woensdag 30 november 2011

Bloggerdeblog

De laatste dag van de maand november alweer en mijn eerste maand als blogger zit er bijna op. Net als iedereen die van lekker eten en drinken houdt, speurde ik al rond naar recepten, wetenswaardigheden, restaurantjes etc. Nu ik mijn eigen recepten de wereld inslinger en me zelfs op Twitter heb begeven, kijk ik met weer andere ogen naar de wondere wereld der culi's en foodies. Er wordt wat afgeschreven, getwitterd, becommentarieerd, gelezen en gekookt natuurlijk. Een dagtaak heb je er aan als je alles bij wilt houden, onmogelijke opdracht.
Mijn rondreis van de afgelopen weken heeft me al zoveel nieuwe informatie gebracht dat ik me wel de vraag stelde: 'Hoe geef je dat door?' Moet je überhaupt alles door willen geven. Het probleem van de beginnende blogger is waarschijnlijk. teveel te vertellen, te weinig ruimte of tijd en bovendien wil je de lezers die je hebt ook niet overspoelen met tig mails per dag.
Adem in, adem uit dus en kalmpjes aan door. De recepten met al dan niet een anekdote of productinformatie blijven  lekker op 'Eetlust' verschijnen. Via Twitter gaan opmerkelijke of grappige zaken die ik ontdek de wereld in. Overigens vind je een aantal daarvan ook in het Dagmenu. Genoeg geleuterd voor vandaag, ik besluit deze keer met een gedicht. Niet van mezelf overigens....

Met mes en vork

Aanbraden op hard vuur;
Boter, ui, boompje peterselie
En graag dat teentje knoflook
Want die moeten erbij.

Schrik nu en kleur
Sudder. Geur.

Zeker, ik bestrooi je
Met peper en zout,
Ik prik je waar is voorgeschreven
En niettemin draai ik je teder om.
Ik blus je grote bek en even hap je
In een wolkje droge witte wijn.

Eigenlijk had ik je nog willen kietelen
Met citroensap of met mierikswortel,
Maar bij dit gerecht moet recht geschieden
En daarom garneer ik je
Met de gramschap van tomaat.

Zo, nu ik klaar ben
En jij helemaal gaar
Leg ik je neer
Op een bedje van sla.

Ja, met mes en vork
Bewijs ik je alle eer.

Roger M. J. De Neef 1941
Bron: De kou van liefde. Poëziecentrum, Gent 1999

maandag 28 november 2011

Panna cotta met Stoofpeertjes

Het afgelopen weekend rook het in onze keuken al een beetje naar Kerstmis. Stoofperen in port met sinaasappel- en citroenschil, kaneel en kruidnagel horen voor ons bij Kerst. Flauwekul eigenlijk want je kunt stoofperen eten zolang er stoofperen zijn. Daarom komen er de komende maanden meer stoofpeertjes op tafel in huize 'Eetlust'. Te beginnen met panna cotta, een stroopje van stoofperenportsap en... ja heel origineel een stoofpeer.

Mensen die mij in real life kennen, weten dat ik niet zo van de toeten ben, in restaurants ga ik meestal voor de kaas terwijl tafelgenoten de grand desserts wegwerken. Nu valt er over die kaasplanken  ook nog wel het één en ander te zeggen want uitblinken in originaliteit doen ze meestal  niet en dat terwijl Nederland  rijk is aan de meest fantastische kazen, jammer hoor. Oude kaas met stoofpeertjeschutney... mmm... daar gaan we eens mee experimenteren. Goed woord voor galgje trouwens.


Dit dessert is voor 6 personen.
Voor de stoofpeertjes heb je nodig:
8 Gieser Wildemannen stoofperen, 4 dl rode port, 1 kaneelstokje, 3 kruidnagels, stukje citroen - en sinaasappelschil, eventueel 2 el suiker.

