knoflook en hak de gember fijn.
Meng in een schaal 1 eetlepel zonnebloem- of arachideolie met de koriander en komijn plus een tl zout.
Knoflook, gember en stukjes kip erbij, goed husselen. Dek de schaal af met een bord, huishoudfolie of iets dergelijks en zet het minimaal een uur in de koelkast. Een nacht kan gerust.
De ui in flinke stukken verdelen, geen gesnipper deze keer.
Paprika's van de zaadlijsten ontdoen en in reepjes snijden.
Haal de kip uit de koelkast en laat even op temperatuur komen. Anders schrikken ze zo als ze koud die hete pan in gaan.
Zet pan of wok op het vuur en laat goed warm worden. Dan pas de olie erbij. Heet voor je met je ogen kunt knipperen.
Schep rustig de kip in de wok/pan en bak aan beide kanten bruin. Nu mogen paprika en ui erbij, lekker husselen. Even meebakken
Sambal erdoor roeren plus 1 tl maizena, laat het vocht binden. Het wordt wellicht een beetje een prutje. Geen zorgen, komt helemaal goed want nu voeg je de kippenbouillon toe. En het sap van een limoen.Wederom roeren en zachtjes laten pruttelen tot de saus mooi ingedikt is en kip omhuld is door een glanzend laagje.
Voeg eventueel nog wat zout en peper toe. Eten met rijst.
Je weet wel, een beetje van dit en een beetje van dat. En daar hoef je nog niet eens je hele kruidenla voor open te trekken.
Limoen heb ik altijd in huis, dat zal inmiddels wel bekend zijn. Ik kan niet zonder die groene gevalletjes, ze geven bijna ieder gerecht een oppepper, frissen de boel op. Neef citroen brengt hetzelfde mee maar de limoen heeft in mijn ogen en smaakbeleving iets meer complexiteit. Het is niet alleen zuur snap je, het aroma en dat zweempje parfum doen het hem.
In de koelkast stond een potje sambal oelek, bijna op en aangezien ik alle ruimte, hoe klein ook, goed kan gebruiken kieperde ik de inhoud bij de kip. Een eetlepel zoiets was het nog. Sambal is heerlijk, sambal verwarmt, zet je in vuur en vlam, en als je niet oppast compleet in de fik.
Oelek kan dat. Palmsuiker of bruine suiker zijn altijd handig om tegenwicht te bieden maar in dit geval ook limoentje met de brandblusser.
De kip in dit recept wordt eerst gemarineerd, minimaal een uur maar het liefst langer. Houd daar dus rekening mee.
Je hebt nodig voor 2 à 3 personen:
350 gram kipfilet - 1 rode paprika - 1 groene paprika - 1 ui - 2 teentjes knoflook - ongeveer 1 cm gember - 1 limoen -1 el ketoembar ( gemalen korianderzaad) - 1/4 el komijn (djinten) - 1 el sambal oelek (minder mag natuurlijk ook) - 1 el olie om te marineren - 1 el olie om te bakken - 200 ml kippenbouillon - 1 tl maizena - 1 tl zout.
Zo maak je het:
Snijd de kipfilet in hapklare brokken. Snipper de knoflook en hak de gember fijn.
Meng in een schaal 1 eetlepel zonnebloem- of arachideolie met de koriander en komijn plus een tl zout.
Knoflook, gember en stukjes kip erbij, goed husselen. Dek de schaal af met een bord, huishoudfolie of iets dergelijks en zet het minimaal een uur in de koelkast. Een nacht kan gerust.
De ui in flinke stukken verdelen, geen gesnipper deze keer.
Paprika's van de zaadlijsten ontdoen en in reepjes snijden.
Haal de kip uit de koelkast en laat even op temperatuur komen. Anders schrikken ze zo als ze koud die hete pan in gaan.
Zet pan of wok op het vuur en laat goed warm worden. Dan pas de olie erbij. Heet voor je met je ogen kunt knipperen.