Je kunt het al een dag van te voren maken. Stoofpeertjes schillen, steeltje eraan laten zitten.  Port met kaneelstokje, kruidnagels en een slingertje sinaasappel/citroenschil verwarmen. Peertjes erbij en zachtjes laten stoven, een uurtje of 2 1/2 duurt het wel. Mocht je het nog wat zoeter willen hebben dan kun je nog wat suiker toevoegen tijdens het stoven. Zodra de peren zacht zijn kan het vuur uit. Ik laat ze altijd er lekker in liggen tot gebruik.

Voor de panna cotta heb je nodig:
150 ml melk, 150 ml slagroom, 50 gram basterdsuiker, vanillestokje, 2 blaadjes gelatine.

Dit kun je het beste maken op de dag zelf.
Gelatine weken in bakje met koud water. Melk en slagroom met opengesneden vanillestokje en de suiker verwarmen, een minuutje of 5 tegen de kook aan houden. Gelatine uitknijpen en oplossen in het melk/roommengsel. Verdelen over 6 kleine glaasjes of bakjes en minstens 2 uur in de koelkast zetten.
Een kind kan de was doen zullen we maar zeggen.

Voor het stroopje laat je 2 dl van het stoofvocht tot bijna de helft inkoken en vervolgens afkoelen. Kook het niet te ver in, het moet nog wel vloeibaar zijn. Door het afkoelen wordt het ook nog dikker.

De opmaak:
Haal de panna cotta's uit de koelkast. Snijd 2 stoofpeertjes klein en verdeel over de glaasjes/bakjes, strooi er wat geroosterd amandelschaafsel overheen. Trek een streep stroop over het bord. Zet er een glaasje op, leg er een stoofpeer naast. Eventueel nog wat lobbig geslagen room .

Je kunt ook, zoals ik gisteren gedaan heb, de panna cotta's storten op een bord. Dan is het wellicht wel wat gemakkelijk om plastic bekertjes te gebruiken die je open kunt knippen want zonder slag of stoot ging het niet...Krijg je met niet-zo-toeterige mensen die ineens desserts gaan maken...

(10.12.11) En wellicht nog handiger... bekleed je vormpjes met vershoudfolie ... jaja we leren bij...

vrijdag 25 november 2011

Nostalgische spruitenlucht

De aanblik van spruiten in het aardappelschilmandje van mijn moeder bracht mij vroeger niet bepaald in een hallelujastemming. Al kon ik het antwoord wel raden, voorzichtig vroeg ik dan meestal ook nog of het voor diezelfde avond bestemd was. Die spruiten waren afkomstig uit mijn opa's moestuin, een enorme lap grond waarop hij van alles verbouwde. Er stond zelfs een perzikenboom, al kan ik me niet echt herinneren of er ooit eetbare vruchten vanaf zijn gekomen.Dit speelde zich allemaal af eind jaren zestig, begin jaren zeventig.

Als klein meisje was ik veel bij oma en opa te vinden, natuurlijk omdat het de liefste oma en opa van de héééle wereld waren en ... oma bakte de lekkerste pannenkoeken van de ... juist... hele wereld.
Waar ze echter niet al te best in was en dat zullen we maar aan de tijdsgeest wijten, was het koken van groente. Alles stond maar te pruttelen en te pruttelen, vaak ook nog eens door te warmen op de kachel.
Kwam ik na school gezellig even binnenvallen voor een kopje thee en koekje dan rook ik al wat ze 's middags gegeten hadden. De penetrante spruitenlucht deed mij meestal weer bijna op mijn schreden terugkeren.
Het heeft lang geduurd voor ik spruiten enigszins leerde waarderen.
Gelukkig kwam mijn moeder op een gegeven moment tot de ontdekking dat je groente helemaal niet dood hoeft te koken, het roerbakken werd ontdekt en daarmee braken er voor mij betere tijden aan...halleluja!




Daarom als eerbetoon:
De spruitjesschotel van mijn moeder. Ze zal het recept ooit wel eens ergens gelezen hebben maar voor ons is het een familierecept geworden. Wij maken het ieder jaar met Kerst als bijgerecht. Pardon, ik moet zeggen, mijn zoon maakt het ieder jaar met Kerst.

Je hebt nodig:
zak minikrieltjes ( 450 gram) - 750 gram kleine (!!) spruitjes - 150 gram spekblokjes -2 sjalotjes - klein scheutje gembersiroop - evt. geroosterd amandelschaafsel of gehakte hazelnoten.


Het gerecht kun je al een dag van tevoren maken, dat scheelt weer in de Kerstdrukte of wat voor drukte dan ook.
  • Spruitjes schoonmaken, in een pan met niet teveel water op het vuur zetten, beetgaar koken, de spruitjes mogen in een vergiet en even snel afspoelen met koud water zodat ze niet doorgaren. Wegzetten tot gebruik.
  • De krieltjes bakken in boter of een combi van boter en wat olie. Ze hoeven niet voorgekookt te worden.
  • De sjalotjes fijnsnipperen. De spekblokjes uitbakken in hun eigen vet, olie of boter toevoegen is echt niet nodig.
  • Sjalotjes halverwege toevoegen zodat ze lekker zacht worden en hun smaak af kunnen geven. Let er wel op dat je regelmatig even omschept en het vuur niet te hoog hebt staan. Verbrandde sjalotten zijn niet echt heel smakelijk.
  • De aardappeltjes zijn gebakken, de spruitjes gekookt dus die mogen bij het spek/sjalottenmengsel. Omscheppen en scheutje gembersiroop toevoegen, omscheppen, even doorwarmen, proeven en klaar!
Ter variatie: Strooi er vlak voor het opdienen wat geroosterd amandelschaafsel overheen of geroosterde gehakte hazelnoten.

Supersimpel recept toch? Als bijgerecht moet het voldoende zijn voor 6 personen, je hebt meestal ook nog een andere groente of iets dergelijks op tafel staan. Mocht je het wel als hoofdgerecht willen gebruiken in combi met een stukje vlees, ik moet meteen aan sucade denken of een lekker biologisch worstje, dan is het voldoende voor 4 personen.

woensdag 23 november 2011

Vlindertjes met gerookte zalm, witte wijn en tijm

  Deze pasta behoort tot één van mijn favoriete pasta's. Het staat in het boek 'Daily Italian' van Tobie Puttock, één van de medeoprichters van Jamie Oliver's  restaurant Fifteen London. De stijl van koken van beide mannen komt dan ook aardig overeen. Waarom zou je een lepel gebruiken als je de beschikking hebt over twee gezonde handen, zoiets in die geest.
Maar het levert heerlijke gerechten op dus mij hoor je niet klagen. Al heb ik het recept zoals gewoonlijk weer naar eigen inzicht bewerkt en aangepast. Dus.. een beetje van Tobie en een beetje van Eetlust!


Je hebt nodig:
350 gram farfalle (vlindertjespasta) - 4 el olijfolie - 80 gram boter - 3 uien - 4-5 teentjes knoflook -
2 verse rode pepers - 1 el blaadjes tijm ( verse tijm dus) - 200 ml witte wijn -een splash citroensap- 300 gram gerookte zalm(snippers)- peper en zout- vers geknipte bieslook



Zo maak je het: 

Breng een pan met water en zout aan de kook.
Snijd in de tussentijd de uien in dunne ringen en de knoflook in dunne plakjes. Zaadlijsten uit de rode pepers halen en daarna vooral niet per ongeluk in je ogen wrijven. Rode pepers fijnhakken. 
Als het water kookt, kan de pasta er in en kook je het beetgaar.
In een andere pan de olie en boter verwarmen op een zacht vuurtje. Fruit zachtjes de uiringen met de knoflook, fijngehakte rode peper en tijm. Dit duurt zo'n 15 minuten.