Schep rustig de kip in de wok/pan en bak aan beide kanten bruin. Nu mogen paprika en ui erbij, lekker husselen. Even meebakken
Sambal erdoor roeren plus 1 tl maizena, laat het vocht binden. Het wordt wellicht een beetje een prutje. Geen zorgen, komt helemaal goed want nu voeg je de kippenbouillon toe. En het sap van een limoen.Wederom roeren en zachtjes laten pruttelen tot de saus mooi ingedikt is en kip omhuld is door een glanzend laagje.
Voeg eventueel nog wat zout en peper toe. Eten met rijst.
vrijdag 20 juni 2014
Kip met azijn uit Venezuela - Pollo en Vinagre
Een heerlijk kipgerecht uit Venezuela, dat verklap ik maar meteen. Hebben jullie het al door dat ik bezig ben met een Zuid-Amerikaanse week? Voorwaar geen straf!
Bij azijn denk je misschien dat het wel een zure boel zal zijn. Fout! Door het stoven mengen alle smaken tot een glanzend geheel. Er zit natuurlijk niet alleen azijn in, ook citroensap en rode wijn. Zuren hebben de fijne eigenschap dat ze de malsheid bevorderen, daarom gaat er ook in onze hachee of bij onze sucadelappen altijd een scheut azijn bij. Paprika en tomaat maken dit gerecht uit Venezuela ietwat zoetzuur. Echt het proberen waard.
Gemakkelijk van tevoren klaar te maken, handig als je gasten krijgt of gewoon niet zoveel tijd hebt. Zelf ben ik fan van de oven, de temperatuur is constant, je dekt de braadslede af en gaan met die kip. Sudderen op het fornuis is de gebruikelijke manier maar ik kook op gas en zelfs de kleinste pit gaat te hard naar mijn zin. Vandaar dat ik stoofpotjes bijna altijd in de oven schuif. Je kunt voor dit recept ook gewoon je ovenbestendige braadpan in de oven zetten hoor.
Voor 4 personen heb je nodig:
4 kippenbouten - 4 el bloem -1 rode en 1 groene paprika - 2 tomaten - 1 ui - 4 teentjes knoflook - 2 el gehakte peterselie - 1 blik artisjokkenhartjes - 2 el witte wijnazijn - 120 ml rode wijn - sap van 1 citroen - 250 gram champignons - 1 laurierblaadje - peper en zout - 6 el olijfolie
Zo maak je het:
Oven voorverwarmen op 175 graden.
Verdeel de bouten in dij en drumstick. Voel met je vinger waar het gewricht zit, zet daar een scherp mes op en je snijd het super gemakkelijk door.
Bestrooi ze met zout en peper en haal ze licht door de bloem.
Verhit de olie in een grote braadpan. Bak de stukken kip op hoog vuur aan beide kanten goudbruin.
Terwijl de kip bakt halveer je de tomaten en haal je het zaad eruit. Je kunt ze eventueel ook ontvellen maar dat vind ik niet zo nodig. Snijd in stukken. De paprika's ook doormidden snijden, zaadlijsten eruit en in flinke stukken snijden of reepjes. Knoflook en ui snipperen.
Zo, de kip is nu wel klaar. Haal ze uit de pan en leg alvast in een braadslede
Giet de olie uit de pan en veeg de pan even schoon. Wat nieuwe olie erin, vooral niet teveel.
Voeg tomaten, paprika, ui, knoflook plus het vocht van de artisjokken toe. De artisjokken nog niet!
Twee eetlepels witte wijnazijn erbij plus het laurierblaadje. Laat het nu tien minuten sudderen.
Tijd voor de rode wijn, citroensap en peterselie. Roer alles goed door elkaar.Breng verder op smaak met zout en peper en giet het over de kip.
Dek af met aluminiumfolie en schuif de kip de oven in. .
Voeg na een half uur de artisjokkenhartjes toe plus in plakjes gesneden champignons en laat nog een kwartiertje afgedekt sudderen.
Zoals gezegd kun je dit gerecht ook gewoon op het fornuis maken. De stooftijd zal praktisch gelijk aan de oven zijn. Regelmatig even kijken en eventueel een plaatje eronder zetten als je een gasfornuis hebt.
Voor erbij maakte ik rijst met bonen, mais, ui en rode pepers. Ook stond er brood op tafel om heerlijk mee door de saus te vegen. Doen!
Bij azijn denk je misschien dat het wel een zure boel zal zijn. Fout! Door het stoven mengen alle smaken tot een glanzend geheel. Er zit natuurlijk niet alleen azijn in, ook citroensap en rode wijn. Zuren hebben de fijne eigenschap dat ze de malsheid bevorderen, daarom gaat er ook in onze hachee of bij onze sucadelappen altijd een scheut azijn bij. Paprika en tomaat maken dit gerecht uit Venezuela ietwat zoetzuur. Echt het proberen waard.
Gemakkelijk van tevoren klaar te maken, handig als je gasten krijgt of gewoon niet zoveel tijd hebt. Zelf ben ik fan van de oven, de temperatuur is constant, je dekt de braadslede af en gaan met die kip. Sudderen op het fornuis is de gebruikelijke manier maar ik kook op gas en zelfs de kleinste pit gaat te hard naar mijn zin. Vandaar dat ik stoofpotjes bijna altijd in de oven schuif. Je kunt voor dit recept ook gewoon je ovenbestendige braadpan in de oven zetten hoor.
Voor 4 personen heb je nodig:
4 kippenbouten - 4 el bloem -1 rode en 1 groene paprika - 2 tomaten - 1 ui - 4 teentjes knoflook - 2 el gehakte peterselie - 1 blik artisjokkenhartjes - 2 el witte wijnazijn - 120 ml rode wijn - sap van 1 citroen - 250 gram champignons - 1 laurierblaadje - peper en zout - 6 el olijfolie
Zo maak je het:
Oven voorverwarmen op 175 graden.
Verdeel de bouten in dij en drumstick. Voel met je vinger waar het gewricht zit, zet daar een scherp mes op en je snijd het super gemakkelijk door.
Bestrooi ze met zout en peper en haal ze licht door de bloem.
Verhit de olie in een grote braadpan. Bak de stukken kip op hoog vuur aan beide kanten goudbruin.
Terwijl de kip bakt halveer je de tomaten en haal je het zaad eruit. Je kunt ze eventueel ook ontvellen maar dat vind ik niet zo nodig. Snijd in stukken. De paprika's ook doormidden snijden, zaadlijsten eruit en in flinke stukken snijden of reepjes. Knoflook en ui snipperen.
Zo, de kip is nu wel klaar. Haal ze uit de pan en leg alvast in een braadslede
Giet de olie uit de pan en veeg de pan even schoon. Wat nieuwe olie erin, vooral niet teveel.
Voeg tomaten, paprika, ui, knoflook plus het vocht van de artisjokken toe. De artisjokken nog niet!
Twee eetlepels witte wijnazijn erbij plus het laurierblaadje. Laat het nu tien minuten sudderen.
Tijd voor de rode wijn, citroensap en peterselie. Roer alles goed door elkaar.Breng verder op smaak met zout en peper en giet het over de kip.
Dek af met aluminiumfolie en schuif de kip de oven in. .
Voeg na een half uur de artisjokkenhartjes toe plus in plakjes gesneden champignons en laat nog een kwartiertje afgedekt sudderen.
Zoals gezegd kun je dit gerecht ook gewoon op het fornuis maken. De stooftijd zal praktisch gelijk aan de oven zijn. Regelmatig even kijken en eventueel een plaatje eronder zetten als je een gasfornuis hebt.
Voor erbij maakte ik rijst met bonen, mais, ui en rode pepers. Ook stond er brood op tafel om heerlijk mee door de saus te vegen. Doen!
Labels:
groente,
Kip,
Oven,
paddestoelen,
Recept,
Stoofpotje,
Tomaat,
Wereldkeuken
donderdag 19 juni 2014
Maissoep met peterselie
Een wedstrijd om zes uur met Nederland in de hoofdrol dat betekent voor de buis eten. Of het nu verstandig is om soep te serveren tijdens een WK-wedstrijd weet ik eigenlijk niet. Ik nam de gok en gelukkig liep het goed af. Geen rondvliegende lepels met dito spattende soep. Zul je net zien, de lepel zweeft richting mond, er wordt gescoord, hoera met een grote armwuif....
Nog een gruwelijker scenario als je met kom en al opspringt. Je moet er niet aan denken. Emmer en dweil hoefden hun plaats in de bijkeuken niet te verlaten.