Hierna mag het vuur opgestookt worden en gaat de witte wijn erbij. Een paar minuutjes doorkoken zodat de alcohol kan verdampen. Haal de pan van het vuur en schep de gerookte zalm erdoor.
Giet de pasta af en schep het met extra blaadjes tijm plus wat citroensap door de saus. Proeven en eventueel wat versgemalen peper en zout toevoegen. Goed mengen. Opscheppen, bieslook erop, opdienen... eet smakelijk!

De hoeveelheid pasta die je gebruikt is natuurlijk ook afhankelijk van de samenstelling van je gezelschap; grote eters, kleine eters maar dat kun je zelf het beste inschatten. Een simpele groene salade smaakt er prima bij. Mocht je nu niet van rode peper houden, laat dat dan weg en schep er op het laatst een eetlepel kappertjes door.  Experimenteer er lustig op los en laat het me vooral weten wanneer er een niet te versmaden variant is ontstaan!

maandag 21 november 2011

Suriwrap

In 'Feestelijk dilemma' had ik het al over een wrap met een surinaams tintje. Hierbij het recept.

Je hebt nodig:

Een pak tortilla wraps ( 6 stuks)
2 (scharrel)kipfilets 
Pot Roast Red Pork marinade*
Surinaamse mayonaise (verkrijgbaar in mild. medium en hot, ik gebruik medium)
Zak gemengde sla of ijsbergsla
Lenteuitjes
Folie



Zo maak je het:

De kipfilet in smalle reepjes snijden. In een schaal doen en vermengen met ongeveer 3 eetlepels marinade. Afdekken en een uurtje of 2 lekker marineren.
Vervolgens een beetje olie verhitten, kip roerbakken, even controleren op gaarheid en zie wat een vrolijk kleurtjes de kipreepjes hebben. Even af laten koelen.
Wraps iets verwarmen in de magnetron, dan gaan ze wat gemakkelijker los.
Lenteuitjes paar keer in lengte doorsnijden.
Tortilla op plank of bord leggen, dun insmeren met de surinaamse mayonaise, sla in de breedte erover verdelen, kip er op, lenteui erop, oprollen, in de folie wikkelen en tot gebruik in de koelkast leggen. Zo nog 5 maken.
Daarna iedere tortilla in 6 stukken verdelen, op bord leggen en smullen maar.

Uiteraard kun je het ook warm serveren maar dat lijkt me vrij logisch. Koud doen ze het ook erg goed, ze vlogen afgelopen zaterdag het bord af.

*Zoals jullie zien heb ik Red Roast Pork marinade gebruikt van Faja Lobi, verkrijgbaar bij toko's en in ieder geval AH en C1000. Als je de naam van de marinade leest denk je aan varken maar daar trek ik me niks van aan, met kip is het ook geweldig lekker.

En dit is het eindresultaat.

zondag 20 november 2011

Feestelijk dilemma

Eergisteren is mijn echtgenoot weer een jaartje ouder geworden en uiteraard moest dat gevierd worden. Bij een feestje horen  familie en vrienden. Gezellig een borreltje drinken, bijkletsen, hapje erbij. Je kunt ze afschepen met een blokje kaas en een plakje worst maar dat is in huize 'Eetlust' uit den boze.
Waarschijnlijk maakt het hen niks uit maar ja als je jaren op rij iedere keer wat anders probeert te verzinnen is de enige voor wie je de lat hoog legt jezelf. Kookboeken worden doorgebladerd evenals een stapel culitijdschriften, internet wordt doorgespit; dilemma's gekweekt.

Gaan we voor een grote pan stoofvlees, nasi, doen we soep, nee soep is onhandig, of gaan we toch voor de fingerfood. Het is november, geen zomer dus op salades zit men ook niet echt meer te wachten en trouwens veel mannen moeten dat 'konijnenvoer' helemaal niet.
Gehaktballetjes, geliefd bij jong en oud, en te maken in talloze variaties zodat je niet het gevoel hebt dat je op ieder feestje diezelfde bal op tafel zet. Niet dat het de gasten uitmaakt als je jaar in jaar uit dat ene balletje presenteert, als het maar een smakelijk balletje is. Maar zo zitten we niet in elkaar; variatie doet eten!
Fingerfood is gemakkelijk voor de gasten, bewerkelijk voor de maker. Gelukkig biedt zoonlief aan te helpen, dat scheelt alweer.