Om een beetje in Zuid-Amerikaanse sferen te blijven maakte ik licht zoete maissoep. Je maakt je kinderen er vast ook blij mee. Voor wat extra smaakcontrast bestrooide ik het nog met ringetjes groene peper, laat dat dan maar achterwege. Alhoewel, je hebt kinderen die hun hand er niet voor omdraaien.
Achterlijk simpel om te maken. Zit je in ieder geval op tijd klaar voor de wedstrijd.
Je hebt nodig:
Blik maiskorrels van 300 gram (uitlekgewicht 285) - 1 flinke ui - 1 teentje knoflook - 110 ml melk - 750 ml kippen-of groentebouillon - 25 gram boter - 25 gram bloem - 4 el gehakte peterselie - 1 à 2 groene pepers - nachos - blender of staafmixer
Zo maak je het:
Laat de mais uitlekken in een zeef. Snipper de ui en knoflook. Doe dit trio in een blender samen met de melk. Pureren tot een homogene massa. Dit gaat ook heel gemakkelijk met een staafmixer. Het hoeft niet helemaal glad te zijn, een beetje structuur in de soep is altijd wel aangenaam. Houd je daar niet van dan moet je het nog even zeven. . Ik vind het niet nodig maar iedere mens steekt anders in elkaar.
Smelt in een pan de boter. Voeg bloem toe en vermeng dit met de boter. Laat een minuut of drie zachtjes garen.
Roer er nu met een garde om en om met kleine beetjes bouillon en maispuree door. Echt goed roeren, ook langs de zijkanten om klontjesvorming te voorkomen. Halverwege kan alles er in één keer bij.
Voeg nu ook de fijngehakte peterselie toe.
Breng aan de kook. Laat het nog een minuut of 10 zachtjes pruttelen en klaar is uw soep!
Bestrooi met ringetjes groene peper en/of stukjes nachochips. Je kunt de nacho's er ook apart bijgeven, blijft het knapperig.
Nog een gruwelijker scenario als je met kom en al opspringt. Je moet er niet aan denken. Emmer en dweil hoefden hun plaats in de bijkeuken niet te verlaten.
Om een beetje in Zuid-Amerikaanse sferen te blijven maakte ik licht zoete maissoep. Je maakt je kinderen er vast ook blij mee. Voor wat extra smaakcontrast bestrooide ik het nog met ringetjes groene peper, laat dat dan maar achterwege. Alhoewel, je hebt kinderen die hun hand er niet voor omdraaien.
Achterlijk simpel om te maken. Zit je in ieder geval op tijd klaar voor de wedstrijd.
Je hebt nodig:
Blik maiskorrels van 300 gram (uitlekgewicht 285) - 1 flinke ui - 1 teentje knoflook - 110 ml melk - 750 ml kippen-of groentebouillon - 25 gram boter - 25 gram bloem - 4 el gehakte peterselie - 1 à 2 groene pepers - nachos - blender of staafmixer
Zo maak je het:
Laat de mais uitlekken in een zeef. Snipper de ui en knoflook. Doe dit trio in een blender samen met de melk. Pureren tot een homogene massa. Dit gaat ook heel gemakkelijk met een staafmixer. Het hoeft niet helemaal glad te zijn, een beetje structuur in de soep is altijd wel aangenaam. Houd je daar niet van dan moet je het nog even zeven. . Ik vind het niet nodig maar iedere mens steekt anders in elkaar.
Smelt in een pan de boter. Voeg bloem toe en vermeng dit met de boter. Laat een minuut of drie zachtjes garen.
Roer er nu met een garde om en om met kleine beetjes bouillon en maispuree door. Echt goed roeren, ook langs de zijkanten om klontjesvorming te voorkomen. Halverwege kan alles er in één keer bij.
Voeg nu ook de fijngehakte peterselie toe.
Breng aan de kook. Laat het nog een minuut of 10 zachtjes pruttelen en klaar is uw soep!
Bestrooi met ringetjes groene peper en/of stukjes nachochips. Je kunt de nacho's er ook apart bijgeven, blijft het knapperig.
Abonneren op:
Posts (Atom)