donderdag 10 november 2011

Welterusten rijst

Waar vroeger veel vaders zich op zondag beperkten tot het snijden van het vlees, zoals een bepaalde reclame beweerde, stond de mijne in de keuken in zijn potten en pannen te roeren. Als klein meisje kon me dat niet bovenmatig boeien als er maar iets lekkers op mijn bord terecht kwam. Dat kon ik wel aan hem overlaten. Mijn vader was geen aardappelman, iets wat ik van hem overgenomen heb. Meestal werd het dus rijst. Wat hij daar mee deed was in mijn ogen pure magie, een tovenaar was hij, die vader van mij.
De rijst werd gewassen, water aan de kook gebracht, rijst erin, deksel erop, even goed aan de kook houden en vervolgens ging het vuur weer uit. De pan werd ingepakt met een stel kranten en vervolgens kwam er een rood met blauw geruite plaid tevoorschijn.

'Kom Elsje, we gaan de rijst in bed leggen.' Mijn vader wikkelde de plaid stevig om de pan en samen liepen we naar de ouderlijke slaapkamer waar de ingepakte pan zorgvuldig aan het voeteneind onder de dekens werd gestopt. 'Nu zachtjes zijn, want de rijst moet slapen.' Waarop ik altijd  fluisterde; 'Welterusten rijst.'

Dit was mijn vaders variant op de hooikist. De hooikist werd rond 1900 in Nederland geïntroduceerd en is in principe niks anders dan een met hooi gevulde houten kist waar de pan in gezet werd en vervolgens goed afgesloten. Er zijn vele varianten van, bijvoorbeeld kussenslopen vullen met wol, een koelbox blijkt ook voor dit doel te kunnen dienen.Er zijn mensen die deze techniek nog steeds toepassen of het herontdekt hebben want het is natuurlijk  energiezuinig en ook niet onbelangrijk, goed voor het milieu.


De langzame garing is gunstig voor de smaak èn de bodem van je pannen want aanbranden is uitgesloten. Slowcooking in optima forma!
 De variant van mijn vader blijkt niet zo bijzonder te zijn als ik lange tijd dacht, van plaidjes tot slaapzakken, ik ben het allemaal tegengekomen. Nu zelf maar eens uit gaan proberen.

maandag 7 november 2011

Alweer een blog over eten

Alweer iemand die zo nodig haar passie voor eten en alles wat daarbij komt kijken wil delen. Zijn er nog niet genoeg? Vast wel. Toch hoop ik dat het met plezier gelezen gaat worden. Al enige tijd loop ik met het idee rond. Zal ik wel of niet? Kijkend naar mijn boekenkast met kookboeken en mappen vol recepten denk ik daar toch met enige regelmaat iets leuks uit te kunnen halen. Mijn twijfel lag bij de titel van dit stukje.
Maar soms moet je gewoon op je gevoel afgaan en dat doe ik dus bij deze!

Koken en bakken doe ik al zo'n 35 jaar, het begon natuurlijk met een appelflapje of cake, pannenkoeken. Daarna voorzichtig uit de kookboeken van mijn moeder. De verrukking als het lukte, de teleurstelling wanneer het mislukte. Maar al doende leert men. En nu? Ben ik inmiddels een doorgewinterde topkok? Nee hoor, maar ik blijf het leuk vinden nieuwe gerechten te testen, probeer zo gezond te mogelijk te koken en geniet met volle teugen wanneer ik de tafel tijdens feestjes vol kan zetten met lekkere hapjes.
Iets te vol soms... maar daarover ooit meer.

Met enige regelmaat zal ik een recept plaatsen, een link met jullie delen evenals een anekdote en culinaire info van producten tot tijdschriften en restaurants.

Eet met lust!